Spring naar inhoud


Wekelijks ‘Moderne manieren’ in uw inbox ontvangen? Abonneer u nu op de Nieuwsbrief!

De adviesrubriek ‘Moderne manieren’ gaat over etiquette en verschijnt iedere zaterdag in het dagblad Trouw (bijlage ‘tijd’), maar ook direct op Internet: zie Beatrijs in Trouw. Lees daar haar nieuwste bijdrage. Daarna komen alle problemen op deze website terecht.

Hebt u zelf een vraag over (in)correct gedrag van uzelf of anderen, dan kunt u die insturen via beste@beatrijs.com. U krijgt vrijwel altijd persoonlijk antwoord, en uw vraag kan gebruikt worden voor anonieme publicatie in het dagblad Trouw en op deze website, tenzij u er expliciet bezwaar tegen maakt.

Ook te volgen op Twitter! @BeatrijsRitsema

Artikelen in Etiquette.


Vliegangst

Beste Beatrijs,

Mijn vliegangst houdt mij en mijn gezin (vrouw, zoon van 14 en dochter van 12) aan de grond. Ik weet dat deze angst irrationeel is, maar onze vakanties worden wel steevast op rijafstand ingevuld. Familieweekenden vinden daardoor ook altijd binnen Nederland plaats, dit tot ongenoegen van mijn schoonouders. Zij weten dat ze van mij geen toestemming zouden krijgen voor een stedentripje met onze kinderen naar een Europese hoofdstad. Nu hebben mijn schoonouders een andere weg bewandeld. Nadat ze eerst de kinderen lekker hebben gemaakt om komende meivakantie zo’n reisje te maken, hebben ze gisteren hun dochter om toestemming gevraagd. Behalve dat ze deze omweg hebben genomen heeft mijn vrouw geen grote bezwaren. Voor mij voelt dit verzoek echter als een voldongen feit. Kan ik in alle redelijkheid nog zeggen dat ik het niet zie zitten dat de kinderen gaan vliegen en dit plan afblazen?

Liever aan de grond

Beste Liever aan de grond,

Toegeven aan uw eigen irrationele vliegangst is één ding, uw gezinsleden hetzelfde regime opleggen is iets anders. Dat zou u niet moeten doen. U weet dat vliegangst een handicap is, een disfunctionele fobie waarmee u zich beperkt. U ziet af van leuke, mogelijk zelfs verrijkende, ervaringen in verre streken, omdat het transport u angst inboezemt. Dat is uw eigen keus (u kunt er zelfs een maskerende milieuriedel over afsteken), maar het is nogal overheersend om uw gezinsleden dezelfde beperkingen op te leggen. Stel dat u zo bang zou zijn voor spinnen dat u nooit zou willen kamperen of de vrije natuur in of ergens een huisje huren, omdat u daar misschien een spin zou kunnen tegenkomen. Wilt u dan dat uw kinderen ook zo’n leven leiden? Nee toch, neem ik aan.

Vasthouden aan een vliegverbod voor uw kinderen betekent vasthouden aan uw onredelijkheid.

In deze tijd is vliegen even vanzelfsprekend als de trein of de bus nemen. Uw kinderen zullen in de loop van hun middelbare-schooljaren waarschijnlijk met schoolreisjes (naar Rome, Berlijn of Londen) te maken krijgen die ook vaak per vliegtuig worden ondernomen. Als ze student zijn, willen ze misschien eens naar een ander continent. Wie weet krijgen ze later werk, waarbij ze moeten vliegen. Dan zult u hen toch moeten laten gaan ondanks uw duizend angsten. En nu is er het geval van een vakantie van uw kinderen met hun grootouders. Ook al hadden uw schoonouders u niet op slinkse wijze mogen omzeilen, vasthouden aan een vliegverbod voor uw kinderen betekent vasthouden aan uw onredelijkheid. Toestemming geven zou een eerste stap in het temmen van uw onredelijke angst kunnen zijn.

