Spring naar inhoud


Stiekem broodjes meenemen

Beste Beatrijs,

Mijn vrouw en ik maken graag meerdaagse wandeltochten door landelijk Nederland en overnachten dan in een hotel langs de route. Nu de coronamaatregelen versoepeld zijn, gaan we binnenkort weer op pad. Die hotels liggen meestal buiten de bebouwde kom en het ontbijt (zo’n 15 euro) is inbegrepen bij de totaalprijs. Nu wil het geval dat ik qua ontbijt voldoende heb aan een kop koffie, terwijl ik pas om een uur of tien behoefte krijg om wat te eten. In de ontbijtzaal wordt aangegeven dat er geen etenswaar mag worden meegenomen. Als gasten iets voor de lunch willen meenemen, kost dat €3,50 per belegd broodje. Als ik dus twee broodjes zou willen meenemen voor later, komen mijn ontbijtkosten op 22 euro. Ik vind het in dit geval terecht om als niemand kijkt twee broodjes in mijn rugzak te laten verdwijnen. Mijn vrouw vindt dat dat niet kan en is bang dat ik betrapt word. Wat is redelijk?

Illegale broodjes

Beste Illegale broodjes,

U kunt beter niet stiekem broodjes meenemen van een ontbijtbuffet. Hotels willen dat niet om voor de hand liggende redenen: mensen stoppen zich eerst vol met een uitgebreid ontbijt en nemen bij het verlaten van de ontbijtzaal nog wat voorraden mee voor later op de dag. Bespreek het gewoon met het management. Zeg dat u ’s ochtends alleen koffie drinkt en dat u uw ontbijt pas om tien uur wil eten, als u aan het wandelen bent. Vraag of u twee broodjes mee mag nemen, namelijk uw ontbijt, waar u 15 euro voor betaald hebt. Als u en uw vrouw ook nog een lunch willen meenemen, dan rekent u die etenswaren apart af. Als u dit in alle openheid van tevoren bespreekt, zal men u vast ter wille zijn. Zo niet, neemt u alvast een hap uit uw broodje. Tegen het meenemen van aangeknaagd voedsel zal men geen bezwaar maken.

Artikelen in Eten en drinken, Horeca.

Gelabeld met .


Te dichtbij

Beste Beatrijs,

Ik probeer me zo goed mogelijk te houden aan de coronaregels die we met elkaar afgesproken hebben om gezond te blijven. Thuisblijven hoeft niet, want als je rekening houdt met elkaar moet het volgens mij wel goed gaan. Nu is het me de afgelopen tijd al twee keer overkomen dat ik tegen mensen die te dicht bij me kwamen op een rustige manier zei dat ze te dichtbij kwamen. In beide gevallen kreeg ik het antwoord: ‘Ik ben echt niet ziek!’ De eerste keer was ik zo overdonderd dat ik niets kon zeggen. De tweede keer mompelde ik iets van ‘En dat wil ik ook graag zo houden’. Hoe maak ik mensen vriendelijk duidelijk dat ze verkeerd bezig zijn en bij mij uit de buurt moeten blijven?

Geen gepaste afstand

Beste Geen gepaste afstand,

Mensen hebben de neiging om die anderhalve-meter-regel te vergeten, omdat het tamelijk onnatuurlijk is om met een imaginaire onschendbaarheidszone om je heen rond te lopen. Vooral als het druk is buiten, wordt die grens voortdurend geschonden. Natuurlijk hebt u gelijk om u wel aan de regels te willen houden en natuurlijk is het goed om mensen er – rustig – op te attenderen dat ze de grenzen overschrijden. In het ideale geval antwoordt een regelovertreder vervolgens: ‘O, sorry, u hebt gelijk, ik dacht er even niet aan.’ De reactie ‘Ik ben niet ziek’ is buiten de orde en laat alleen zien hoe bliksemsnel mensen zich op hun teentjes getrapt voelen en gaan tegensputteren bij de lichtste correctie. Blijf vooral kalm onder een gepikeerde uitval. Er is niets mis met uitwijken en het zwijgen ertoe doen. U hoeft de interactie niet te winnen. Eventueel zegt u vriendelijk iets in de trant van ‘Gelukkig maar. Toch houd ik me voor alle zekerheid liever aan de regels.’ Ook een mooi antwoord op ‘Ik ben echt niet ziek’ is ‘Maar ík misschien wel!’

