| 1 | 2 | 3 | 4 | 5 | 6 | 7 | 8 |
Beste Beatrijs,
Van mijn werkgever kreeg ik een officiële brief met CAO-afspraken en andere
mededelingen betreffende mijn salaris. De aanhef was ‘Beste mevrouw Achternaam’ en vervolgens ging de tekst verder met je en jij. Ik heb me hier aan gestoord. Ik bracht mijn ergernis ter sprake bij mijn leidinggevende, maar zij zei dat tutoyeren beleid van de organisatie is. Moet ik dit maar slikken of kan ik hier nog iets aan doen? Is er misschien sprake van een generatiekloof en ben ik (50 jaar) te ouderwets voor moderne manieren?
Ben ik te min voor ‘u’?
Beste Ben ik te min,
Deze manier van werknemers aanschrijven deugt van geen kanten. Om te beginnen had de aanhef ‘Geachte mevrouw Achternaam’ moeten luiden. Uit de aanhef volgt automatisch dat de aangeschrevene verder met ‘u’ wordt aangesproken. Dit soort correspondentie moet zich niet afspelen in een sfeer van ouwe-jongens-krentenbrood. Formele brieven van instanties en bedrijven moeten altijd in de u-vorm zijn gesteld. Dit heeft niets te maken met generaties of met ouderwetsheid. Dit zijn de regels van de bureaucratie.
Het is spijtig dat de salarisadministratie de basisregels voor zakencorrespondentie niet beheerst. Ik raad u aan een brief te schrijven naar de Ondernemingsraad of de Medezeggenschapsraad van uw organisatie, waarin u uw klacht uit de doeken doet. Op de vergadering van de OR of MR zal uw brief aan de orde komen en wanneer men ontvankelijk is voor uw klacht, kan er druk worden uitgeoefend op de directie om het briefschrijf-beleid te corrigeren. Zo niet, dan moet u uitleg krijgen waarom niet. Hoe de beraadslagingen ook uitpakken, u hebt recht op een formeel en beargumenteerd antwoord, want ook dat is een regel van de bureaucratie.
Beste Beatrijs,
Ik zeg ‘u’ tegen mijn ouders en word door sommige mensen, voornamelijk
vrienden raar aangekeken, omdat zij het helemaal niet gewend zijn. Ze vinden
het afstandelijk om ‘u’ te zeggen tegen je ouders en ze zeggen dat je dan
geen innige band kunt hebben. Nu klopt het wel dat mijn ouders en ik niet
van het knuffelen en kroelen zijn, maar ik heb daar absoluut geen problemen
mee. Sterker nog, ik vind het wel prettig om ‘u’ tegen mijn ouders te
zeggen, omdat ik daardoor nooit over de schreef ga en ze zo ook écht zie als
ouders. Hoe kan ik mijn vrienden duidelijk maken wat ik bedoel, want ik voel
me aangevallen over het feit dat ik geen goede band met hen zou hebben.
Beleefde dochter
Beste Beleefd,
De kwaliteit van een relatie heeft niets te maken met of mensen ‘u’ of ‘jij’
tegen elkaar zeggen. Kinderen die hun ouders tutoyeren kunnen een nare
rotjeugd hebben, vousvoyerende kinderen kunnen een innige verhouding met hun
ouders hebben. ‘U’ of ‘jij’ is een kwestie van vorm en wat je gewend bent.
Vrienden horen zich niet te bemoeien met wat in uw familie de gewoonte is en
daar zeker geen kritiek op uit te oefenen. Ouders mogen zelf beslissen hoe
ze worden aangesproken. Ook al is tutoyeren tussen ouders en kinderen
gemeengoed, het is onaangenaam om mensen te bekritiseren die daar toevallig
niet aan meedoen. Er is niet één manier de juiste. U voelt zich door uw
vrienden in de verdediging gedrukt en dat vindt u vervelend. Begrijpelijk.
