Spring naar inhoud


De adviesrubriek ‘Moderne manieren’ gaat over etiquette en verschijnt iedere zaterdag in het dagblad Trouw (bijlage ‘tijd’), maar ook direct op Internet: zie Beatrijs in Trouw. Lees daar haar nieuwste bijdrage. Daarna komen alle problemen op deze website terecht.

Hebt u zelf een vraag over (in)correct gedrag van uzelf of anderen, dan kunt u die insturen via beste@beatrijs.com. U krijgt vrijwel altijd persoonlijk antwoord, en uw vraag kan gebruikt worden voor anonieme publicatie in het dagblad Trouw en op deze website, tenzij u er expliciet bezwaar tegen maakt.

Nu ook te volgen op Twitter! @BeatrijsRitsema

Artikelen in Etiquette.


Dominante zwager

Beste Beatrijs,

Mijn familie (drie broers, een zus en hun echtgenoten) heeft als traditie om op elkaars verjaardag te komen. We wonen enigszins verspreid en anders zie je elkaar nooit. Nu is mijn zwager een enorm aanwezige man die graag met luide stem hele monologen voert. De rest van het gezelschap komt er niet meer aan te pas. Mijn vriendin gaat om die reden zelden mee naar familieverjaardagen. Mijn familie blijft vriendelijk, we willen mijn zus ook niet voor haar hoofd stoten (zij zegt zelf er ook last van te hebben). Binnenkort ben ik zelf jarig en ik wil mijn familie graag zien, maar dan zonder zwager. Hoe pak ik dit aan?

Feestje zonder zwager

Beste Feestje zonder zwager,

Er is natuurlijk geen enkele manier waarop u uw zus kunt uitnodigen en haar in dezelfde adem te verstaan geven dat ze haar man moet thuislaten. Dat zult u zelf ook wel inzien. De zwager maakt deel uit van de familie, omdat hij getrouwd is of samenwoont met uw zus. Ook al is hij lastig, hij kan niet worden uitgesloten van familiebijeenkomsten. De oplossing van het probleem moet elders worden gezocht. De zwager moet er met zachte of minder zachte hand toe worden gebracht een toontje lager te zingen. Aangezien zijn gedrag bij iedereen irritatie oproept, moet het niet zo moeilijk zijn om met de andere familieleden van tevoren af te spreken dat iedereen zich deze keer eens wat actiever opstelt en niet langer alles over zich heen laat komen. Het is allemaal familie daar in die huiskamer, iedereen kent elkaar al jaren, niemand hoeft een blad voor de mond te nemen, dus om de beurt kan iemand de zwager onderbreken: ‘Oké Wim, nu weten we het wel, we gaan het ergens anders over hebben.’ En dan ook meteen een eigen verhaal vertellen, een ander balletje opgooien, een vraag aan iemand anders stellen.

Als de zwager zich te dominant opstelt, moet de rest van het gezelschap hem afremmen door een grapje te maken, door hem te onderbreken en zonder plichtplegingen ergens anders over te beginnen of door vriendelijk te vragen of iemand anders eens wat mag zeggen. De rest van de familie hoeft niet voor deurmat te spelen. Waarschijnlijk vindt de zwager het zelfs wel leuk (en anders zijn vrouw wel) als hij eindelijk eens weerstand ondervindt in plaats van in z’n eentje de conversatiekar door de modder te moeten trekken.

Artikelen in Broers en zussen, Schoonfamilie, Verjaardag.


De zakdoek, stof of papier

Beste Beatrijs,

Onze kinderen zijn kleuter-af en we willen ze leren dat hard je neus ophalen niet netjes is en dat ze beter een zakdoek kunnen gebruiken. Mijn man gebruikt zelf stoffen zakdoeken, en hoewel ik dat uit milieuoogpunt wellicht zou moeten toejuichen vind ik het onhygiënisch, ouderwets en een beetje vies. Als je verkouden bent is zo’n ding met één keer snuiten kleddernat. Hij wil de kinderen opvoeden met de stoffen variant. Hoe ziet u de publieke acceptatie van de stoffen zakdoek in onze tijd? Krijgen mijn kinderen straks ‘Je lijkt wel een oude opa’ te horen?

Wat voor zakdoek?