Artikelen in Corona, Het publieke domein.

Gelabeld met .


Meegebracht lekkers serveren

Beste Beatrijs,

Als ik mensen heb gevraagd om koffie te komen drinken, gebeurt het steeds vaker dat ze iets lekkers meebrengen. Op zichzelf een leuk gebaar natuurlijk. Maar meestal heb ik zelf ook moeite gedaan bijvoorbeeld door een taart te bakken of een lekkernij bij de bakker te kopen. Bezoekers gaan er blijkbaar van uit dat ik niks in huis heb gehaald en ik serveer dan maar het meegebrachte, zodat mijn eigen taart blijft staan. Is het eigenlijk niet een belediging voor de gastvrouw om iets lekkers mee te nemen? Wat zegt de etiquette hierover?

Eigen taart eerst

Beste Eigen taart eerst,

Voor een koffieafspraak is het niet nodig om iets lekkers mee te brengen, tenzij dat afgesproken is. Een gast mag ervan uitgaan dat een gastvrouw/-heer zelf iets eetbaars bij de koffie serveert. Een attentie meenemen voor een gastgever is gebruikelijk, wanneer iemand voor het eten is uitgenodigd – niet voor een simpel kopje koffie. Daar kom je gewoon met lege handen aan. Er bestaat overigens geen verplichting om door gasten meegebrachte etens- of drinkwaren onmiddellijk ter consumptie in te zetten. Als iemand toch met gevulde koeken of moorkoppen aan komt zetten voor een koffieafspraak, zegt u: ‘Heel aardig van je, maar ik heb zelf een taart gebakken (of iets gekocht).’ Vervolgens serveert u wat u zelf van plan was en u legt het cadeau-lekkers weg voor later.

Artikelen in Cadeaus, Eten en drinken, Visite.


Nichtje geeft spreekverbod

Beste Beatrijs,

Mijn zus (gescheiden) heeft twee kinderen. De oudste, mijn nichtje van 22, woont zelfstandig en wil haar moeder niet meer zien en spreken. Ook van belangrijke gebeurtenissen in haar leven, zoals een verhuizing of het halen van een diploma, mag haar moeder geen weet hebben. Mijn nichtje wil niet dat iemand van de familie haar moeder inlicht. Ze zal het ook niet accepteren als dit wel gebeurt. Mijn zus vindt dat zij als moeder hoe dan ook recht heeft op informatie over haar dochter. Zij vindt dat ik en andere familieleden, met wie haar dochter contact heeft, haar moeten inlichten over belangrijke gebeurtenissen in het leven van haar dochter. Wat vindt u, heeft mijn zus recht op informatie, omdat zij de moeder is, of moet ik de wens van mijn nichtje respecteren?

Informatieverbod

Beste Informatieverbod,

Heel verdrietig dat uw zus en haar dochter niet meer met elkaar omgaan. Iemand in de familie zou moeten proberen om een verzoening tussen die twee tot stand te brengen, want het is natuurlijk heel erg dat de dochter de moeder uit haar leven heeft geschrapt. Misschien komt u zelf in aanmerking om de rol van bemiddelaar te spreken, aangezien u op de hoogte bent van wat er in het leven van uw nichtje aan de hand is. Anders is het misschien de moeite waard om een mediator te zoeken die kan bemiddelen in het conflict.

