Beste Beatrijs,
Gedurende een donkere periode in mijn leven heb ik te kampen gehad met
ernstige psychische problemen. Ook deed ik aan automutilatie: ik sneed in
mijzelf. Ik ben de problemen te boven gekomen en de laatste jaren gaat het
goed. Ik ben gelukkig met een stabiele relatie en een baan. Maar aan het
snijden heb ik over mijn hele linkerarm littekens overgehouden. Deze zijn
zichtbaar, hoewel ze niet direct opvallen. Het zijn witte strepen geworden.
Meestal draag ik lange mouwen, omdat ik ze niet wil laten zien. Nu het zo
warm is, krijg ik commentaar van collega’s dat het te warm is voor lange
mouwen. Hoe kan ik eventuele vragen het beste beantwoorden zonder direct
mijn hele verleden op tafel te leggen? Veel mensen reageren nogal panisch op
zelfverwonding en ik wil niemand onnodig choqueren of confronteren met
dingen die ze eigenlijk niet willen weten.
Bang voor lastige vragen
Beste Bang voor,
Probeer uw littekens niet krampachtig te verbergen. Draag gewoon korte
mouwen bij een hittegolf. De littekens horen bij u en het heeft geen zin om
er schichtig over te doen. Dat betekent niet dat u geroepen bent om
andermans nieuwsgierigheid te bevredigen. Eigenlijk zou u niets hoeven te
vrezen, want het is heel ongepast om bij anderen te informeren naar
afwijkingen in het uiterlijk. Als je toevallig iemand met een geamputeerd
been in het vizier krijgt, hoor je niet te vragen hoe dat allemaal zo
gekomen is. Correct is om de afwijking te negeren. Mensen zijn ook niet
verplicht om te antwoorden op opdringerige vragen omtrent handicaps of
andere in het oog lopende mankementen. Het verhaal achter een litteken is
privé-informatie die pas aan de orde komt, wanneer er sprake is van enige
vertrouwelijkheid in de omgang. Onbekenden, vage kennissen en collega’s
dienen niet te vissen naar intimiteiten.
Helaas lopen er altijd schaamteloos nieuwsgierige mensen rond die er niet
voor terugdeinzen om een ander aan een kruisverhoor te onderwerpen. Het is
zaak dat u hen op afstand houdt en dat kan door een ontwijkend antwoord in
de trant van: ‘O, die littekens. Ja, die ben ik opgelopen onder akelige
omstandigheden, waar ik liever niet aan word herinnerd als je het niet erg
vindt. Het is al lang geleden.’ Als ze nog verder aandringen, zijn ze zo
ongevoelig dat u hen ook rechtstreeks kunt afpoeieren: ‘Sorry, maar ik heb
geen zin om erover te praten.’
