Spring naar inhoud


Er bestaat geen giftig voedsel, alleen giftige hoeveelheden

Een paar weken geleden werd er een landelijk schoolontbijt gehouden om ouders en kinderen erop te wijzen dat het nuttig is om iets te eten, voordat je de dag begint. Het leek een wenk in de trant van ‘trek een trui aan als het koud is’, maar de organisatoren kregen chagrijnig commentaar in de media: het ontbijt was ongezond, want te vet en te zoet. Arme kinderen die braaf hun boterhammetjes met pindakaas, jam, hagelslag of een lapje jonge kaas zaten te smikkelen. Afgekeurd! Je vraagt je af wat er dan wél geserveerd had moeten worden, zeker als je bedenkt dat er in alle corn flakes-varianten ook te veel suiker zit en in gebakken eieren met spek nog meer vet. Rauwe paprika met komkommer soms?

Er was een tijd dat mensen zich verschrikkelijk stoorden aan wat voor kleren iemand anders aan had. Het luisterde heel nauw. Het dragen van kleding die niet bij je stand of bij het tijdstip van de dag paste, een iets te lange of te korte rok, een verkeerde kleurstelling, de mode van vorig jaar, te wuft of juist te stijf wekte al snel misnoegen of spot. Die obsessie is al lang verleden tijd. Zowel excentrieke, ronduit lelijke als oersaaie outfits worden minzaam beschouwd als de individuele expressie van iemands authentieke persoonlijkheid. In plaats van over kleren gaat het over eten en wat daar goed en slecht aan is.

‘Voedselnazi’s’ noemt Lionel Shriver in haar boek Big Brother de mensen die vanuit een fixatie op gezondheid ideologische stelsels aanhangen over vet, gluten, onbespoten groente, E-nummers, rood vlees, bronwater, natuurlijke versus onnatuurlijke suikers en koolhydraten in het algemeen. Een treffende benaming, want het irritante van de voedselgeobsedeerden is niet zozeer dat ze een dieet volgen (dat is volstrekt oninteressant), maar dat ze evangeliseren.

De collectieve fascinatie met voedsel beweegt zich over twee sporen. De afdeling voedselporno bedient de gourmets: afnemers kijken naar de talrijke kookprogramma’s en shoppen in de nooit aflatende stroom glossy kookboeken, een van de weinige boekensectoren die nog floreren. Gourmets leggen zich toe op geavanceerde receptuur en dineren als het even kan in sterrenrestaurants. Zij zingen de lof van het goede leven. Op het andere spoor heerst angst. Hier is men bang voor zijn gezondheid en voor dikte. Ook deze afdeling wordt bediend door een onophoudelijke stroom boeken en media-uitingen. In dit geval geen exercities in hedonisme, maar specifieke voedselregels: het ene wel, het andere niet.

Brood is het nieuwe zwarte schaap. En pasta en rijst en aardappels, kortom alles waar koolhydraten en gluten in zitten (suiker was natuurlijk altijd al fout). De aandoening coeliakie (intolerantie voor gluten) mag zich in een groeiende populariteit verheugen. Twee bestsellers, De voedselzandloper en Broodbuik hebben bijgedragen aan de groeiende aversie tegen brood, waarvan de consumptie volgens de statistieken het afgelopen jaar met 2,3 procent is afgenomen. Zou die keldering in halfjes wit en volkoren misschien toe te schrijven zijn aan een verhoogde consumptie van muffins en cupcakes? Dat lijkt mij veel waarschijnlijker, gezien ook het feit dat de gerapporteerde groei van het aantal vleesverlaters en flexitariërs vooralsnog niet heeft geleid tot een vermindering van de hoeveelheid jaarlijks geconsumeerde kilo’s vlees per hoofd van de bevolking.