Ik raad u aan om een cursus te volgen om van uw fobie af te komen. Er zijn er genoeg, want vliegangst komt betrekkelijk veel voor. U bent niet de enige. Natuurlijk kunt u zo’n cursus aan u voorbij laten gaan, u kunt uw leven prima doorkomen zonder ooit in een vliegtuig te stappen. Maar laat intussen uw fobie niet ook het leven van uw vrouw en kinderen afknijpen.

Artikelen in Reizen, Tieners, Ziekte.


Praatjes voor de vaak

Beste Beatrijs,

Ik lunch vrijwel dagelijks met mijn collega’s in de kantine bij ons op kantoor. Soms neem ik een broodje, soms een salade of iets uit de frituur. Heel vaak krijg ik daarbij te maken met één of meerdere collega’s, die, los van elkaar, menen hardop te moeten constateren wat er op mijn bord ligt: ‘Zo, een kroket vandaag?’ of ‘Zo, jij gaat voor gezond?’ De nieuwswaarde van dit soort mededelingen ontgaat me volledig (ik weet zelf wat ik heb opgeschept) en de sociale bedoeling is mij ook niet duidelijk. Ik weet dan ook niet wat ik hierop moet antwoorden. Hebt u een tip?

Wezenloos commentaar

Beste Wezenloos commentaar,

Veel mensen wauwelen maar wat. Ze zeggen het eerste wat in hun hoofd opkomt om geen andere reden dan om iets te zeggen. Ze vinden spreekgeluiden gezelliger dan stilte. Informatieve waarde: nul komma nul. Dit soort spreken is niet meer dan het vrijblijvend laten trillen van de stembanden. U hoeft er niet op te reageren. U kunt doen alsof u niets gehoord hebt en opmerkingen zwijgend laten passeren. Als u toch de aanvechting hebt om iets terug te zeggen, kunt u de observatie lichtelijk verveeld bevestigen. U zegt dan: ‘Inderdaad, frituur vandaag’ of ‘Inderdaad, sla vandaag’ of ‘Inderdaad, soep vandaag’. Als het u de keel uithangt, kunt er ‘Goed gezien!’ aan toevoegen.

Artikelen in Collega's, Taalgebruik.

Gelabeld met .


Schade vergoeden, helemaal of de helft?

Beste Beatrijs,

Onlangs heb ik per ongeluk de zes jaar oude reserve paardrijcap van een vriendin laten vallen. Die is niet meer bruikbaar. Zij verwacht van mij dat ik een nieuwe cap koop ter waarde van 30 à 40 euro, want dat compenseert de waarde van haar cap die zes jaar geleden ongeveer 70 euro heeft gekost. Ik vind dat ik geen nieuwe cap voor haar hoef te kopen, omdat er een risico zit aan het uitlenen van (oudere) spullen. Ik wil wel de helft meebetalen van een nieuwe cap, maar ik vind 30 euro niet in verhouding staan tot de waarde van zo’n oude reserve cap. Mijn vriendin is nogal op de penning en heeft wel vaker anderen verplicht om nieuwe spullen voor haar aan te schaffen. Moet ik een nieuwe cap kopen of is het reëel om een vergoeding naar waarde te geven?

Cap kapot

Beste Cap kapot,

Uw veronderstelling dat uw vriendin als uitlener evenveel risico draagt als u in de rol van lener/ gebruiker klopt niet. De verantwoordelijkheid ligt wel degelijk geheel bij de lener/ gebruiker. Als u iets kapot maakt wat het eigendom van uw vriendin is, moet u de schade in z’n geheel vergoeden. Dat het object niet splinternieuw is doet er niet toe. Uw vriendin had een functionerende cap en nu is het ding total loss. Het is uw taak om haar zodanig te compenseren dat ze weer een functionerende cap kan aanschaffen. U kunt op internet zoeken wat een functionerende tweedehands cap zoal kost en dat bedrag aan haar geven. Maar 30 à 40 euro voor een nieuwe lijkt mij niet onredelijk. Kennelijk zijn die caps tegenwoordig voor de helft van de prijs van zes jaar geleden verkrijgbaar. Dan is het de moeite niet waard om op de tweedehandsmarkt te zoeken.