Het beste is om de kritiek onmiddellijk de kop in te drukken door te zeggen:
‘Aardig van je om je zorgen over mij te maken, maar dat is echt niet nodig.
Ik heb een heel warme band met mijn ouders, daarvoor hoef ik hen niet te
tutoyeren.’
Beste Beatrijs,
Ik werk bij een telefonische helpdesk en beantwoord simpele en ingewikkelde
vragen over milieuwet- en regelgeving. De mensen die ons bellen werken
meestal bij gemeenten en provincies door het hele land. We willen graag een
professionele en vriendelijke uitstraling hebben. Nu weet ik niet zo goed
wanneer ik moet vousvoyeren en wanneer tutoyeren. Ik stel mij voor met voor-
en achternaam. Wordt er ‘je en jij’ tegen mij gezegd, dan doe ik mee, en
hoor ik ‘u’, dan zeg ik dat terug. Maar wanneer ik zelf moet beginnen, weet
ik het niet. Bij de organisaties van de meeste klanten is het gebruikelijk
om te tutoyeren en sommige mensen reageren best allergisch als ik ze
aanspreek met ‘u’. Aan de andere kant vind ik het wel zo professioneel om
met ‘u’ te beginnen. En hoe schakel je dan vlotjes over op de ‘je’-vorm?
U of jij?
Beste U of jij,
Mensen die telefonisch informatie of hulp verstrekken moeten te allen tijde
hun klanten met ‘u’ aanspreken, tenzij er overduidelijk een kind aan de lijn
is. Dus niet op ‘je’ overschakelen, wanneer de klant tutoyeert, maar altijd
‘u’ blijven zeggen. Tenslotte kent u die bellers niet. Het zijn eenmalige,
zakelijke contacten en dan is de code dat er ‘u’ wordt gezegd. Bij mensen
die allergisch reageren op ‘u’ kan ik me niet zoveel voorstellen. Wat doen
ze dan? Worden ze boos? Zelfs tegen die mensen kunt u maar beter ‘u’ blijven
zeggen, want het is voor hen toch echt handig om te weten dat er nu eenmaal
situaties bestaan, waarin mensen elkaar vousvoyeren. Daar kunnen ze maar
beter aan gewend raken.
Beste Beatrijs,
Ouders van vrienden van mijn eigen leeftijd spreek ik (jongeman, 21 jaar)
altijd met ‘u’ aan. Vaak zeggen zij dan vrolijk: ‘Zeg maar Anja, hoor,’ om
mij daarna consequent te verbeteren als ik toch per ongeluk nog eens ‘u’ en
‘mevrouw’ zeg. Natuurlijk probeer ik wel te tutoyeren (als iemand dat op
prijs stelt, omdat hij zich daardoor zo heerlijk jong voelt, ben ik de
laatste om hem die lol te misgunnen), maar ik krijg vaak het gevoel dat
vijftigplussers het idee hebben dat ze míj er een groot plezier mee doen,
als ze zich met ‘Truus’ of ‘Wim’ laten aanspreken. Eigenlijk wil ik dat
helemaal niet. Het zijn mijn vrienden niet. Wat vindt u hiervan?
Laat mij maar ‘u’ zeggen
Beste Laat mij maar,
Mensen mogen zelf bepalen hoe ze zich laten aanspreken. Dat is het recht van
de oudere. U hebt de indruk dat deze vijftigers op een geforceerde manier
jong proberen te doen. Als zij voortdurend tegen elke onbekende achter een
loket of balie ‘zeg maar “jij”, hoor!’ roepen, is dat inderdaad een beetje
meelijwekkend. Maar u hebt het over tutoyeren in informele situaties, waarin
betrokkenen elkaar kennen. En hierin verkeren de babyboomers (die nu tussen
de 50 en 60 jaar zijn) bijna altijd op voornaambasis, ongeacht de leeftijd
van degene die ze tegenover zich hebben. Zo zijn ze dat gewend. Wederzijds
vousvoyeren wordt toegepast tussen onbekenden en bij sociale afstand. Het
eenzijdig tutoyeren (‘jij’ zeggen en ‘u’ terugkrijgen) stuit babyboomers
tegen de borst, omdat ze die hiërarchie niet vinden passen in hun informele
huiskamer. Zie hun uitnodiging om hen te tutoyeren niet zozeer in het licht
van zichzelf jong wanen, maar als teken dat ze u aardig vinden. Het is
trouwens heel makkelijk om te tutoyeren, terwijl u het (intiemere)
voornaamgebruik vermijdt.
