Spring naar inhoud


Oude moeders

Beatrijs Ritsema

Zou mijn dochter niet een te oude moeder hebben? Als ik in de spiegel kijk, denk ik wel eens: zo’n middelbare-vrouwengezicht detoneert op het schoolplein van een basisschool, ook al ben ik lang niet de enige, en ook niet de oudste. Voor mijn twee tienerzoons voel ik me in het geheel geen oude moeder, maar zo’n springerige achtjarige, zou die niet beter af zijn met een springerige moeder, die nog glanst in de nadagen van haar jeugd, dan met eentje die over de top is?

Dit is zo’n soort vraag, waar kinderen in ieder geval geen kant mee op kunnen, want die weten niet beter dan wat ze gewend zijn, maar waar de huidige generatie van twintigers (althans de meisjes onder hen) zich wel eens het hoofd over zou kunnen breken. Al een kwart eeuw lang werkt de overheid met het adagium ‘Een slimme meid is op haar toekomst voorbereid’, waarmee bedoeld wordt dat meisjes prioriteit moeten geven aan opleiding en carrière, voordat ze hun aandacht op de voortplanting mogen richten. Eerst moet de financiële onafhankelijkheid worden zeker gesteld en dan pas kunnen de baby’s komen. Intussen roepen de gynaecologen al meer dan tien jaar dat dit helemaal niet zo verstandig is. De gemiddelde leeftijd waarop vrouwen hun eerste kind krijgen schuift steeds verder naar de dertig, een tijdstip waarop de vruchtbaarheid begint af te nemen. Gevolg: een groeiend aantal onvrijwillig kinderloze vrouwen en een groeiend aantal IVF-behandelingen, waarvan ook maar een kwart succesvol is.

Zouden vrouwen tussen de twintig en de dertig echt de boodschap van de overheid, Annelies Verstand en het tijdschrift Opzij ter harte nemen en bij zichzelf denken ‘laat ik die kinderen nog maar even uitstellen, want eerst moet mijn carrière op de rails’? Ik geloof er niets van. Vrouwen onder de dertig zijn geen vrouwen maar meisjes. En meisjes houden zich niet bezig met de keuze tussen kinderen of carrière, maar met de liefde en verder niets.

Ik weet dat meisjes tegenwoordig in groteren getale dan jongens naar het hoger onderwijs gaan en vlijtiger studenten zijn (al zitten ze wel bij de softe vakken of bij medicijnen) en tegelijk denk ik: ze zitten er in de eerste plaats om een geschikte man te vinden. En gelijk hebben ze. Een slimme meid moet haar man in slimme kringen zoeken en niet op straat of in de supermarkt. Een opleiding volgen dient als dekmantel voor de liefde. Er zijn nu eenmaal activiteiten nodig om de dag te vullen. En dan kies je voor iets leuks, iets interessants, waarin je je kunt ontplooien, wat misschien nog eens vruchten afwerpt. Maar veel geld verdienen is niet belangrijk en een hoog ambitieniveau een uitzondering. Daarom gaan al die vrouwen in deeltijd werken, zodra er een kind komt, of belanden ze in de Wao.

Vrouwen krijgen laat kinderen, niet omdat ze zo ijverig aan hun carrière werken, maar omdat ze tussen hun 20ste en 30ste op het toppunt van hun seksuele macht staan en zich slecht een leven zonder die macht kunnen voorstellen. Een mislukking in de liefde? Geen probleem, volgende maand weer een nieuwe geliefde of anders over een half jaar wel. Totdat een vrouw geruisloos de dertig passeert en ineens meer moeite moet doen voor wat haar zo lang als vanzelfsprekend in de schoot viel.

Een vrouw die trouwen en kinderen krijgen uitstelt gaat door voor rationeel en berekenend à la het Opzij-feminisme. Nog veel berekenender en rationeler is het om geheel tegen het seksuele ethos in eerst de voortplanting zeker te stellen en te denken dat die carrière altijd nog wel kan. Voorbeelden genoeg van succesvolle, vrouwelijke laatbloeiers. Maar net zo min als mannen ruilen vrouwen graag plezier in tegen verplichtingen. Behalve misschien de vrouwen die hun moeders aan de oude kant vonden.

Artikelen in NRC-column.


0 reacties

Blijf op de hoogte, abonneer je op de RSS feed voor reacties op dit artikel.



Sommige HTML is toegestaan