Spring naar inhoud


Wekelijks ‘Moderne manieren’ in uw inbox ontvangen? Abonneer u nu op de Nieuwsbrief.

De adviesrubriek ‘Moderne manieren’ gaat over etiquette en verschijnt iedere zaterdag in het dagblad Trouw (bijlage ‘tijd’), maar ook direct op Internet: zie Beatrijs in Trouw. Lees daar haar nieuwste bijdrage. Daarna komen alle problemen op deze website terecht.

Hebt u zelf een vraag over (in)correct gedrag van uzelf of anderen, dan kunt u die insturen via beste@beatrijs.com. U krijgt vrijwel altijd persoonlijk antwoord, en uw vraag kan gebruikt worden voor anonieme publicatie in het dagblad Trouw en op deze website, tenzij u er expliciet bezwaar tegen maakt.

Ook te volgen op Twitter: @BeatrijsRitsema

Artikelen in Etiquette.


Ongelijkwaardige inzet

Beste Beatrijs,

Mijn vriend en ik (beiden 25) wonen nu een jaar samen en studeren nog. Ik (vrouw) heb mijn studie altijd gecombineerd met baantjes die goed passen bij wat ik hierna wil doen. Ik verdien dan ook meer dan hij. Zelf ben ik wel klaar met het studentikoze leven. Ik vind het fijn om normale, gezonde maaltijden te eten, een bloemetje in huis te hebben en te investeren in een leuk ingericht appartement. Mijn vriend geeft niet om geld en werk. Zijn ouders betalen nog veel voor hem en hij leeft op restjes en water.

Gevolg is dat ik meer betaal dan hij. Het avondeten betalen we samen, maar snacks, een borrelhapje of wijn neemt hij van mij, omdat hij het zelf niet zou kopen. Aan andere kosten (schoonmaker, de klussen in huis, af en toe een afhaalmaaltijd) draagt hij ook niet bij. Ik sta regelmatig muurtjes te witten of te klussen met een vriendin, terwijl hij niet wil helpen of meebetalen, omdat hij het overbodig vindt. Ik vind het niet erg om soms wat meer te betalen, maar het verschil met hem wordt nu wel heel groot. Hoe kan ik de harmonie tussen ons bewaren zonder dat mijn rekening leegloopt en de stiekeme frustraties zich opstapelen?

Studentikoos samenwonen

Beste Studentikoos samenwonen,

Uw vriend heeft geen behoefte aan de dingen die horen bij een meer gesetteld bestaan. Maar hij en u wonen wel samen, dus dat wringt. 25 is aan de jonge kant voor het leven dat u graag wil – in ieder geval voor mannen. Die zijn op die leeftijd vaak nog helemaal niet toe aan het soort routine die u graag wil. Daar komt een geldprobleem bij. U geeft meer uit aan het gemeenschappelijk belang, u doet er ook meer (klus)werk voor, en uw vriend laat het zich aanleunen. Om te beginnen zou u een gemeenschappelijke rekening moeten openen, waarop u en uw vriend maandelijks een vast bedrag storten voor de huur, de dagelijkse boodschappen, de energie en andere vaste lasten. Individuele uitgaven en extraatjes komen dan voor eigen rekening. Dan hoeft er niet over noodzakelijke uitgaven gesteggeld hoeft te worden. Verder is het van belang om een gesprek te voeren over de toekomst. Heeft uw vriend een planning? Wat wil hij na zijn studie? Blijven rondhangen in de man cave of serieus aan het werk? Hoe denken hij en u over de toekomst van de relatie? De liefde van elkaars leven? Of ziet hij het vrijblijvender?

Als u nu geen open gesprek over geld voert, kan dat u later lelijk opbreken.