Stel dat u een deuk rijdt in de auto van uw vriendin. Dan is het echt geen kwestie van de schade door twee delen. Dan zijn de reparatiekosten geheel en al voor u. Dat heet wettelijke aansprakelijkheid. Voor dit soort ongelukjes (onopzettelijk toegebrachte schade aan derden die fors kan oplopen – denk aan over een vloerkleedje struikelen en iemands antieke Ming-vaas omstoten) hebben mensen een aansprakelijkheidsverzekering: slechts 20 euro per jaar. Een WA-verzekering dekt overigens geen autoschade en van kapotte objecten alleen de dagwaarde.

Artikelen in Vrienden en kennissen.

Gelabeld met , .


Ik wil geen vrienden uitbuiten

Beste Beatrijs,

Al acht jaar heb ik goed contact met een Marokkaans gezin in mijn woonplaats dat ik destijds als studente heb leren kennen via een vrijwilligersorganisatie: zij zochten (oppas)hulp voor hun gehandicapte zoontje. Inmiddels is ons contact uitgegroeid tot vriendschap. Ik kom met enige regelmaat bij hen over de vloer en geniet van hun heerlijke Marokkaanse kookkunst. Het oppaswerk is niet meer nodig, wel help ik hen af en toe met formulieren en administratieve klusjes en hebben zij mij geholpen bij mijn verhuizing en met klussen in en rond het huis. Sinds enige tijd heb ik een goed betaalde, drukke baan en zocht ik een huishoudelijke hulp. Het gezin heeft het financieel niet breed en omdat beide ouders als schoonmaker werken, heb ik hen voorgesteld eens in de twee weken bij mij schoon te maken. Zij gingen daar grif op in, maar weigeren pertinent hiervoor door mij betaald te worden. Als ik geld voor hen klaarleg, nemen ze het niet mee, ook niet na mijn aandringen. Ik voel mij hier ongemakkelijk bij: ik kan het geld goed missen en zij kunnen het goed gebruiken. Hoe kan ik dit oplossen?

Gratis schoonmaakhulp

Beste Gratis schoonmaakhulp,

Bespreek deze situatie met uw vrienden. En deze keer serieus, zodat er geen misverstand kan voortbestaan. Leg hen uit dat huishoudelijk werk in Nederland niet valt onder vriendendiensten, maar dat het echt werk is, waar fatsoenlijke verdiensten tegenover moeten staan. Uw relatie met dit gezin is na al die jaren een vriendschapsrelatie geworden. Geef voorbeelden van dingen die vrienden voor elkaar doen, waar geen geld aan te pas komt: voor elkaar koken, bij elkaar over de vloer komen, auto of andere gebruiksvoorwerpen uitlenen, helpen met formulieren en instanties, incidenteel op kinderen passen of kinderen helpen met huiswerk, de plantjes water geven in vakanties, oude meubels of kleding aan weggeven, een bioscoop of restaurantbezoek betalen.

Geef ook voorbeelden van dingen die vrienden niet voor elkaar doen: te dure cadeaus geven, zoals nieuwe auto’s, wasmachines, vliegreizen of smartphones, elkaars huis gratis renoveren, structureel oppassen. Huishoudelijk werk in de vorm van op vaste basis schoonmaken, valt ook onder de categorie ‘dank, maar nee dank je’. Geef uw vrienden een duidelijke keus: ofwel ze gaan door met uw huis schoonmaken maar dan voor een gangbaar tarief, ofwel u zegt de overeenkomst op. In dat geval zoekt u iemand anders die u wel kunt betalen. Zeg dat het u tegen de borst stuit om hen gratis te laten werken, omdat u zich dan een uitbuiter voelt.

