Spring naar inhoud


Mensen willen voor bij kassa

Beste Beatrijs,

Als er iemand achter mij staat in de rij voor de kassa met bijna niets in zijn mandje, laat ik hem of haar vaak voorgaan. Laatst stond ik te wachten met mijn karretje en achter mij sloten nog twee mensen aan. Luid en duidelijk verkondigde de één dat zij wel van ‘die mevrouw’ (dat was ik dus) vóór mocht. Zij had tenslotte maar één boodschap en ze was zó slecht ter been. De ander beaamde dat volledig en zei dat hij altijd mensen met weinig boodschappen voor liet gaan. Ik keek om en zag een oudere mevrouw met een appeltaart en een meneer met een mandje met weinig. Door hun uitlatingen was de zin om hen voor te laten gaan mij totaal vergaan, al heb ik het wel gedaan. Heb ik het juist, dat je het aan de beleefdheid van mensen moet overlaten of zij hun plaats in de rij aanbieden, maar dat je er zelf niet om mag vragen?

Weggedrukt door achteropkomend verkeer

Beste Weggedrukt,

Het is heel altruïstisch van u dat u regelmatig mensen voor laat gaan in de rij voor de kassa. Waarom zou uw tijd minder kostbaar zijn dan die van andere mensen? Het is inderdaad onuitstaanbaar van die personen om over u te praten, alsof u er niet bij staat. Als iemand voor wil dringen, moet hij/zij tenminste de beleefdheid opbrengen om de persoon die hij wil benadelen nederig om toestemming te vragen. Omdat zij zo indirect te werk gingen, had u koeltjes kunnen zeggen: “Nee, het spijt me, ik ben zeer gehaast, ik heb thuis een doodzieke kanarie die op me wacht.” Maar dat doet u natuurlijk niet. Dat doe ik zelf ook niet, als iemand me vraagt of hij voor me mag. Mokkend zeg ik dan: “Gaat uw gang,” terwijl ik zelf nooit durf te vragen of ik voor mag.

Wat ik niet begrijp is dat je, in tegenstelling tot veel andere landen, nergens in Nederlandse supermarkten snelkassa’s ziet, waar mensen zich kunnen vervoegen die minder dan vijf artikelen hebben af te rekenen. Dat zou een hoop ergernis schelen.

Artikelen in Winkels.

Gelabeld met .


Twee cadeaus

Beste Beatrijs,

Onlangs waren mijn vrouw en ik te gast bij oude vrienden die ons hadden uitgenodigd voor een lunch. Van tevoren had ik mijn vrouw voorgesteld om de gastvrouw een boeket veldbloemen aan te bieden, wetend dat zij veel interesse heeft in wilde en gekweekte planten. Mijn vrouw vond dit een goed idee, en op de dag van de afspraak ben ik ’s morgens het veld ingetrokken om een fraai boeket samen te stellen.

Vlak voor wij ons op weg begaven, pakte mijn vrouw een flesje eigengemaakte vruchtensiroop in, om ook aan onze gastvrouw te geven. Ik deed er het zwijgen toe, maar inwendig voelde ik ergernis. Ik vond dat haar vruchtensiroop de symbolische waarde van het veldboeket ontkrachtte, en het effect van het aanbieden van de bloemen teniet deed. ’s Avonds spraken wij hier wel over, zonder echter overeenstemming te bereiken.

Heb ik gelijk dat gasten hun waardering beter met een attentie in enkelvoud kunnen uitdrukken? Twee attenties brengen de gastvrouw/gastheer wellicht ook in verlegenheid.

Overtroefde bloemenplukker

Beste Overtroefd,

Je ziet inderdaad wel vaker dat mensen niet één, maar twee attenties of soms zelfs een hele tas met (kleine) lekkernijen overhandigen, als ze ergens zijn uitgenodigd. Het komt allemaal door de angst niet hartelijk of niet dankbaar genoeg te lijken. Of misschien heeft men een gemiddeld bedrag in gedachten voor dit soort cadeautjes, waaraan men meent te moeten voldoen. Hoe dan ook, ik ben het met u eens dat één aardigheidje in het algemeen een krachtige indruk maakt, terwijl twee (laat staan meer) iets angsthazigs heeft.

Omdat het in uw geval echter ging om attenties uit de categorie ‘zelfgemaakt’, gaat dat bezwaar niet op. Veel mensen die zelf groente en fruit kweken en verwerken, vinden het leuk om dat weg te geven, al was het maar omdat ze niet alles zelf op kunnen. Omdat deze cadeautjes niet vanuit de portemonnee, maar vanuit het hart en met toewijding tot stand zijn gekomen, heeft de siroop het veldboeket niet gedevalueerd, en zullen gastheer en -vrouw zich niet overweldigd hebben gevoeld.