Hoe sterker uw vriend zich aan u verbonden acht, hoe meer u erop kunt vertrouwen dat het wel goed komt. Maar er moet wel sprake zijn van een gelijkwaardige inzet. Als hij minder financieel kan bijdragen, zou hij dat kunnen compenseren door meer activiteit in het huishouden. Bespreek met hem dat u geen zin hebt om uw spaarrekening te zien slinken, omdat hij zo weinig kan of wil bijdragen. Als u nu geen open gesprek over geld voert, kan dat u later lelijk opbreken. Veel hangt af van hoe uw vriend de toekomst voor zich ziet en of dat een beetje overeenkomt met uw verwachtingen. Als hij op een minimum wil blijven zitten en verder ook geen ambitie vertoont, passen u en uw vriend misschien toch minder goed bij elkaar.

Artikelen in Liefde en relaties.

Gelabeld met , .


Toespraak voor dochter

Beste Beatrijs,

Binnenkort gaat onze dochter trouwen met haar vriend. Zijn er etiquetteregels voor speeches? Wie van de ouders spreekt er? Hoe lang en waarover? Over het verleden voor het huwelijk of over hun toekomst?

Huwelijksspeech

Beste Huwelijksspeech,

Ja, het is zeker passend dat een van de ouders van de bruid en een van de ouders van de bruidegom een toespraakje houdt bij het huwelijk van zoon of dochter. Wie dat doet maakt niet uit. Traditiegetrouw voeren de vader van de bruid en de vader van de bruidegom het woord, maar het kan net zo goed de moeder zijn. Dat kunnen ouders onderling bepalen. Zo’n speech moet niet te lang zijn. Vijf à zeven minuten is prima. Het moet een persoonlijk verhaal zijn over de levensloop van de bruid (dan wel de bruidegom) tot dusver. Een kleine karakterschets met typerende voorbeelden van waar het kind zich mee bezighield en wat hem of haar uniek maakt. Het is leuk als er anekdotes in zitten, waar iedereen om kan lachen. Verder een paar aardige woorden over de partner met wie het kind trouwt en tot slot zijn er gelukwensen voor de toekomst.

Artikelen in Bruiloft.


In verlegenheid met bonus

Beste Beatrijs,

De overheid heeft een ruimhartige beloning van € 1000 toegezegd aan alle mensen die in de zorg in de frontlinie hebben gestaan tijdens de vorige lockdown. Een mooi gebaar. De zorgorganisatie waar ik werk heeft besloten deze bonus aan te vragen voor álle medewerkers die in die periode hebben gewerkt. Zij willen geen onderscheid maken tussen de mensen die in de frontlinie stonden en de mensen op de achtergrond. Ieders inzet was immers nodig om continue zorg te blijven bieden. Zelf heb ik een functie op de achtergrond, waardoor ik weinig extra stress heb gekend. Ik had eerder last van verveling. Ook de besmettingen vielen mee, er was zeker geen sprake van een grote uitbraak. Nu ben ik in verlegenheid met de bonus. Ik twijfel: is het beter om deze te weigeren? Dan verdwijnt het misschien in de diepe zakken van de overheid. Zal ik het aannemen en een deel schenken aan een goed doel? Ik heb het geld niet nodig, maar een extraatje is natuurlijk altijd welkom.

Onverdiende bonus

Beste Onverdiende bonus,

De zorgorganisatie waar u werkt heeft besloten om de bonus voor alle medewerkers aan te vragen ongeacht hun precieze werkzaamheden. Dat lijkt me ook verstandig, omdat het erg ingewikkeld is om onderscheid te maken tussen medewerkers die het meer of minder hebben verdiend. Op deze manier krijg je in ieder geval geen scheve ogen van mensen die zich benadeeld voelen, als ze buiten de boot zouden vallen.

U vindt dat de bonus u niet toekomt, omdat u niet in de voorste gelederen hebt gewerkt. Ik raad u aan om toch maar te accepteren. Als u het geld weigert, vloeit het terug naar de algemene middelen van de overheid. Het gaat heus niet linea recta naar een behoeftig persoon die het goed zou kunnen gebruiken. Dan kunt u beter zelf het extra geld voor iets goeds aanwenden. Stuur het bedrag in z’n geheel of gedeeltelijk naar een goed doel, dat u een warm hart toedraagt. U mag best een deel zelf houden om er iets leuks voor uzelf of uw gezin mee te doen.