Overigens (maar dit terzijde) lijkt het me geen goed idee om uw vrienden te charteren als schoonmaker in uw huis. Het is beter om vriendschap en een werkgever-werknemer-relatie niet door elkaar te laten lopen. In een vriendschap worden er min of meer gelijkwaardige dingen uitgewisseld en dat wringt met het idee dat u ook werkgever bent. Het is lastig om aan vrienden te vragen of ze de volgende keer wat meer aandacht aan de badkamer willen besteden, omdat u niet tevreden was. U kunt uw vrienden beter helpen door ze bij iemand anders aan te bevelen als schoonmaker dan door hen zelf in te huren.

Artikelen in Vrienden en kennissen, Zakelijke relaties.

Gelabeld met .


Onopgevoede honden

Beste Beatrijs,

Laatst liep ik door mijn eigen straat langs een echtpaar met een grote, niet aangelijnde hond. De man opende zijn voordeur en de hond rende niet naar binnen, maar naar mij, grommend en wild. Ik schrok daarvan en sprak de vrouw erop aan, waarop ze zei: ‘Ik doe niets verkeerd.’ Dit overkomt me vaker. Meestal zegt het baasje iets in de trant van ‘Hij doet niets, hoor!’ terwijl de hond springt, blaft, gromt, kortom van alles doet wat ik als bedreigend ervaar. Iets ervan zeggen betekent altijd direct ruzie. Hoe horen het baasje, de hond en ik zich te gedragen in dit soort situaties?

Opdringerige honden

Beste Opdringerige honden,

Het is de taak van de hondenbezitter om de hond in toom te houden, hetzij aan een riem, hetzij met commando’s. Hondenbezitters moeten zich ervan bewust zijn dat voorbijgangers het niet leuk vinden om door honden toegeblaft, laat staan besprongen te worden, ook al komt er verder geen bijtgedrag aan te pas. Als u te maken krijgt met een slecht opgevoede hond, kunt u het beste bevriezen, uw armen voor de borst kruisen, uw blik vooral niet op de hond richten, maar in de verte kijken, terwijl u de hondenbezitter dringend vraagt om de hond bij zich te houden. Als de hondenbezitter tegenwerpt dat de hond niks doet, zegt u dat u deze manier van niks doen toch onaangenaam en bedreigend vindt.

Artikelen in Column.

Gelabeld met .


Tweederangs uitnodiging

Beste Beatrijs,

Onlangs ontving mijn man per e-mail een uitnodiging van zijn zus voor een feestje. Indirect werden ik en onze kinderen van eind twintig die niet meer thuis wonen, ook uitgenodigd. Mijn man heeft zijn zus de mailadressen van mij en de kinderen toegestuurd met de opmerking dat hij denkt te weten dat de kinderen en ik een rechtstreekse uitnodiging leuker vinden dan een forward van hem. Sindsdien hebben wij niets meer vernomen. Ik voel er niet veel voor om te gaan. Mijn man vindt het fijn als ik meega. Kan ik deze indirecte uitnodiging afslaan? Hoe pak ik dit aan?

Via via uitgenodigd

Beste Via via uitgenodigd,

Doe er niet zo moeilijk over! Het is heel gebruikelijk dat van stellen die ergens voor worden uitgenodigd slechts één persoon de e-mail-invitatie krijgt. Bijvoorbeeld omdat degene die het feestje geeft altijd contact onderhoudt met de ene helft van een stel en niet met de andere. Uw schoonzuster geeft een feestje en nodigt daarvoor familie en vrienden uit. Nogal logisch dat pakweg de man van haar beste vriendin en de vrouw van haar broer hierbij inbegrepen zijn. Die hoeven geen aparte e-mail te krijgen. Wat de kinderen betreft: in de oorspronkelijke uitnodiging stond waarschijnlijk een zinnetje dat zij ook welkom zijn. Dit is een vrijblijvende uitnodiging. De bedoeling is dat u en uw man de kinderen laten weten dat ze ook mogen komen. Vervolgens kunnen de kinderen bedenken of ze dat leuk vinden of niet. Ze zijn in principe welkom, maar als ze geen zin of geen tijd hebben, blijven ze weg en ze hoeven zich niet eens af te melden omdat ze niet persoonlijk uitgenodigd zijn. Ideaal toch? Ga gewoon mee met uw man naar het feestje van uw schoonzuster. Uw kinderen kunnen zelf beslissen wat ze willen.