Beste Wat voor zakdoek,

De katoenen zakdoek is in ongenade gevallen. Hij wordt niet of nauwelijks meer gebruikt behalve misschien door senioren uit gewoonte. De belangrijkste reden hiervoor is hygiëne. Na een keer snuiten is het ding al een broeinest van bacteriën. Andere mensen vinden het onprettig als een verkouden persoon voortdurend met een kledderige lap om zich heen zwaait. Sinds een jaar of dertig ligt de algemene voorkeur bij papieren zakboekjes of tissues die na gebruik worden weggegooid.

Het lijkt niet erg nuttig om uw kinderen op te voeden om altijd een stoffen zakdoek bij zich te hebben. Ze raken die dingen toch maar kwijt. U kunt ze beter leren dat ze hun neus niet hard maar zachtjes moeten ophalen. KNO-artsen geven de voorkeur aan de neus ophalen boven de neus snuiten. Hard snuiten geeft meer druk in de voorhoofdsholtes, waardoor de kans op ontstekingen toeneemt. Stevig je neus snuiten is een even irritant geluid als stevig je neus ophalen, dus dan kun je beter zachtjes ophalen dan hard snuiten. Enfin, af en toe moet er natuurlijk toch worden gesnoten (maar zachtjes, niet trompetteren!) om het overtollige vocht af te voeren. In dat geval moeten kinderen een papieren zakdoekje, een tissue of een stuk keukenpapier nemen, desnoods een paar velletjes wc-papier en dat na gebruik weggooien.

Artikelen in Ziekte.

Gelabeld met .


Zeuren over uitgeleende spullen

Beste Beatrijs,

Het overkomt me nogal eens dat ik een uitgeleend boek of dvd niet spontaan binnen een redelijke termijn terug krijg. Het is al heel vervelend om na geruime tijd een verzoek tot teruggave te moeten doen, maar er ontstaat nog meer frustratie wanneer de persoon in kwestie het object niet meer kan vinden, of beweert het al lang te hebben teruggegeven, of zelfs beweert het nooit geleend te hebben. Hoe kan ik zoiets aanpakken?

Mijn spullen terug!

Beste Mijn spullen terug,

Het is inderdaad heel vervelend om ergens over te moeten zeuren, maar als u iets graag terug wil hebben, zult u wel moeten. Wacht hier niet te lang mee. Als het boek of de dvd niet uit zichzelf binnen drie weken terugkomt, begin dan uw zeuroffensief. Wacht niet tot u de persoon toevallig tegenkomt, maar bel op of stuur een mailtje met het verzoek om het geleende terug te krijgen.

Als u langer dan drie weken wacht, stijgt de kans dat lener ofwel het object is kwijt geraakt, ofwel zegt dat hij het al teruggegeven heeft, ofwel beweert dat hij het nooit geleend heeft. Vraag het dus terug na drie weken. Wanneer lener niet over de brug komt, stuurt u een week later een aanmaning. Mocht u het nog op kunnen brengen, eventueel een derde verzoek tot restitutie. Krijgt u dan nog steeds nul op het rekest, moet u uw verlies nemen en ophouden met zeuren. Dit soort problemen kan worden voorkomen door nooit aan wie dan ook iets waar u aan gehecht bent uit te lenen, behalve aan iemand die u compleet vertrouwt, maar zelfs dan blijft u een risico lopen. Een andere mogelijkheid is om met uzelf af te spreken dat iets uitlenen hetzelfde is als iets cadeau geven. U leent iets uit en u neemt er tegelijkertijd afscheid van. Het voordeel van op die manier ertegenaan kijken is dat u nooit meer hoeft te zeuren.

Artikelen in Traditionele etiquette.

Gelabeld met .


Op zeker moment is er geen verschil meer tussen mad en bad

Zoals velen die het staartje van de jaren zestig bewust meemaakten heb ik een tijdje met het marxisme geflirt. In mijn geval kwam dat neer op het volgen van een ‘scholing’ met wekelijkse bijeenkomsten op de zondagavond, waarop we ons doordeweeks dienden voor te bereiden door dikke boeken van Marx, Engels en Lenin te lezen. Daarnaast herinner ik me nog een christelijk geïnspireerd marxismeclubje, waar geen huiswerk aan te pas kwam. Hier werd vrijblijvend gediscussieerd over de spijtige staat van de wereld en hoe je die zou kunnen verbeteren. Deze activiteiten gaven mij een goed gevoel van maatschappelijk geëngageerd bezig zijn zonder dat ik daadwerkelijk iets met de verworpenen der aarde zelf te maken hoefde te hebben.