Artikelen in Corona, Zakelijke relaties.

Gelabeld met .


De doden van lang geleden

Beste Beatrijs,

We begraven onze doden in het heden en verleden met zorg en eerbied. Daarmee geven we uiting van liefde en respect voor de overledene. Is het dan wel juist dat we in Egypte de graven openbreken en dat de vondsten verdeeld worden over de musea? Ook in Nederland vinden regelmatige archeologische opgravingen plaats waarbij graven, overigens zeer zorgvuldig, worden ontheiligd. Wat zouden wij ervan vinden dat opa of oma over 500 jaar in hun oude kleding worden tentoongesteld in het archeologisch museum van de nieuwe stad Norden aan de kust van de sterk uitgedijde Noordzee? Kortom, wat zegt de etiquette hierover?

Respect voor de doden

Beste Respect voor de doden,

Hoe ouder bepaalde vindplaatsen met menselijke resten, hoe minder scrupules er bestaan voor opgraven en musealisering. U noemt het voorbeeld van graven openbreken in Egypte, maar er is tegenwoordig geen sprake meer van verdeling van de opgegraven mummies en schatten over musea in de rest van de wereld. Wat in een bepaald land wordt opgegraven blijft in dat land. Er is zelfs een groeiende beweging om archeologische vondsten en kunstvoorwerpen die in vorige koloniale eeuwen verscheept zijn naar Europese musea terug te brengen naar het land van herkomst. In Europa zelf worden ook vondsten gedaan uit prehistorische tijden. Neem bijvoorbeeld de jager die de naam Utzi kreeg die in een gletsjer werd gevonden of het veenmeisje in Drenthe, dat ook ergens in een vitrine ligt nadat er onderzoek op gedaan is.

Ik zie geen principieel verschil tussen het opgraven van dinosaurusbotten of het opgraven van mummies of toevallig geconserveerde menselijke resten, zoals van inwoners in Pompei. Van 99,999 procent van de doden blijft toch niets over, en al helemaal niet in geval van crematie. Maar de afstand in tijd tussen een gevonden of tentoongestelde dode en de levenden is een belangrijke factor. Zo vond ik persoonlijk die in 2010 rondreizende tentoonstelling ‘Body Worlds’ van zogeheten ‘geplastineerde lichamen’ van recent overledenen tamelijk smakeloos (ik heb hem dan ook niet bezocht), ook al hadden betrokkenen er zelf toestemming voor gegeven en ook al had de tentoonstelling geen sensationele, maar informatieve oogmerken. Zo’n mentale drempel ervaar ik niet met overblijfselen van mensen die lang geleden zijn overleden. Ik heb dan ook geen probleem met het idee dat er over vijfhonderd jaar iemand van nu, gekleed in spijkerbroek, telefoontje in de hand geklemd, in een museum (toch ook een soort heiligdom) te bewonderen zal zijn.

Artikelen in Dood en begrafenis.


Afscheidsgroet

Beste Beatrijs,

Ik werk bij een vakbond en heb veelvuldig contact met leden. De norm is dat wij in de contacten met leden tutoyeren en in e-mailverkeer mensen aanspreken met de voornaam. Ik heb een verschil van mening over wat de correcte manier is om een zakelijk telefonisch gesprek met onze leden af te sluiten. Ikzelf sluit vaak af met bijvoorbeeld ‘Doei’. De leden met wie ik heb gesproken gebruiken verschillende bewoordingen: ‘Joe joe’, ‘Hoi hoi’, ‘Groetjes’, ‘Houdoe’. Wat is de juiste manier om een zakelijk telefonisch gesprek te beëindigen?

Ter afsluiting

Beste Ter afsluiting,

Ik heb mijn bedenkingen over het vanzelfsprekend tutoyeren van vakbondsleden in telefoongesprekken en e-mailverkeer. Ik bedoel: u kent die mensen toch niet persoonlijk? En zij elkaar onderling ook niet. U schrijft dat dit de norm is bij de vakbond, maar het is toch geen klaverjasclub, waar leden en bestuur elkaar allemaal kennen en biertjes met elkaar drinken?