Over het informatieverbod heb ik mijn bedenkingen. Wanneer iemand met wie u op intieme voet verkeert u in vertrouwen neemt over gevoelige materie en vraagt om deze informatie niet aan iemand anders te verstrekken, is er reden om zo’n geheimhoudingsverzoek te honoreren. Maar in dit geval gaat het om niet-beladen informatie die normaal gesproken vrijuit circuleert in een familie: ‘Dirk heeft een nieuwe baan!’, ‘Lena gaat verhuizen!’ Uw nichtje vraagt u eigenlijk om samen met haar stelling te nemen tegen uw zus. Ik veronderstel dat u zich toch vertrouwder voelt met uw zus dan met uw nichtje? U mag praten met wie u wil en u mag praten waarover u maar wil. Uw nichtje verkeert niet in de positie om de rest van de familie voor te schrijven wat zij wel en niet met haar moeder kunnen bespreken. U schrijft dat uw nichtje het ‘niet zal accepteren’ als u informatie over haar deelt met uw moeder. Is dit een verholen dreigement dat ze u ook uit haar leven zal schrappen, als u niet doet wat ze zegt? Ik denk dat u zich daardoor niet moet laten intimideren. Spreek vrijuit met wie u wil, deel uw nichtje dat ook mee en schakel een mediator in.

Artikelen in Ouders en volwassen kinderen.

Gelabeld met .


Zoveel struikelpunten in de levensloop

0 – 10
Jaren der onschuld, waarin kinderen geacht worden blij te zijn met een ballonnetje dat danst in de wind. Maar de ballon glipt uit hun handen en de ijsjes vallen op straat. Erger is dat ouders van a tot z je leven bepalen. Als kind moet je van alles en mag je niks, in ieder geval niks wat echt leuk is, zoals in je eentje erop uit om de buurt te verkennen, ongelimiteerd Fortnite op de computer spelen of op de bedden springen. In plaats daarvan moet je linzen met broccoli eten en vroeg naar bed.

10 – 18
Zalige tienerjaren, waarin je de wereld en de liefde ontdekt. Bevrijding uit de kinderkluisters. Spijtig genoeg stellen leeftijdgenoten nog striktere normen dan je ouders al deden. Wie ook maar een beetje uit de pas loopt met de verkeerde rugzak of sneakers of een gedateerd mobieltje krijgt het meedogenloos voor z’n kiezen. (School)boekenliefhebbers worden voor ‘stuudje’ uitgescholden, bescheiden jongens voor ‘homo’ en seksueel avontuurlijke meisjes voor ‘sletje’. Nooit is de druk om je te conformeren aan de stereotiepe groepsstandaard zo groot als in de tienertijd. Diepe wanhoop over buiten de groep vallen mondt uit in gevoelens van intense zinloosheid.

18 – 30
Je wordt geacht je op de hoogvlakte van je fysieke aantrekkelijkheid te bevinden, maar de spiegel zegt iets anders. Je moet je passie volgen, hielden je ouders je voor, de wereld ligt aan je voeten. Maar het dagelijkse leven blijkt een stuk weerbarstiger dan het ijle spinsel van dromen en ambities, waarmee je de volwassenheid betrad. Je twijfelt aan je studiekeus, piekert over wat voor werk je zou kunnen doen later en of er überhaupt wel iemand op jou zit te wachten. Je verdoet je tijd op studentenfeesten en in morsige Ikea-bedden van vage bekenden. Leeftijdgenoten lijken veel doelgerichter dan jij. Ze streven je aan alle kanten voorbij en hun (opgeblazen – maar dat weet jij niet) Facebook-palmares maken je ziek van afgunst. Ondanks alle onbetaalde snuffelstages weet je nog steeds niet wat je met je leven aan moet, laat staan wat je passie is. En je liefje, met wie je een grote wereldreis zou maken, heeft je ook al gedumpt. Misschien moet je in therapie. Of gaan tinderen of grinderen. Of in je eentje op wereldreis.