Toen de scholingscursus op z’n eind liep en deelnemers voor de vraag werden gesteld hoe ze de sprong van theorie naar praktijk dachten te kunnen maken (je aanmelden als actievoerder bij de havenstaking was toch wel het minste waartoe je geacht werd je bereid te tonen), wist ik dan ook niet hoe snel ik dat hele marxisme weer achter me moest laten. Folders uitdelen aan arbeiders zonder klassenbewustzijn of, erger nog, met een vals bewustzijn? Jakkes!

In de periferie van die aspirant-marxisten bevond zich J., een zachtaardige wietroker met desondanks radicale ideeën. J. zat niet bij de scholing, hij was geen type voor huiswerk, maar kon af en toe uit uitbarsten in verontwaardiging over diverse oorlogshaarden in de wereld en woede op het kapitalisme in het algemeen. Zijn engagement lag vele streepjes hoger dan dat van de theoretici in de studieclubjes. Toen hij het opnam voor de moordpartijen van de RAF met het Lenin-argument ‘waar gehakt worden vallen spaanders’ oftewel ‘je kunt geen omelet maken zonder eieren te breken’, hield ik op met bij hem langs te gaan om koffie te drinken en naar zijn goed voorziene platencollectie te luisteren. Niet lang daarna hoorde ik via via dat hij opgehouden was met zijn studie en overwoog om een bepaald viaduct tot ontploffing te brengen.

Een paar jaar later hoorde ik dat hij zelfmoord had gepleegd – zonder geweld tegenover ander mensen trouwens.

Geen zin in verantwoordelijkheid voor andermans geestelijk welbevinden.

J. was typisch zo’n getroebleerd persoon, van wie ik redelijk snel het idee kreeg dat ik beter bij hem uit de buurt kon blijven. Niet uit beduchtheid voor zijn extreme opvattingen (die nam ik niet serieus), maar uit weerzin tegen iemand die niet spoort. Er zijn meer van die mensen geweest (geen radikalinski’s) die ik in eerste instantie best wel oké of interessant vond, maar die ik toch op afstand zette, omdat ik op een onbestemde manier moeilijkheden voorzag. Die er vaak ook kwamen. Een beetje sneaky glibber ik daar ruim van tevoren onderuit. Geen zin in ingewikkeld gedoe in de vriendschap en vooral geen zin in verantwoordelijkheid voor andermans geestelijk welbevinden.

Ik ben onaangedaan genoeg om geen last te hebben van schuldgevoelens in een treurige zaak als de zelfmoord van J. Anderzijds heb ik hem in een veel eerder stadium natuurlijk wel keihard laten vallen. Als ik me betrokken had opgesteld, meer op hem ingepraat, de hulpverleners ingeschakeld of wat dan ook, had hij misschien gered kunnen worden. Ik moet altijd aan J. denken, als het over Anders Breivik gaat. Iemand bij wie ten slotte iedereen zich uit de voeten maakte omdat hij ten diepste niet spoorde, waarna zijn extremistische ideologie in krankzinnig geweld explodeerde.

Met de moslimterroristen van de slachting op Charlie Hebdo ligt het niet anders. Een gewelddadige consequentie trekken uit een ideologie gebeurt in een zuurstofloze omgeving van volledig gelijkgestemden: als er niemand wordt toegelaten om iets anders te berde te brengen. In dat isolement vervalt het onderscheid tussen mad en bad, een conditie waar Lenin ook veel ellende mee heeft berokkend en waar ik veertig jaar geleden even aan gesnoven heb.

Artikelen in Column.


Schoonzus drijft wig in familie

Beste Beatrijs,

De afgelopen twee jaar heb ik verschillende aanvaringen gehad met mijn schoonzus die mij altijd af kat, met als gevolg dat ik haar zo veel mogelijk uit de weg ga. Mijn man kan ook slecht met de vriendin van zijn broer overweg, maar hij trekt het zich minder aan dan ik. Nu gaat dit stel trouwen en mijn man is als getuige gevraagd voor zijn broer en uitgenodigd voor de hele huwelijksdag. Dit alles zonder mij. Eigenlijk voel ik mij het meest gekwetst door mijn man, die overal ja op heeft gezegd en dus niet voor mij kiest. Hij zou ook de halve dag kunnen gaan toch? Hij wil geen ruzie met zijn broer en ik wil niet tussen de broers komen, maar hier klopt iets niet. Heb ik dit nu over mijzelf afgeroepen of zie ik het verkeerd?

