Beste Beatrijs,
Sinds enige tijd ben ik (jonge vrouw van 23) accountmanager voor een klein
internetbedrijf. Dit houdt in dat ik degene ben die - vaak in een openbare
gelegenheid - met klanten afspreekt om de zaken door te nemen. De klanten
zijn vaak mannen van middelbare leeftijd.
Aan het eind van zo’n gesprek dient de rekening te worden betaald. Ik meen
dat ik dit zou moeten doen - zij zijn immers de klant. Toch gebeurt het
steeds weer dat de klant de rekening betaalt. Misschien heeft dit iets te
maken met het feit dat ik een (jonge) vrouw ben? Of hoort de klant de kosten
voor de consumpties op zich te nemen?
Momenteel maak ik er geen probleem van, omdat ik niet goed weet of ik het
gelijk aan mijn kant heb als ik aandring op betalen. Voorstellen de rekening
te delen lijkt me wat al te studentikoos, en die schijn wil ik juist
(vanwege mijn leeftijd) vermijden. Toch voel ik me niet gemakkelijk bij de
huidige gang van zaken. Ik krijg soms het gevoel dat ik een afspraakje heb
gehad in plaats van een zakenbespreking. Wat is de correcte gang van zaken?
Wie betaalt de zakenlunch?
Beste Wie betaalt,
In het zakelijke verkeer betaalt degene die de macht heeft. Dat is degene
die de opdrachten verstrekt. Uit uw e-mail is niet helemaal duidelijk wie er
precies dingt naar de gunsten van wie. Als het zo is dat u als
internetbedrijf uw diensten aanbiedt (en de klant kan ja of nee zeggen tegen
uw voorstellen en offertes), dan betaalt de klant voor de consumpties. Als
het daarentegen zo zit dat u met iemand in gesprek bent om uit te zoeken of
u met elkaar in zee zult gaan, terwijl u de opdracht gaat verstrekken, dan
bent u degene die betaalt. Kosten van dit soort zakelijke gesprekken kunnen
worden gedeclareerd bij het bedrijf.
Dit alles staat geheel los van de sekse van wie er de besprekingen voert. De
conventie dat heren dames vrijhouden in een café of restaurant duidt op
romantische belangstelling of persoonlijke betrekkingen, en die conventie
dient zeker niet te worden toegepast in een zakelijke context. Dus als u de
opdrachtgever bent, en middelbare heren maken aanstalten om zich van de
rekening meester te maken, moet u dit niet toestaan. U zegt vriendelijk:
‘Deze rekening is vanzelfsprekend voor mij,’ terwijl u door uw besliste
manier van optreden (de ober wenken, creditcard of contanten tevoorschijn
halen) duidelijk maakt dat hier niet over te discussiëren valt.