Beste Beatrijs,
Veel jongeren, onder wie ik (meisje van 16), vinden ‘u’ zeggen
ouderwets. Wij voelen ons gediscrimineerd als wij bepaalde personen met ‘u’
moeten aanspreken. Wij willen graag gelijk behandeld worden. Ik tutoyeer
bijna iedereen om me heen. De meeste leraren, artsen en ouderen vinden dat
goed. Mijn vrienden en ik willen dat vousvoyeren afgeschaft wordt, net als
in Amerika en Engeland. Ik ben van mening dat iemand die een ander dwingt om
‘u’ te zeggen (bijvoorbeeld een arts tegenover een verpleegkundige)
wegens discriminatie aangeklaagd moet worden. Waar kunnen wij terecht om ons
plan voor te leggen?
Jij-zegger
Beste Jij-zegger,
Je kunt de taal niet van hogerhand veranderen. Het woord ‘u’ is
springlevend. Van het begrippenpaar ‘u en jij’ kun je niet ineens de
helft afschaffen. Dat zou hetzelfde zijn als mensen verbieden om het woord
‘zwart’ te gebruiken, omdat je toevallig meer van ‘wit’ houdt. In
het Engels is de oude beleefdheidsvorm ‘thou’ inderdaad weggesleten ten
gunste van ‘you’. Maar nog steeds willen Engelsen en Amerikanen door
onbekenden aangesproken worden met ‘Mr’ of ‘Mrs’ of ‘Ms’ en niet
met hun voornaam. Beleefdheidsvormen zijn er om afstand uit te drukken. In
alle talen. Dus ook in het Nederlands. In het Frans gaan mensen onmiddellijk
over op ‘vous’, als ze ruzie maken. Ook ouders tegen kinderen en
andersom. Als mensen van jou en je tienervrienden niet het ongewenst intieme
‘jij’ maar het standaard correcte ‘u’, en ‘meneer of mevrouw’
willen horen, dan kun je dat nooit van z’n leven als discriminatie
aanmerken. Geen schijn van kans dat je daar wat voor instantie dan ook warm
voor krijgt. Iedereen heeft het recht om te worden aangesproken zoals
hij/zij verkiest. Jouw ideeën over het afschaffen van de beleefdheidsvorm
zijn onmogelijk, onwenselijk en totalitair. In George Orwell’s boek ‘1984’
staat wat er gebeurt als machthebbers woorden gaan afschaffen. Lees dat boek
en laat het tot je doordringen.
Beste Beatrijs,
Ik heb al zeven jaar een relatie met mijn vriend en zijn ouders willen
niet dat ik hen bij de voornaam noem of hen tutoyeer. Ik heb hun wens
gerespecteerd, maar kreeg steeds meer moeite met het ‘meneer’ en
‘mevrouw’ zeggen. Ik heb een verzoek tot tutoyeren voorgelegd aan
mijn schoonouders, maar dit viel niet goed. Hun opvoedingscultuur
verdraagt dit niet. Zij vinden dat ik qua positie en leeftijd te gast
ben bij hen en dat ik me aan hun spelregels dien te houden. Terwijl
wij binnenkort een kleintje krijgen die zijn opa en oma wel mag
tutoyeren.