30 – 45
Na een serie mislukte relaties, afgewisseld met spielerei en langdurige droogteperiodes heb je ten langen leste een levenspartner verschalkt en zowaar twee nakomelingen op de wereld gezet. Het echte leven kan eindelijk beginnen. Dat je als commies tweede klasse op het ministerie van Defensie terecht zou komen was wel het laatste wat je op je 22ste voor mogelijk hield, maar hé, een baan is een baan. De hypotheek moet worden betaald en de kinderopvang kost bakken geld.
Met twee werkende ouders is elk wakend uur thuis spitsuur. De kinderen slorpen alle aandacht op en bepalen de sfeer met hun rondslingerende legoblokjes en barbiepoppen. Je maakt ruzie over de taakverdeling. Je partner wil te veel of te weinig seks. Je tobt over een collega die aan jouw stoelpoten zaagt. Die nota moet je vannacht uit je laptop zien te rammen. En dat voor defensie, terwijl je altijd in het ontwikkelingswerk had gewild. De kinderen zeuren om een hond, terwijl jij antilopes wil zien springen over de savanne.

45 – 55
Dat gejengel en die eindeloze zwemlessen behoren godzijdank tot het verleden. Daar zijn bokkige, dyslectische pubers voor in de plaats gekomen die een puinhoop van hun kamer maken, altijd met oortjes in lopen en dure huiswerkcursussen nodig hebben. De vakanties zijn een crime, de kinderen maken ruzie en gedragen zich als consumenten met kritiek op de reisleider. Waarom is je partner trouwens ineens verslingerd aan een dagelijkse gang naar de sportschool? Kan het zijn dat je bedrogen wordt? Zelf zou je trouwens ook wel een kilo of tien kwijt kunnen raken. Maar je zult er nooit meer uitzien als een 35-jarige, het heeft geen zin. Je slooft je uit voor je gezin en op het werk, maar waardering voor je inspanningen, ho maar. Het leven is een sleur. Je hebt spijt dat je geen arts bent geworden, dan had je tenminste iets kunnen betekenen voor de mensheid. Je zoon wil rockgitarist worden. Zelf speelde je vroeger niet onverdienstelijk piano. Waarom heb je dat niet doorgezet of tenminste vastgehouden? Je bent niet trouw aan jezelf geweest door je artistieke krachten zo te verwaarlozen.

55 – 67
De kinderen zijn min of meer heelhuids aan de volwassenheid afgeleverd en nu is je moeder aan het dementeren. Je hebt het er maar druk mee. Ze kan eigenlijk niet goed meer alleen wonen, maar ze wil niet naar het verzorgingstehuis, los van het feit dat verzorgingshuizen steeds dunner gezaaid zijn. Je zou haar bij jou thuis willen opnemen, maar je partner zegt nee. Die wil nu eindelijk met jou die wereldreis gaan maken ter verruiming van de horizon. Zweethutten, openbare crematies langs de Ganges, de beelden van het Paaseiland, mediteren op het dak van de wereld en nog zo wat spirituele mikmak. Maar je kunt het je niet permitteren om er een half jaar tussenuit te knijpen op je werk en bovendien gaan je eigen verlangens meer in de richting van stomende, geurkaarsloze seks met een zekere twintig jaar jongere collega op de donkerblauwe, skai-lederen bank in de vergaderruimte op kantoor. Het zal wel weer uitdraaien op een compromis à la twee weken met je partner in een hotelletje op een Grieks eiland.

67 – 80
Diepe gevoelens van overbodigheid en nutteloosheid maken zich van je meester ondanks de cursus ‘Opgewekt met pensioen’. Je stort je in het vrijwilligerswerk of de natuurvorserij. De tijd gaat veel sneller voorbij dan vroeger. Tot je verbazing mis je je werk niet, al haat je het stigma van de bejaardenpasjes. En dan, terwijl je even niet oplette, zijn je kinderen als een razende aan het procreëren geslagen. Zou je nu op de valreep de zin van het leven hebben ontdekt en wel in de vorm van kleinkinderen? Nee hoor, maar ze zijn wel een leuke toegift.