Artikelen in Schoonfamilie, Verjaardag.

Gelabeld met .


Bezwaar tegen tweede huwelijk

Beste Beatrijs,

Mijn zoon trouwt binnenkort voor de tweede keer. Ik (zijn vader, weduwnaar, 80-plus) was zeer gesteld op zijn eerste vrouw. Met de aanstaande bruid heb ik niets. Ik neem het haar kwalijk dat ze mijn zoon heeft afgepakt van mijn dierbare schoondochter, en de manier waarop dat gebeurde. De jongedame in kwestie is uit ander hout gesneden (wat minder bescheiden) dan mijn ex-schoondochter en ook dan ikzelf. Nu komt er een bruiloft aan met veel toeters en bellen, pre-party met diner, kerkje voor de sfeer, dresscode smoking, feest. Ik wil niet! Ik ga nog liever in sinterklaaspak. Maar ik wil ook mijn zoon niet verliezen. Wat te doen?

Ik zie er niets in!

Beste Ik zie er niets in,

Als u uw zoon niet kwijt wil, ontkomt u er met geen mogelijkheid aan om bij zijn huwelijk op te draven. Weigeren om aanwezig te zijn is een ondubbelzinnige demonstratie van onwil en ongenoegen. Daarmee creëert u een zwaar conflict en het zal heel veel tijd en moeite kosten om dat weer in der minne te schikken. Ook tegen zijn tweede vrouw kunt u maar beter een vriendelijke schijn ophouden. Uw zoon zal zich vast niet willoos hebben laten overmeesteren door deze indringster. Hij draagt evengoed verantwoordelijkheid, hij heeft zelf stappen gezet en beslissingen genomen.

Dit tweede huwelijk wordt nogal grootscheeps aangepakt, begrijp ik. U kunt best een paar onderdelen overslaan. Als u niet voelt voor de pre-party of voor een massaal feest, kunt u zich daaraan onttrekken met een beroep op uw leeftijd of vermoeidheid. Het belangrijkste is om aanwezig te zijn bij de plechtigheid zelf en bij een eventuele receptie of diner na afloop. De rest kunt u laten zitten. Als u een smoking in de kast hebt hangen, moet u die maar aantrekken, ook al valt die officieel onder avondkleding die overdag niet hoort. Als u geen smoking bezit, hoeft u daar niet speciaal moeite voor te doen. De bejaarde vader van de bruidegom kan zich wel een afwijking van het opgelegde protocol permitteren. Overdag volstaat sowieso een net, donker pak. Wanneer u op een vriendelijke manier uw gezicht laat zien bij de essentiële programmaonderdelen, hebt u aan uw verplichtingen voldaan.

Artikelen in Bruiloft, Huwelijk en scheiding, Ouders en volwassen kinderen.

Gelabeld met .


Ik wil het niet horen!

Beste Beatrijs,

Bij een bezoek aan een ziekenhuis word ik vaak onverhoeds geconfronteerd met (soms verschrikkelijke) verhalen van andere mensen over hun gezondheid. Soms alleen binnen gehoorsafstand, soms direct tegen mij. Dat laatste is erg naar: ik wil het niet horen maar ik wil ook niet bot overkomen. Die verhalen kunnen mij ernstig ontregelen. Ergens anders gaan zitten is geen optie: je moet in de wachtkamer van een poli in de buurt van de deur van de desbetreffende arts blijven zitten, anders mis je de oproep. Helemaal vervelend wordt het als je gegijzeld wordt, terwijl je twee uur aan een infuus ligt. Hoe ga je om met onheilsverhalen, als je die niet wil horen?