Artikelen in Cadeaus, Huwelijk en scheiding, Vrienden en kennissen.


Opgescheept met Duitse dog

Beste Beatrijs,

Na tien jaar huwelijk en twee schatten van kinderen is het goed fout gegaan tussen mijn vrouw en mij. We kwamen in een crisis en in mijn stupiditeit had ik een tijdje een minnares. Een scheiding dreigde en onderwijl vroeg mijn vrouw mij om een hond. Iets wat ik al die tien jaar tegengehouden had. Door mijn schuldgevoel (ging immers vreemd) ben ik overstag gegaan, ook omdat ik dacht dat een scheiding onafwendbaar was. Intussen zijn we in therapie gegaan, heb ik het uitgemaakt met mijn vriendin en lijkt de scheiding van de baan.

Maar die hond loopt steeds door mijn woonkamer. Aan de ene kant vind ik dat mijn vrouw die hond wel verdiend heeft, aan de andere kant kan ik er gewoon niet tegen. Het omgaan met een hond lukt me niet. Het is geen fobie. Honden van anderen vind ik leuk. Maar niet in mijn huis. Het is een Duitse dog… dus de grootste hond die er bestaat! Help.Want dit kost uiteindelijk wel ons huwelijk.

Desperaat door Duitse dog

Beste Desperaat,

Uw huwelijk is gered, maar nu zit u met een hond opgescheept. Om uw schuldgevoel te delgen had u het idee dat u uw vrouw haar zin moest geven.

Dit is een beetje een eigenaardige koehandel. Wat denkt de therapeut hierover? Ik kan me niet voorstellen dat hij/zij dit een acceptabele manier van doen vindt. Dit goedmakertje heeft toch veel weg van chantage. Stel dat uw vrouw had gezegd: ‘Ik neem je terug ondanks je bedrog, maar dan wil ik wel een parelcollier van 5.000 euro.’ Dat lijkt me geen gezonde basis voor een goede verstandhouding. Een huisdier is zo’n belangrijk element in een gezin dat partners het er over eens moeten zijn, voordat de stap daadwerkelijk gezet wordt. Ouders nemen ook geen pleegkind in huis, als een van de twee bedenkingen heeft.

U zult dus de hond opnieuw ter discussie moeten stellen. Ik raad u aan om dit onderwerp niet thuis aan te snijden, maar in aanwezigheid van de hopelijk sussende therapeut. De grootte van de hond is in dit geval extra bezwaarlijk. Zo’n enorm bakbeest dat door de huiskamer banjert is een straf op zich. Is er geen compromis te vinden voor een klein hondje? Die geven veel minder overlast en als u niet echt een hondenfobie hebt, kunt u op den duur waarschijnlijk wel wennen aan de aanwezigheid van een klein formaat hond. Ga de onderhandelingen opnieuw aan en pleit onmacht, geen onwil.

Artikelen in Huwelijk en scheiding, Vreemdgaan.

Gelabeld met .


Vrouwen weigeren hand

Beste Beatrijs,

Ik ben sociaal raadsman en 90 procent van mijn klanten is allochtoon. Waar ik moeite mee heb is dat sommige vrouwen mij, een man, bij de begroeting geen hand willen geven. Zij motiveren dit met een verwijzing naar een religieus gebod. Het zijn meestal goedopgeleide, welbespraakte meisjes. Overigens vormen zij maar een hele kleine minderheid van mijn klanten. De meeste moslimvrouwen, met of zonder hoofddoek, begroeten mij ‘normaal’ met een handdruk. De weigeraarsters vragen mijn hulp, maar willen mij niet als gelijke accepteren. Dat ergert mij. Dat zij mannen geen hand willen geven, moeten ze zelf weten; we leven in een vrij land. Wanneer zij echter van een hulpverlener in deze maatschappij iets willen, zullen ze volgens mij toch de normale omgangsvormen in acht moeten nemen. Moet ik er maar aan wennen of mag ik vasthouden aan ‘mijn waarden en normen’?

Gebruskeerde raadsman

Beste Gebruskeerd,

Ik kan wel tegen u zeggen: ‘Houdt u alstublieft vast aan uw waarden en normen’, maar wat hebt u daaraan? Ik kan ook over uw hoofd heen deze groep van moslima’s aanspreken en hen opdragen zich aan de maatschappelijke conventies te houden, maar ze zullen heus niet naar me luisteren. Iedereen kan hoog of laag springen, maar als moslimvrouwen geen hand willen geven, dan geven ze geen hand. Hoe meer de omgeving hen smeekt om een beetje normaal te doen, hoe dieper zij zich ingraven. Tegen principiële zeloten staat iedereen machteloos.