Er zijn duizenden verschillende voedingsmiddelen, ruwweg onder te verdelen in koolhydraten, vetten en eiwitten, en nog nooit is voor een specifiek soort eten of voor een van die drie componenten wetenschappelijk aangetoond dat het slecht is voor de volksgezondheid, individuele allergieën daargelaten. Het is ook heel raar om op dit moment in de wereldgeschiedenis, nu mensen een hogere leeftijd bereiken dan ooit tevoren, soorten eten als oorzaak aan te wijzen voor wat zich buiten die hoge ouderdom aan ziekte of lichamelijke malaise voordoet. Met voedsel ligt het niet anders dan met gif: er bestaat geen gif (geen giftig voedsel), alleen giftige hoeveelheden.

In dat laatste zit de crux. Het gaat niet om wat je precies naar binnen werkt maar om hoe veel. Van veel eten word je niet meteen ongezond, maar op den duur wel steeds dikker. Alle diëten die werken met categorische voedseluitsluitingen werpen rookgordijnen op. Ze geven mensen het idee dat het er iets toe doet wat ze wel en niet eten. Maar dat maakt niets uit. Alles is goed, zo lang het gevarieerd en vooral weinig is.

Artikelen in Column.


6 Responses

Blijf op de hoogte, abonneer je op de RSS feed voor reacties op dit artikel.

  1. Floria schrijft

    ‘Voedselnazi’s’. Ik noem die mensen de groente- en fruitmaffia. Goede column.

  2. Vincent schrijft

    Eens met de strekking, alleen vind ik de term ‘voedselnazi’s’ juist weer zo overdreven, de nazi’s stonden toch niet bekend om hun evangelisatieprojecten? Noem ze dan ‘voedselmissionarissen’. Iedereen waar je het niet mee eens bent en waar je je aan ergert onmiddellijk uitmaken voor racist/fascist/nazi, dat is één van mijn ergernissen.

  3. Voedselnazi schrijft

    Ik ben het hier totaal niet mee eens. Het ontbijt werd bekritiseerd omdat het gesponsord werd door grote voedselconcerns die mensen verslaafd maken aan suiker, zout en vet. En dat begint met kinderen. Je kunt ook brood met banaan geven of muesli, of iets met zuurdesembrood. Er bestaan ook andere smeersels voor op het brood. En wat is er mis met rauwe groente (erbij)? Een ontbijt hoeft echt niet te bestaan uit elke dag zoet en vet. Voedselkritiek is hier echt op zijn plaats!

  4. Ineke van Alphen schrijft

    Het aanleggen van lijsten met ‘verboden voedsel’ zorgt voor steeds meer eetstoornissen, zoals anorexia en boulimia. Gezond eten is prima, maar het wordt snel obsessief als bepaalde producten helemaal niet meer mogen.

  5. Henk Mulder schrijft

    Beatrijs geeft goede adviezen op het relationele vlak en dat is haar talent en kunde en daar moet ze zich ook maar toe beperken want van voeding heeft ze geen verstand.

  6. selena schrijft

    voedselnazi’s? eerder voedsel-evangelisten met hun predikkingsdrang. met als beloning niet het paradijs maar het eeuwig leven.
    het begint ooit misschien als oprechte belangstelling voor gezond voedsel, maar het eindigt in een moreel oordeel: het superieur voelen boven iedereen die te moreel zwak is om ‘gezond’ te leven. om dat gevoel van superieuriteit in stand te houden is het nodig steeds strenger te worden: van vegetariër naar veganist naar fruitariër.

    feitelijk zijn er geen relevante verschillen in levensverwachting tussen ontwikkelde landen en is er dus ook geen enkele reden om te denken dat een mediterraan of aziatisch dieet per definitie gezonder is dan een west-europees dieet
    (de minieme verschillen in levensverwachting komen door toeval en doordat landen hun sterftecijfer nét even anders meten (bijv of doodgeboren kinderen meetellen als zijnde ‘op 0-jarige leeftijd gestorven’ of gewoon helemaal niet meetellen))



Sommige HTML is toegestaan