Andermans ziekteverhalen

Beste Andermans ziekteverhalen,

De beste manier om zich te wapenen tegen ongewenste praatjes in de wachtkamer is om de zintuigen te blokkeren. Blindeer de ogen voor wat er om u heen gebeurt door onmiddellijk als u ergens gaat zitten een boek tevoorschijn te halen of een van die beduimelde tijdschriften te pakken en u daarin te verdiepen. Kranten van ouderwets groot formaat waren heel geschikt om je achter te verschuilen, maar met een boek gaat het ook. En vervolgens nergens op reageren, niet opkijken, de aandacht volledig op de lectuur gericht houden. Wie aan een infuus ligt, kan behalve de ogen ook de oren uitschakelen: oordopjes in om naar muziek of podcasts op telefoontje of iPod te luisteren. Er hoeft niet eens echt muziek te worden afgespeeld. Voor mensen die om een praatje verlegen zitten is de aanblik van iemand met oordopjes een helder signaal om hun heil elders te zoeken.

Artikelen in Ziekte.

Gelabeld met .


Als je iets niet verstaat

Beste Beatrijs,

Mijn vriend en ik zijn in de dertig en hebben sinds zeven jaar een relatie. We zijn erg verschillend opgevoed maar allebei met goede manieren. Soms zeg ik gedachteloos in plaats van ‘Wat zeg je?’ kortweg ‘Wat?’ Niet zoals het hoort natuurlijk, maar dit gebeurt thuis en in werksituaties zal ik het er niet zo snel uitflappen. Mijn vriend stoort zich hier zo sterk aan dat hij onlangs op enigszins geërgerde toon vroeg of ik hiermee wil ophouden, omdat onze dochter van anderhalf het anders zou overnemen. Ik vond dit overdreven en ben bang dat ik in mijn eigen huis moet gaan letten op mijn taalgebruik. Ik vind dat er in een relatie best ruimte mag zijn voor kritiek, maar deze opmerking gaf me het gevoel dat ik een tweede opvoeding nodig heb. Bovendien vind ik de zonde niet zo groot. Mijn vriend vindt het een hele normale opmerking en hoopt dat ik er wat mee doe. Wat vindt u?

Wat zeg je?

Beste Wat zeg je,

Dit soort meningsverschillen over taalgebruik ligt altijd heel persoonlijk. Soms zijn mensen allergisch voor bepaalde uitdrukkingen of manieren van praten die iemand anders volstrekt normaal vindt. Het voorbeeld dat u noemt: ‘Wat?’ zeggen in plaats van ‘Wat zeg je?’ valt precies in die categorie. Ook irritant maar dan op een andere manier vinden sommige mensen formuleringen als: ‘Nog een keer?’ of ‘Wablief?’ Blijkbaar heeft uw vriend in zijn jeugd erin geramd gekregen dat het te allen tijde absoluut ongepast is om ‘Wat?’ te zeggen. Hij staat daar betrekkelijk alleen in, want doorgaans hanteren mensen een verschil tussen formeel en informeel taalgebruik, waarbij er niets mis is met ‘Wat?’ tussen vrienden en in de huiselijke kring, terwijl ‘Wat zeg je/ zegt u?’ gereserveerd wordt voor formelere situaties.

Hè? huh? hnng?

Bespeek het nog eens met uw vriend. Ik kan me niet voorstellen dat hij zich er pijnlijk aan stoort als zijn vrienden van de sportclub of collega’s in het café ‘Wat?’ of (nog gemeenzamer:) ‘Hè?’ of ‘Huh?’ roepen of als ze het nauwelijks fonetisch weer te geven vraaggeluid ‘Hnng?’ uitstoten in plaats van het keurige ‘Wat zeg je?’ Zelfs als hij zich er wel aan stoort, zal hij hen vermoedelijk niet corrigeren, omdat hij dan vierkant wordt uitgelachen. Vraag hem of hij diezelfde coulance ook tegenover u in acht wil nemen. Uw dochter zal van haar ouders leren dat ze netjes ‘Wat zeg je?’ moet zeggen. Maar onvermijdelijk zal het ook tot haar doordringen dat mensen in de huiselijke sfeer niet altijd even formeel bezig zijn.

Artikelen in Taalgebruik.

Gelabeld met .