Het is irritant gedrag waarvan je vermoedt dat bepaalde vrouwen het erom doen, maar het weigeren van uitgestoken handen is geen misdrijf, er kan niets tegen worden ondernomen. Het enige wat u kunt doen is u voornemen om uzelf er niet door op de kast te laten jagen. Een professionele raadsman moet zijn emoties tussen haakjes kunnen zetten, zodat er aan de zaak gewerkt kan worden. Hoe vervelend ook in persoonlijk opzicht, het niet-geven van handen is te futiel om er een volwaardige botsing tussen culturen van te maken. Misschien kunt u zich troosten met de gedachte dat morele superioriteit eerder schuilt in losheid dan in dogmatiek.

Artikelen in Aanspreken en begroeten, Zakelijke relaties.

Gelabeld met .


Geldcadeau kan wél

Beste Beatrijs,

Naar aanleiding van de vraag over envelopjes-met-inhoud (‘Openmaken of niet’, Trouw, 14 juni) wil ik het volgende opmerken: in onze tijd van ‘alles hebben’, blijven soms grote wensen onvervuld. Dan staat er op het verlanglijstje: ‘graag een bijdrage voor dit of dat’, en dan ben je als genodigde blij dat je niet hoeft te zoeken naar een passend cadeautje. Zo veranderen gebruiken.

Soms kan geld wel

Beste Soms kan,

Natuurlijk kunnen mensen één groot ding willen in plaats van twintig kleine cadeautjes. Toch kan de jarige of de jubilaris de inzameling van zo’n gemeenschappelijk cadeau beter uitbesteden aan een goede vriend of familielid dan zelf achter de kassa plaats te nemen en baar geld in ontvangst te nemen.

Op zo’n manier ziet de ontvanger niet in één oogopslag wat de ander hem ‘waard’ vindt, want de afzonderlijke giften worden gepooled tot één gemeenschappelijk cadeau, dat door de organisator ofwel in z’n volle glorie, ofwel symbolisch, maar in ieder geval met een zeker ceremonieel kan worden overhandigd. Dat is toch aardiger, dan wanneer genodigden geacht worden bankbiljetten op te dokken (‘Zeg, heb je toevallig vijf euro terug? Ik wil je 25 geven, maar heb alleen briefjes van twintig en tien’).

Artikelen in Cadeaus, Festiviteiten.

Gelabeld met .


Onbetrouwbare broer

Beste Beatrijs,

Mijn ouders zijn beiden ver in de 80. Mijn vader is zwaar dement en ook lichamelijk erg slecht. Sinds een aantal jaren beheert mijn broer het geld van mijn ouders. Hij heeft tot alles toegang en kan met de pasjes geld van de rekening(en) halen. Mijn moeder bemoeit zich nergens mee en mijn zus en ik weten helemaal niets. Mijn zus nog een beetje, omdat haar man het belastingformulier voor mijn vader invult ieder jaar.

Ik heb al eens geprobeerd om dit bespreekbaar te maken. Mijn zus zegt dat ze mijn broer vertrouwt en daar blijft het bij. Ik heb zelf al eens gezien dat mijn broer artikelen voor hemzelf met mijn vaders pasje betaalde, maar op mijn vragende blik zei hij: ‘Dat verreken ik straks’. Mijn moeder doet voor de boodschappen een beroep op mijn broer, die om de hoek woont (zelf woon ik 100 km verderop). Mijn ouders hebben altijd flink gespaard en er moet heel wat zijn. Mijn broer is als jongste altijd erg verwend en heeft erg veel geld nodig, dat hij momenteel ook wel zelf verdient, geloof ik. Met mijn moeder heb ik daar nooit over kunnen spreken. Ze wordt dan heel fel en geeft me het idee dat ik achterdochtig ben. Ik wil mijn moeder absoluut niets afhandig maken. Ik wil alleen weten hoe het zit. Hoe moet ik dit aanpakken?

In het duister tastend

Beste In het duister,

Het probleem is dat u uw broer niet helemaal vertrouwt. U vermoedt dat hij met de pasjes van uw ouders wel eens wat voor zichzelf koopt, en dit bedrag later niet teruggeeft. Het kan om kleine bedragen gaan of om grote, u hebt geen flauw idee. Als een van uw ouders sterft, komt er in ieder geval duidelijkheid. Er is misschien een testament, en zo niet, dan treedt het gewone erfrecht in werking, dat door een notaris wordt afgehandeld. Op dat moment weet u ook precies wat er nog over is, want de overlevende ouder heeft recht op de ene helft, de kinderen op de andere helft, en al die cijfers komen op papier te staan.