80+
De wereld wordt kleiner. Over heel veel dingen wind je je niet meer op. Het kost moeite om je werkelijk in te leven in je vroegere zelf. Je weet het nog wel, maar je voelt het niet meer op dezelfde manier. Je hele leven lijkt een futiliteit die in een zucht voorbij is gegaan, een volslagen zinloze onderneming. Je raakt gewend aan lichamelijke ongemakken, je zult wel moeten. Je bent blij dat je ze althans nog allemaal op een rijtje hebt en dat je nog geen negentig of, erger, honderd bent.

Dit is de inleiding van hoofdstuk 6 van het onlangs verschenen boek ‘Moderne etiquette’. Dit hoofdstuk gaat over kinderen krijgen, huwelijk en levenseinde.

Artikelen in Alle adviezen.


Een vervelende driehoek

Beste Beatrijs,

Mijn beste vriend had al drie jaar een oogje op een vrouwelijke collega van hem, die gedurende deze periode bezet was. Toen die relatie uitging en zij weer single was, had hij haar uitgenodigd op zijn verjaardag (vlak voor corona), waar ik haar ook heb ontmoet. Daar sprong de vonk direct tussen haar en mij over. Een dag later heb ik haar een berichtje gestuurd via LinkedIn, waarna we contact zijn blijven houden. Mijn vriend was zeer verbolgen over mijn handelwijze en ik heb hem de kans gegeven om zijn gevoelens voor haar kenbaar te maken. Zij heeft hem laten weten geen gevoelens voor hem te koesteren en ze wil graag met mij verder. Mijn vriend heeft gezegd dat onze vriendschap voorbij is als ik met haar doorga. Ben ik te ver gegaan door contact met haar te initiëren na de verjaardag? Ik wil haar blijven zien, maar wil mijn vriendschap niet kwijt. Hoe kan ik beide behouden?

Liefde als splijtzwam

Beste Liefde als splijtzwam,

Ik zou zeggen: de vrouw heeft gewikt en de vrouw heeft beschikt. Daar is verder niets aan te doen. Uw vriend had drie jaar lang een oogje op zijn collega, maar zij was bezet. Toen haar relatie spaak liep, zocht hij toenadering door haar voor z’n verjaardag uit te nodigen. Die handschoen pakte zij niet op. In plaats daarvan beantwoordde zij de belangstelling die een onbekende voor haar aan de dag legde.

Zij wil hem sowieso niet, dus dan is het niet gepast voor uw vriend om haar aan u te misgunnen.

Uw vriend neemt het u kwalijk dat u zich op haar hebt gestort hebt, althans haar nader wilde leren kennen, waarna zich een amoureuze betrekking heeft ontwikkeld. Tja, zo gaat dat met mensen die op zoek zijn. Tegelijk heeft de vrouw zich desgevraagd duidelijk uitgesproken dat ze de gevoelens van haar collega niet beantwoordt. Voor zijn lot had het niet uitgemaakt of u zich nu wel of niet koest had gehouden. Zij wil hem sowieso niet, dus dan is het niet gepast voor uw vriend om haar aan u te misgunnen.

Gun uw vriend de tijd om over zijn teleurstelling heen te komen. Het is altijd vervelend om een blauwtje te lopen, maar nu het er niet in zit, zal hij zich er wel overheen zetten. Of de ontluikende relatie met deze vrouw bestendig blijkt moet nog worden afgewacht. Maar zelfs daaraan zal uw vriend op een gegeven moment wel gewend raken. Liefde overtroeft vriendschap, maar een beetje vriendschap moet zo’n aanslag kunnen lijden.