Een splijtende bruiloft

Beste Een splijtende bruiloft,

Bent u niet uitgenodigd of bent u zelf niet van plan om naar dat huwelijk te gaan? Dat maakt nogal wat uit. Het zou inderdaad heel merkwaardig zijn als uw man vrolijk feest viert op het huwelijk van zijn broer, terwijl u daar ongewenst bent. Het is van tweeën één: ofwel uw man is getuige op het huwelijk van zijn broer en dan bent u vanzelfsprekend ook de hele dag welkom. Ofwel u bent persona non grata en dan kan uw man helaas geen getuige zijn (ook niet voor een halve dag).

Als u wel bent uitgenodigd, maar u voelt er zelf niets voor, raad ik u aan om u over uw weerzin tegen de schoonzus heen te zetten en voor de duur van die dag mooi weer te spelen. Ook ter wille van de loyaliteit met uw man. Dat moet toch wel op te brengen zijn? Tenslotte hoeft u zich niet veel met uw schoonzus te bemoeien op haar trouwdag. Ze zal wel andere dingen aan haar hoofd hebben dan u dwars zitten en afkatten, en u zult andere mensen tegenkomen om een gezellige dag mee te hebben. Als het echt een kwestie is dat het bruidspaar u niet wil zien op die dag (u bent dus nadrukkelijk niet uitgenodigd), dan zou uw man zich loyaal aan u moeten betonen en tegen zijn broer moeten zeggen dat hij alleen getuige kan zijn, als zijn vrouw ook mag komen. Voor de algehele familieverhoudingen is het verreweg het beste, als niemand wordt uitgesloten en als niemand koppig thuis blijft, terwijl hij/zij wel welkom is.

Artikelen in Bruiloft, Schoonfamilie.

Gelabeld met .


Onbetrouwbare vriendin

Beste Beatrijs,

Ik ben een meisje van 20 jaar en heb een vriendin van de basisschool. We komen op elkaars feestjes en we spreken wel eens wat af. Laatst plande ik met haar een voorlopige koffieafspraak in via whatsapp. Voorlopig, want ze zou het nog bevestigen, maar ik heb niets meer van haar vernomen. Het is nu drie weken later en ik begrijp de hint eindelijk. Ze wil niet met me afspreken! Ze heeft me wel eens bij de bios laten wachten voor niets en verschuift afspraakjes altijd op het laatste moment. Ik ben teleurgesteld, maar tegelijkertijd wil ik wraak. Ik ben gekwetst. Ik had echt het idee dat ze mij net zo leuk vond als ik haar. Hoe gedraag ik me de volgende keer, als ik haar ontmoet? Hoe confronteer ik haar? Moet ik haar negeren, net zoals dat ze mij drie weken lang heeft gedaan?

Hoe zet ik het haar betaald?

Beste Hoe zet ik het haar betaald,

Laat het zitten. Uw vriendin van vroeger heeft niet zo’n belangstelling meer voor u. Dat kan gebeuren, nietwaar? Aan vriendschappen komt wel vaker een eind. Het heeft geen zin om haar onder druk te zetten om zich aan afspraken te houden. Het heeft ook geen zin om wraak te nemen. Dat u een vriendin bent verloren betekent toch niet dat u een vijand erbij moet krijgen? Zij heeft een afslag genomen, laat haar gaan zonder de achtervolging in te zetten. U zult nog wel andere vriendinnen hebben om koffie mee te drinken. Als u haar weer eens tegen komt, knikt u haar beleefd toe en u blijft verder op afstand. U hoeft haar nergens mee te confronteren, u hebt de boodschap begrepen, de vriendschap is voorbij. Zo gaan die dingen.

Artikelen in Vrienden en kennissen.

Gelabeld met , .


Schade herstellen

Beste Beatrijs,

Onlangs heb ik een schaal van een vriendin laten vallen. Niet een dure of bijzondere, maar hij maakte deel uit van een servies. Ik heb direct gezegd dat ik een nieuwe ging kopen, hoewel zij dat niet nodig vond. Dezelfde schaal bleek niet meer te krijgen, waarna ik haar vroeg wat voor schaal het dan zou moeten zijn. Het antwoord was dat het haar echt niet uitmaakte. Ik heb dus iets gekocht en haar reactie was: ‘Wat een afschuwelijke schaal!’ Ik hield hier een vervelend gevoel aan over. Achteraf bleek het wel degelijk uit te maken wat ik zou aanschaffen. Dat had ze beter meteen kunnen zeggen, toen ik ernaar vroeg. Was die reactie van mijn vriendin niet een beetje overtrokken? Of had ik niet moeten aandringen om een nieuwe te kopen? Mijn animo om nu nog een andere schaal te halen die wel haar smaak is, is ook even een stuk minder. Wat vindt u?