Afgezien daarvan heeft u toch een behoorlijke controle op de financiële situatie van uw ouders via uw zwager, die jaarlijks hun belastingen afhandelt. Deel uw zorgen met uw zuster/zwager en vraag hen hoe het zit. Als hij de belastingopgave van uw ouders verzorgt, moet hij beschikken over dagafschriften en overzichten van spaartegoeden. Onregelmatigheden in de trant van een afboeking voor een vliegreis naar een warm land of de aanschaf van een Porsche moeten hem opvallen. Kleinigheden, zoals 40 euro boodschappen bij de supermarkt waarvan 20 ten eigen bate, vallen natuurlijk niet op.

De vraag is of u zich daar mee bezig moet houden. Normaal gesproken vertrouwen broers en zusters elkaar. U kunt uw broer niet met goed fatsoen vragen of hij zijn uitgaven en zijn afhandeling van uw ouders financiële administratie aan u wil verantwoorden. Dat is zo’n ongelooflijke motie van wantrouwen, dat komt nooit meer goed. Ik zou zeggen: vertrouw hem, anders riskeert u een levenslange vete. Wat kan het u schelen, als hij kleine bedragen achterover drukt? En voor grote bedragen fungeert uw zwager als controleur.

U kunt beter ophouden met erover te tobben. Wees blij dat uw broer zoveel doet voor uw ouders.

Artikelen in Broers en zussen, Ouders en volwassen kinderen, Ziekte.


Bij ex-vrouw over de vloer voor kinderen?

Beste Beatrijs,

Ik ben sinds een half jaar gescheiden en mijn leven begint weer een beetje vorm te krijgen. Ik mis mijn twee kinderen elke dag sinds ik weg ben en, naar ik begrijp, zij mij ook. Ik probeer de bezoekregeling zo goed als het kan na te komen, maar soms lukt het niet omdat ik in het weekend dienst heb. Ik zie ze normaal elk weekend. Nu zegt mijn ex dat ik de kinderen verlies als ik niet wat vaker bel en/of wat vaker langs kom om mee te eten en ze in bed te leggen. Moet ik ingaan op die uitnodiging? Wat is het beste voor mijn kinderen? Het lijkt mij voor hen verwarrend als ik weer te pas en te onpas op de stoep sta.

Onzekere vader

Beste Onzeker,

Uw vrouw vindt dat er te weinig contact is tussen u en uw kinderen en nodigt u uit om af en toe mee te eten en ze in bed te leggen. Dat lijkt me een prima plan en het is ook prettig dat uw vrouw blijkbaar geen moeite heeft om u over haar vloer te hebben. Ik zou daar zeker op ingaan, als ik u was. Het is voor u ook plezierig om uw kinderen in hun eigen omgeving mee te maken. Dan gaat alles veel spontaner en vanzelfsprekender dan in het weekend, wanneer u voor vertier moet zorgen.

Maak wel duidelijke afspraken met uw vrouw. Maak er een (hooguit twee) vaste avonden van in de week. Na uw werk gaat u naar haar huis, kookt mee, eet mee, bemoeit u met de kinderen, en als ze in bed liggen, gaat u weer naar uw eigen huis. Als u en uw ex de scheiding op zo’n manier kunnen vormgeven, heb ik daar de grootste bewondering voor en het lijkt me voor de kinderen ook heel goed. Ze weten echt wel dat u niet meer bij hen woont en dat u uw eigen huis hebt. Maar het is fijn voor hen om nog een beetje een huis-, tuin- en keukenvader te hebben en niet alleen een weekendvader.

Artikelen in Exen, Huwelijk en scheiding, Kinderopvoeding.

Gelabeld met .


Vriendin is slecht gekleed

Beste Beatrijs,

Wij zijn twee meisjes van veertien en we maken ons zorgen over een vriendin van ons. Ze draagt kleding die helemaal niet bij haar figuur past (ze is nogal stevig). We vinden dat ze voor gek loopt. Mensen mogen wel in hun eigen kledingstijl lopen, maar we willen niet dat ze gepest wordt. We vinden het moeilijk om hier over te beginnen, omdat dit volgens ons heel gevoelig ligt. Hoe zouden we dit het beste tegen haar kunnen zeggen zonder haar te kwetsen?