Artikelen in Liefde en relaties, Vrienden en kennissen.

Gelabeld met , .


Wortels op het menu

Beste Beatrijs,

Ik heb ooit van mijn ouders geleerd (in de jaren zestig) dat je, als je gasten wil meegeven dat ze eigenlijk niet gewenst zijn, wortels moet serveren bij het eten. Klopt dit? Ik heb geprobeerd dit op te zoeken, maar kan hier niets over vinden. Mijn gezinsleden geloven mij niet.

Peentjes? Wegwezen!

Beste Peentjes? Wegwezen,

Deze uitspraak was misschien een grapje van uw ouders, omdat ze zelf niet van wortels hielden en meenden op die manier gasten voor een volgend bezoek te kunnen ontmoedigen? Het is in ieder geval geen etiquetteregel! Er bestaat geen voedsel dat qualitate qua als hint voor ongenoegen kan worden ingezet. Ook van bescheiden groentes als knolraap, lof, schorseneren en prei (en worteltjes) kan met een goed recept een aantrekkelijk gerecht worden gemaakt. Ongewenste gasten worden ofwel domweg niet uitgenodigd of ze worden wél ontvangen, maar krijgen dan dezelfde egards en hetzelfde eten als gewenste gasten.

Artikelen in Eten en drinken, Visite.

Gelabeld met .


Lastige logeergasten

Beste Beatrijs,

Onze zoon en schoondochter wonen al vier maanden bij ons in. Met twee geweldige kleinkinderen. Ze hebben hun huis verkocht en zijn bezig met de verbouwing van hun nieuwe huis. Af en toe storen mijn vrouw en ik zich aan dingen. Onze zoon wil dat we spullen weggooien. Hij vindt het te vol bij ons. Als er bijvoorbeeld kruiden in het keukenkastje staan die over datum zijn, vindt hij dat die weg moeten, terwijl ze nog gebruiken. Oude tijdschriften en jassen, waar wij geen last van hebben, moeten ook weg. Wij zijn gek met onze zoon en schoondochter, maar deze inmenging vinden wij vervelend. Mijn vrouw doet heel veel en ze hebben niets te klagen. Ze komen thuis van hun werk, kunnen aanschuiven aan de maaltijd en veel tijd aan de kinderen besteden. In het huishouden doen ze ook niet al teveel. Wij rekenen niets voor de kost en inwoning tijdens hun verblijf en passen veel op. Wij zijn erg toegeeflijk en we willen geen ruzie. Kunnen we iets doen?

Dit is ons huis!

Beste Dit is ons huis,

U hebt al vier maanden een vierkoppig gezin bij u inwonen. Dat is nogal een belasting! Voor zo’n lange logeerpartij moet u spelregels afspreken met uw familie, anders valt zoiets niet uit te houden. Om te beginnen is daar het onderwerp geld. Normaal gesproken vraagt u natuurlijk geen geld als uw familie een weekendje (of zelfs een week) komt logeren. Maar dit duurt al maanden. U had al in het begin een bijdrage moeten vragen voor de boodschappen en het gebruik van energie en faciliteiten. Wat geeft een gemiddeld gezin per week uit aan eten en drinken? Vast wel 150 euro. 600 euro per maand lijkt een redelijk bedrag (en dan laat u uit de goedheid van uw hart de hogere energiekosten zitten). Vraag alsnog een bijdrage.

Vervolgens zijn er de omgangsregels in huis. Maak uw zoon en schoondochter op een vriendelijke maar niet mis te verstane manier duidelijk dat het uw huis is, waar u zelf bepaalt hoe het toegaat. Het past hun niet om te vitten op de inrichting ervan of zich te bemoeien met de hoeveelheid spullen. Verzoek het stel om ook eens te stofzuigen, keuken en badkamer schoon te maken of andere klusjes op zich te nemen. U en uw vrouw passen voortdurend op de kinderen en koken dagelijks voor het hele gezelschap. Zich verdienstelijk maken in het huishouden is wel het minste wat uw zoon en schoondochter kunnen doen als tegenprestatie voor uw royale gastvrijheid.