Schaal valt niet goed

Beste Schaal valt niet goed,

Als iemand andermans bezit kapot maakt, moet degene die de schade veroorzaakt heeft een compensatieaanbod doen. De gedupeerde kan hier ja of nee tegen zeggen. Vaak wordt zo’n aanbod weggewuifd, omdat mensen het de moeite niet vinden om hun vrienden te laten betalen voor een ongelukje. Maar het aanbod om de schade te vergoeden moet altijd wel gedaan worden. Omdat voorwerpen bijna nooit door een identiek exemplaar vervangen kunnen worden, is geld de beste compensatie. Toen u merkte dat de bewuste schaal niet meer verkrijgbaar was, had u aan uw vriendin moeten vragen hoe duur die was, en haar dit bedrag moeten geven. Dan had ze zelf iets kunnen uitzoeken. De schadeveroorzaker kan beter niet op eigen initiatief een vervangend object gaan kopen, want je weet maar nooit of dat in goede aarde valt.

Dit hebt u niet handig aangepakt. Wat niet wegneemt dat uw vriendin behoorlijk bijterig reageerde op uw goedbedoelde substituut, wat ook weer overdreven was. Ik zou zeggen: bied uw vriendin alsnog geld aan. De verkeerde schaal neemt u mee terug en u zet hem op Marktplaats. Dan krijgt u misschien (een deel van) uw investering terug. Maar hopelijk is uw vriendin intussen zo ver om de mantel der liefde over het incidentje heen te gooien.

Artikelen in Vrienden en kennissen.

Gelabeld met .


Tot de laatste snik hun beste beentje voor

In de kerstvakantie was ik in de ban van Mr. en Mrs. Bridge, een fictief Amerikaans echtpaar uit de jaren dertig waarvan de lotgevallen zijn opgetekend door Evan S. Connell. Hij schreef met een tussenpauze van tien jaar een tweeluik over dit stel, toepasselijk getiteld Mrs. Bridge (1959) en Mr. Bridge (1969). Twee boeken van ongeveer een halve eeuw geleden die zich op hun beurt zo’n twintig, dertig jaar daarvoor afspelen in of all places Kansas City (gelegen bij de staat die vooral bekendheid geniet als de regio waar Dorothy van The Wizard of Oz uitgeslingerd werd door een tornado). De diepe Amerikaanse provincie dus. Het is alsof de verrekijker, waarmee je terug de tijd in kijkt, zelf ook nog een verrekijker ingebouwd heeft.

In deze diepe provincie leidt het echtpaar met hun drie kinderen een buitengewoon onopmerkelijk leven. De grote depressie gaat geheel en al aan hen voorbij, want Mr. Bridge kan als hardwerkende advocaat zijn gezin van alle comfort voorzien. Mrs. Bridge lijkt op het eerste gezicht de interessantste van de twee en met haar begon ik dan ook. Beide boeken hebben niet de gewone structuur van een stromend verhaal dat met zijpaden en al ergens naar toe gaat, maar ze zijn opgebouwd uit kortere en langere vignetten die telkens een gebeurtenis uit het dagelijks leven in de schijnwerper zetten. Het effect is een soort verstilling, alsof je door zo’n archaïsche viewmaster (niemand onder de vijftig weet waarschijnlijk nog wat dat is) naar haarscherpe, driedimensionale beelden zit te kijken. Of naar een museumdiorama.

Er is alleen een onbestemd smachten.

Mrs. Bridge is moeder en huisvrouw – dat laatste pro forma want er is een dagelijkse (zwarte) huishoudster die het werk opknapt. Mrs. Bridge is een sussende, beetje bangige persoonlijkheid die confrontaties uit de weg gaat, zich in alles laat leiden door haar man en op elk moment een passend cliché bij de hand heeft. Ze vult haar tijd met kinderen, zolang die nog klein zijn, ze koopt de bestsellerboeken, ze schaft een gramofoonplaatcursus Spaans aan. Er zijn vriendinnen, vrijwilligerswerk, de kerk, en niets beklijft of maakt een krasje. Mrs. Bridge verveelt zich, maar het pijnlijke is dat ze niet beseft dat ze zich verveelt. Er is alleen een onbestemd smachten. Af en toe doet zich een sprankje hoop voor, een flits van een mogelijkheid dat er iets anders zou kunnen bestaan dan leegte, bijvoorbeeld wanneer ze tegen haar man zegt dat ze, net als een vriendin van haar, misschien wel in psychoanalyse zou willen. Natuurlijk vindt Mr. Bridge dat modieuze onzin en daar valt de doek weer met een doffe plof over de kooi.