Bezorgde vriendinnen

Beste Bezorgd,

Het is inderdaad riskant om iemands kledingstijl te bekritiseren. De persoon om wie het gaat trekt zich dat toch altijd persoonlijk aan. Maar jullie schrijven dat het om een vriendin van jullie gaat. Dan moet het iets makkelijker zijn, want vrienden accepteren dingen van elkaar, zeker wanneer de sfeer gezellig is.

Het moet een beetje terloops gebeuren. Zeg dus niet tegen haar: “We willen een probleem met jou bespreken en dat gaat over je kleding…” Beter is het als jullie je vriendin mee uit winkelen nemen. Stel je hebt een nieuwe broek nodig of een jurk, of wat dan ook. Dan gaan jullie met z’n drieën een paar winkels af, je past wat kleren, en je vraagt haar of ze dat leuk vindt staan. Intussen kijk je ook of je dingen ziet waarvan je denkt dat die leuk voor haar zouden zijn. Als je iets ziet, dan kun je haar suggereren om het even aan te trekken. Het gaat er niet om dat ze iets nieuws moet kopen, maar dat ze iets aanpast dat haar veel beter staat dan wat ze normaal draagt. Heb je haar zo ver dat ze iets anders aan heeft getrokken, dan kun je ook commentaar geven. Als je ergens enthousiast over bent (“O, dit staat je heel erg goed”), dan is het makkelijker om te zeggen dat andere dingen minder goed staan. Omdat je bovendien ook naar haar mening vraagt (over wat je zelf aanpast en misschien wil kopen) is het gesprek geen eenrichtingsverkeer. De kans is in ieder geval groter dat ze naar jullie mening luistert, zonder dat ze het idee krijgt dat jullie haar afkammen.

Artikelen in Tieners, Vrienden en kennissen.

Gelabeld met , .


Boog van buren

Beste Beatrijs,

Over een paar maanden zijn wij 25 jaar getrouwd. Wij wonen op het platteland in Friesland, in een buurtschap van ongeveer 80 inwoners. Eén van onze buurvrouwen weet dat dit jubileum eraan komt en wanneer. En wij verwachten dan ook dat zij de overige buurtbewoners zal mobiliseren om een feestelijke boog te maken, die zij dan de nacht vóór de bewuste datum voor ons huis zullen installeren.

Eigenlijk willen wij dit niet. Hoe kunnen wij op een vriendelijke manier aangeven dat wij dit niet willen. Of zullen we maar niks zeggen en het over ons heen laten komen (omdat de buurt hier alleen maar goede en leuke bedoelingen mee heeft)?

Aankomend 25-jaar-jubies

Beste Aankomend,

Dit lijkt me zo’n traditie uit de tijd dat dorpelingen lief en leed met elkaar deelden en als vanzelfsprekend elkaars bruiloften en begrafenissen bezochten. Dit is iets waar u liever niet aan onderworpen wordt. U wilt liever buitenstaander blijven. Dat kan, als u de buurvrouw niet als tegenstander beschouwt maar als potentiële medestander.

Neem uw buurvrouw in vertrouwen. Maak haar quasi-naïef deelgenoot van uw zorg over wat er te gebeuren staat. U zegt dat u gehoord heeft van de aloude boog-traditie en dat u met de mogelijkheid rekening houdt dat ‘de mensen uit het dorp’ ook voor u zoiets in elkaar gaan timmeren. Vervolgens legt u uit dat u hier tegenop ziet en waarom, maar u bezweert haar dat u niemand voor het hoofd wilt stoten. Vraag haar hoe ze denkt dat de anderen zullen reageren op het feit dat u geen boog wilt. Als ze zegt: “O, daar zal niemand zich aan storen”, dan kunt u haar vragen om eventuele mensen die het plan opvatten een boog te maken te ontmoedigen. Als ze zegt: “Ja, de mensen zullen het wel arrogant of kapsoneachtig vinden als jullie dat niet willen”, dan kunt u altijd nog zeggen: “O, dan moet het maar gewoon doorgaan.”

U maakt uw wensen dus niet rechtstreeks kenbaar aan de buurvrouw, maar indirect. U doet een beroep op haar kennis van het buurtleven, de tradities en haar verwachting over de houding van de buurtgenoten. Over haar hoofd heen spreekt u het dorp aan. In werkelijkheid spreekt u alleen tegen haar, maar dat weet zij niet, want u heeft haar gevangen in de rol van deskundige wier hulp u inroept en zij zal niet te beroerd zijn om u ter wille te zijn.

Artikelen in Buren, Huwelijksjubileum.