Beste Beatrijs,
Wij proberen onze dochter van bijna vier te leren dat ze tegen volwassenen ‘u’ moet zeggen. Tegen ons en tegen haar grootouders zegt ze trouwens ‘je’. Maar de juffen op de peuterspeelzaal, alle buren (het merendeel in de opa- en omaleeftijd) moedigen haar aan hen te tutoyeren, tegen onze richtlijnen in. Onze hoop was gevestigd op de basisschool. Tijdens het kennismakingsgesprek met de directeur heb ik gevraagd wat de regels waren en hij vertelde mij dat kinderen de juffen en meesters met ‘u’ moeten aanspreken. Maar op de informatie-avond vertelde de toekomstige juf ons dat zij dat niet nodig vindt en dat de kinderen haar met ‘Natasja’ en ‘jij’ mogen aanspreken. Ik word er een beetje moedeloos van. Ik wil niet dat ze zo’n kind wordt dat iedereen vanzelfsprekend tutoyeert. Hoe kunnen we haar leren dat het beleefd is om volwassenen en vreemden te vousvoyeren, als geen van de volwassenen in haar omgeving het woord ‘u’ wil horen?
Hoe krijgen we ‘u’ erin?
Beste Hoe krijgen we,
Daar trapt u zomaar de moderne tijd op z’n staart. Het is lastig om kinderen te leren ‘u’ te zeggen, als alle volwassenen om hen heen zich laten tutoyeren. Familieleden (opa’s, oma’s, ooms en tantes) laten zich vaak door de kinderen uit de familie tutoyeren, omdat ze nu eenmaal dicht bij het kind staan. Dat is begrijpelijk. Maar de volwassenen-op-afstand zouden niet onder uw duiven moeten schieten en valse familiariteit met uw kind kweken.
De gouden regel met ‘u’ of ‘jij’ zeggen is dat de oudere (degene met de meeste status) bepaalt of er wel of niet wordt getutoyeerd. Als volwassenen de voorkeur aan ‘je’ geven, dan heeft hun wens voorrang boven uw wens (dat uw kind altijd ‘u’ moet zeggen). Dat betekent niet dat u moet ophouden met uw kind dit te leren. Want er zijn nog steeds volwassenen die het helemaal niet op prijs stellen als een kind hen onuitgenodigd tutoyeert. U moet uw kind dus leren dat zij ‘u’ zegt, tenzij de volwassene het groene licht voor ‘jij’ geeft. Het ‘u tenzij’ is op zichzelf niet moeilijker aan te leren dan ‘altijd u’. Dat kan een kind best begrijpen. Ga dus vooral door met uw kind voorhouden dat ze ‘u’ moet zeggen tegen volwassenen die ze voor het eerst tegenkomt.
Leraren van de basis- en de middelbare school laten zich vaak tutoyeren, omdat ze ‘u’ te afstandelijk vinden klinken. Ze zien zichzelf liever als maatje of vertrouweling van de kinderen. Zo’n gelijkwaardige relatie is een hypocriete hersenschim. De leraar is uit hoofde van zijn functie bekleed met autoriteit en het is passend als de leerlingen dat erkennen in hun spraakgebruik. Leerlingen lijden echt niet onder ‘u’ zeggen tegen de leraar - wel draagt een zekere formaliteit in de omgangsvormen bij tot een iets serieuzere werksfeer.
Bovenkant pagina
© Beatrijs Ritsema 2000-2008