Het therapiegesprekje komt niet eens voor in Mr. Bridge’ eigen boek dat dezelfde periode bestrijkt, maar alleen op hoofdpunten dezelfde gebeurtenissen aanstipt. De hoofdpersonen leiden parallelle levens binnen de intieme ijzeren structuur van een ontegenzeggelijk goed huwelijk, terwijl ze niet meer dan een vaag besef hebben van wie de ander eigenlijk is. Ik schreef bijna ‘wat de ander drijft’, maar het punt van dit tweeluik is juist dat er geen sprake is van drijfveren, en ook niet van drama, want iets ergs gebeurt er niet. Er is alleen conventie. Mr. Bridge is het archetype van de steile conservatief die onverstoorbaar zijn biefstuk blijft dooreten bij het naderen van een tornado. Streng maar rechtvaardig en liefdevol als huisvader, voorzien van de destijds gebruikelijke vooroordelen tegen minderheden, maar tegen elke individuele zwarte of jood vriendelijk en voorkomend.

In al hun opgeslotenheid zetten de echtgenoten tot hun laatste snik hun beste beentje voor. Zelden een intrigerender portret van een huwelijk, oftewel een indringender schets van het horror vacui gelezen als de Mr. en Mrs. Bridge saga. Evan Connell (1924-2013) verdient massale herontdekking.

Artikelen in Column.


De nasleep van kanker

Beste Beatrijs,

Ik ben ruim een half jaar uit de roulatie geweest wegens kanker. Na een succesvolle operatie duurde de herstelperiode ook lang, maar nu ben ik al weer een paar maanden aan het werk. Op zichzelf gaat dat goed, maar ik heb het gevoel dat sommige collega’s met wie ik voorheen een gezellig contact had mij uit de weg gaan. Ik voel me niet gezien als mens of collega maar als die kankerpatiënt. Dit geldt niet voor iedereen, maar juist bij diegenen met wie het contact voorheen prettig was raakt dit me. Ik doe zelf moeite om niet te zeuren en niet te veel los te laten over alles wat er gebeurd is. Ik probeer normaal te doen. Maar het heeft geen zin. Mijn vraag aan u is: weet u of dit vaker voorkomt bij ex-zieken? Ik word er paranoïde van en ik vind het heel lastig om los te laten.

Ze vermijden mij

Beste Ze vermijden mij,

Het is in ieder geval een ervaringsfeit dat mensen bij een serieuze ziekte altijd voor verrassingen komen te staan met hun sociale omgeving. Sommige vrienden/innen lopen weg voor de patiënt (of voor de ziekte), anderen tonen juist veel betrokkenheid. Hoe vrienden (soms ook familieleden) zich zullen opstellen is onvoorspelbaar. Soms laat iemand van wie een patiënt hoge verwachtingen heeft het helemaal afweten, soms heb je juist heel veel steun aan iemand van wie je het totaal niet verwacht hebt.

Mogelijk speelt dit mechanisme door bij uw collega’s, nu u weer terug op het werk bent. Het zou kunnen dat mensen zich schuldig voelen, omdat ze zich weinig van u aangetrokken hebben, toen u ziek was. Dan is het moeilijk om de oude draad weer op te vatten. Misschien klopt het wel (dat ze u in de steek gelaten hebben), maar zit u daar verder niet mee, omdat er andere mensen waren die u gesteund hebben. Nu wil u weer de oude draad opvatten met uw collega’s en niet meer als patiënt worden gezien en ook niet als ex-patiënt. Maar zij vinden dat moeilijk omdat ze zich schamen of schuldig voelen. Zoiets zou aan de hand kunnen zijn.

Bespreek het een keer met de collega met wie u vroeger het beste contact had. Zeg tegen haar of hem dat u het gevoel hebt dat de omgang niet meer zo vanzelfsprekend is als vroeger. En dat u dat jammer vindt. Vraag de collega of hij/zij dat gevoel deelt en waar dat vandaan kan komen. Als het met uw ziekte te maken heeft, praat daar dan openlijk over en zeg erbij dat dat wat u betreft in het verleden ligt en dat u graag het prettige contact van vroeger zou herstellen.

Artikelen in Collega's, Ziekte.

Gelabeld met .