Artikelen in Ouders en volwassen kinderen.

Gelabeld met .


Aanrakingsverlangen

Beste Beatrijs,

Mijn moeder (weduwe, 82) woont zelfstandig. Ze wordt hevig ingeperkt door het anderhalve-meterbeleid. Ze is al meer dan twee maanden niet aangeraakt en ze vindt het gemis aan fysiek contact ondraaglijk. Ze mist haar zangclubje, ze mist de kerk en de gezelligheid eromheen. Het idee straks weer bij elkaar te kunnen komen, maar dan met anderhalve meter afstand vindt ze weerzinwekkend. De dominee van haar gemeente die ik gesproken heb, constateert ook dat de ‘huidhonger’ onder ouderen schrijnend is. Alleen het aantal levensdagen van ouderen telt en niet de kwaliteit van die levensdagen. Als mijn moeder dan hoort dat dit beleid volgehouden moet worden totdat er een vaccin is, wordt de bodem en het perspectief onder haar bestaan vandaan geslagen. Hoeveel jaar gaat dat wel niet duren? Terwijl ze elke dag zonder aanraking een bezoeking vindt. Iedereen verschuilt zich achter de RIVM-richtlijnen, die geen rekening houden met de noden van ouderen, terwijl die ouderen daar helemaal niet om gevraagd hebben. Wat kan ik, wat kunnen wij hieraan doen?

Geen fysiek contact

Beste Geen fysiek contact,

Ik begrijp dat de situatie heel vervelend is voor uw moeder. Al is het gemis aan dagelijkse sociale contacten en activiteiten voor jongeren minstens zo erg als voor ouderen. ‘Huidhonger’ (vreselijk woord – ik weet dat er iets lieflijks mee wordt bedoeld, maar ik krijg de associatie met zombies maar niet uit mijn hoofd) lijkt binnen het conglomeraat van beperkingen overigens een relatief detail. De een is geneigd tot knuffelen, de ander is geen tactiel type, maar als beiden in een koor zitten, is samen zingen toch het belangrijkste wat gemist wordt. Uw moeder woont zelfstandig en leidt haar eigen leven. Daarmee kan ze haar zegeningen tellen vergeleken bij ouderen in een zorgcentrum die helemaal geen kant op kunnen. Het wordt zomer, dus uw moeder kan van alles op sociaal gebied buiten ondernemen zonder zichzelf of anderen in gevaar te brengen.

Het ligt niet op mijn weg om te schieten op de RIVM-maatregelen, en dat zal ik ook zeker niet doen. Er wordt nu al versoepeld in de horeca en in de verpleeghuizen mag er ook weer bezoek komen. Ik raad uw moeder aan om binnen de wettelijke kaders vooral te doen waar ze zin in heeft. Ze kan met bekenden afspreken om koffie te drinken in elkaars tuin. Ze kan gaan wandelen met iemand en op een bankje zitten in het park. Ze kan iemand thuis uitnodigen op anderhalve meter en een fles wijn open trekken. Ze kan zelfs het risico nemen om kinderen of kleinkinderen te ontvangen, als die daartoe bereid zijn. Ze moet inderdaad haar aanrakingsverlangen de kop indrukken, maar dat zal vast geen jaren duren. Mensen smokkelen nu al steeds vaker met die anderhalve meter. Er is geen reden voor wanhoop. Die omhelzingen komen heus wel weer terug. Als uw moeder desondanks blijft snakken naar fysiek contact, raad ik haar aan om een kat, een hond of een ander warmbloedig niet-menselijk wezen in huis te nemen. Veel alleenwonenden ervaren baat bij een huisdier.

Artikelen in Corona.

Gelabeld met , .