Een vakbond is een formele organisatie die erop gericht is de zakelijke (financiële) werknemersbelangen van de leden te dienen. In formele, zakelijke organisaties in Nederland spreekt men elkaar met u aan (zeker in massa-mails), tenzij in kleine kring als mensen elkaar persoonlijk kennen als collega’s en als men regelmatig met elkaar te maken heeft. Ik vraag me af of vakbondsleden van eind vijftig het op prijs stellen om getutoyeerd te worden door iemand van 25 die in de leiding zit en die ze nooit ontmoet hebben.

Enfin, uw vraag gaat ergens anders over: hoe sluit je een telefoongesprek af? Als de gesprekspartners elkaar niet kennen, raad ik toch een formele variant aan: ‘Tot ziens’, ‘Da-ag’ of ‘Prettige dag’. Mensen die elkaar kennen kunnen alles zeggen wat in hun hoofd opkomt: ‘Doei’ of ‘Doeg’, ‘Hoi’, ‘Werk ze’, ‘De mazzel’, ‘De ballen’ of dat soort kreten. Of gewoon met de standaard afscheidsgroet ‘Da-ag’.

Artikelen in Aanspreken en begroeten, Taalgebruik, Telefoon, Zakelijke relaties.

Gelabeld met .


Boter bij de vis

Beste Beatrijs,

Als single vrouw heb ik in deze eenzame coronatijd een lopende afspraak met een bevriend stel om eens in de week met hen mee te eten. Ik maak hier graag gebruik van en vind het heel lief dat ze aan me denken. Dit heb ik ook meerdere keren tegen hen gezegd. Elke keer als ik kom eten voel ik mij verplicht een kleinigheid mee te nemen. De ene keer een paar bloemen, de andere keer wat chocolaatjes. Ik heb het niet zo breed, maar wil toch een gebaar maken als dank voor hun gastvrijheid. Ik vroeg me af of dit eigenlijk wel nodig is. Mag ik ook gewoon met lege handen aankomen?

Wekelijks mee-eten

Beste Wekelijks mee-eten,

Een vaste, wekelijkse afspraak om mee te eten betekent dat u een huisvriendin bent in de klassieke zin des woords: zo vertrouwd dat plichtplegingen niet meer nodig zijn. Dan hoeft u geen gastattentie mee te brengen. Uw vrienden hebben geen extra moeite aan het eten besteed met voorafjes of speciale recepten, zoals ze zouden doen bij een incidentele uitnodiging. Ze maken een gewone, dagelijkse maaltijd, waarbij u voor de gezelligheid mag aanschuiven. Hun gastvrijheid vereist geen wekelijkse tegenprestatie behalve een mondeling bedankje. U kunt hun altijd later nog eens een leuke bos bloemen of een andere attentie geven. Of hen eens bij u uitnodigen.

Artikelen in Eten en drinken, Traditionele etiquette, Visite, Vrienden en kennissen.

Gelabeld met , .


Een goede kerstdaad

Beste Beatrijs,

Een Franse vriendin van mijn vriend en mij van lang terug heeft haar leven niet goed voor elkaar. Bovendien kan ze niet met geld omgaan. Haar familie heeft er genoeg van en wil haar niet meer helpen. Ze is ons dierbaar, maar we zien haar door de afstand nog maar zelden, wat we prima vinden.

Een paar weken terug vroeg ze of ze geld van ons kon lenen, omdat er door een ongelukkige samenloop van omstandigheden pas begin volgend jaar zicht is op een uitkering. Dit verzoek viel een beetje rauw op ons dak. Mijn vriend zei in eerste instantie nee. Ik zag het als een noodkreet. In het kader van de kerstgedachte en omdat wij het kunnen missen, hebben we uiteindelijk besloten om haar een aantal weken achter elkaar een bedrag over te maken ter overbrugging. Dat leek ons beter dan een bedrag in één keer te geven. De kans is dan ook groter dat het aan primaire levensbehoeften wordt besteed. We hebben geen terugbetalingsafspraken gemaakt. Het gebaar is dankbaar ontvangen. Met het idee mogelijk eindeloos achter ons geld aan te moeten zien we het maar als een eenmalig cadeau. Achteraf vraag ik mij af of dat verstandig was. Hadden we het bedrag toch moeten lenen?

Noodkreet uit Frankrijk

Beste Noodkreet uit Frankrijk,

U en uw vriend willen deze vriendin helpen. U kunt het geld missen. Beschouw het bedrag als een gift en niet als een lening. Dat scheelt u gezeur om de lening weer terug te krijgen en bovendien hebt u op deze manier een goede kerstdaad verricht. Als uw vriendin later weer bij u aanklopt om geld, kunt u nee zeggen met een verwijzing naar uw eerdere lening die u, zoals zij moet hebben beseft, stilzwijgend hebt omgezet in een schenking.

Artikelen in Vrienden en kennissen.

Gelabeld met , .


Kerstpakket recyclen

Beste Beatrijs,

Ik ben een alleenstaande vrouw van 69 jaar met een krappe portemonnee. Ik pas met veel plezier elke woensdagmiddag op mijn kleinzonen van zes en acht jaar. Dit jaar kreeg ik als bedankje van mijn dochter, hun moeder, een kerstpakket met allerlei heerlijke dingen: kerstkransjes, chocolade, tulband, zoutjes etc. Op eerste Kerstdag komt het hele gezin bij mij op bezoek. Ik maak eten klaar. Kan ik de lekkernijen uit hun eigen kerstpakket presenteren bij wijze van borrelhapjes en dessert?

Koekje van eigen deeg

Beste Koekje van eigen deeg,

O ja, zeker kunt u het gezin van uw dochter de inhoud van het kerstpakket presenteren, als ze bij u langs komen. Absoluut! Dat is meestal toch te veel om in uw eentje op te eten, dus het komt goed van pas dat zij er flink van mee-eten. Op die manier hoeft u zelf ook minder (dure) lekkernijen te kopen. Er zijn alleen maar voordelen om de familie hun eigen kerstpakket voor te zetten.

Artikelen in Eten en drinken, Feestdagen, Ouders en volwassen kinderen.

Gelabeld met .


Eindejaarsfooi

Beste Beatrijs,

De krantenbezorger die in alle vroegte elke dag zijn werk doet krijgt van mij een mooi extraatje, als hij aanbelt met de beste wensen. Maar van de week belde er ook een tienermeisje aan dat blijkbaar elke week folders in onze straat rondbrengt. Het gaat om reclamefolders die ik altijd ongelezen bij het oud papier deponeer. Eigenlijk zou ik zo’n ja/nee-sticker moeten hebben, maar ja. De jongedame overhandigde mij de folders en wenste me prettige feestdagen. Ik was even van mijn stuk, maar antwoordde toen dat ik eigenlijk geen behoefte heb aan die reclame. Volgens mijn vrouw was dat een krenterige reactie en had ik gewoon wat moeten geven, want ‘dat hoort nu eenmaal zo’. Voor wie is de eindejaarsfooi eigenlijk bedoeld?

Wie krijgt een fooi?

Beste Wie krijgt een fooi,

Uw vrouw heeft gelijk: bezorgers van kranten, huis-aan-huisblaadjes en folders bellen traditioneel tegen het eind van het jaar aan bij de mensen van hun wijk en krijgen dan een geldbedrag. Zo kunnen ze hun (niet al te royale) verdiensten een beetje opkrikken. De krant is natuurlijk belangrijker dan reclamefolders en de krantenbezorger kan doorgaans op een steviger fooi rekenen dan de folderbezorger, maar u hebt geen ja/nee-sticker op uw brievenbus, dus de folderbezorgster denkt dat u graag reclame wil en dan mag ze ook op een eindejaarsfooi rekenen. Geld- en milieusparend voornemen voor het nieuwe jaar: naar de gemeente om een ja/nee sticker op te halen.

Artikelen in Post, Traditionele etiquette, Zakelijke relaties.

Gelabeld met , , .