Ik kan niet begrijpen waarom zij willen dat ik hen blijf vousvoyeren,
terwijl mijn vriend en zelfs mijn kind je en jij mogen zeggen. We
zitten nu in een impasse. Ik kan met hen niet meer communiceren, maar
ik wil wel dat ons kind ook deze opa en oma kent. Ziet u een
oplossing?
Schoondochter van vreemden
Beste Schoondochter,
Voor de goede orde moeten we onderscheid maken
tussen het tutoyeren en het vinden van een adequate aanspreektitel.
Veel ouderen vinden het vreselijk om door een jongere generatie met de
voornaam te worden aangesproken. Vaak hebben ze meer moeite met
voornaamgebruik dan met het tutoyeren op zichzelf.
Steeds meer schoonouders zetten zich over die drempel heen en laten
zich door hun schoonkinderen tutoyeren èn bij de voornaam noemen,
wanneer op een gegeven moment het ‘meneer en mevrouw Achternaam’
wel erg afstandelijk en formeel begint te klinken. Er is ook
nauwelijks een alternatief, als de betrokkenen geen zin hebben in het
onzinnige ‘vader’ of ‘moeder’. Er zijn ook mensen die hun
schoonouders met 'oma en opa' aanspreken, vanuit het perspectief van
de kleinkinderen als het ware. Misschien kan dit in uw situatie een
oplossing zijn, als uw kindje eenmaal is geboren. U zou ook nog
'schoonmama' en 'schoonpapa' kunnen overwegen als aanspreektitel.
Blijft over het probleem van ‘u’ of ‘jij’. Eerlijk gezegd, heb
ik nog nooit gehoord van het gebruik dat grootouders zich door hun
eigen familieleden ongeacht leeftijd laten tutoyeren, terwijl de
schoonfamilie geacht wordt eeuwig ‘u’ te zeggen. Dit riekt naar
discriminatie wegens afwezigheid van bloedverwantschap. De enige
waarde die u voor uw schoonouders vertegenwoordigt is kennelijk die
van broedmachine om kleinkinderen te produceren. Het is moeilijk dit
pertinente tutoyeringsverbod anders te interpreteren dan als
minachting of antipathie hunnerzijds. Tenzij ze op deze manier hun
misnoegen tot uitdrukking brengen dat uw vriend en u niet getrouwd
zijn, dat kan natuurlijk ook nog.
Vraag aan uw vriend of hij er nog eens met zijn ouders over wil
praten, zonder dat u erbij bent. Laat hem benadrukken dat deze
spelregels absurd zijn. Als hun positie onwrikbaar blijft, zouden u en
uw vriend in ieder geval uw kind tezijnertijd moeten leren om oma en
opa te vousvoyeren. Zodat u niet als enige tijdens bezoekjes de rol
van formalist hoeft te spelen. Er wordt van u als schoondochter
respect verwacht? Goed idee, het kleinkind doet mee.
Beste Beatrijs,
Ik ben werkzaam als verpleegkundige op een polikliniek. Ik roep patiënten
binnen die in de wachtkamer zitten, dan verzoek ik mevrouw Smit of de heer
Jansen of hoe ze ook heten om ergens plaats te nemen. Kleine kinderen noem
ik bij hun voornaam. Het probleem zit hem bij mensen tussen de pakweg 14
en 20 jaar. Het klinkt heel vreemd om tegen een jongen of meisje van 16
mevrouw of meneer Smit te zeggen. Soms staat er een voornaam op het
patientenplaatje, maar dan lijkt het net of ik een bekende van ze ben. Als
je ze bij de voornaam noemt voelen ze zich een klein kind, maar van ‘mevrouw’
of ‘meneer’ krijgen ze een rolberoerte.
Ik heb zelf de leeftijd van hun ouders.
Ik spreek trouwens alle patiënten van boven de 20 aan met u. Buiten mijn
werk zeg ik meestal je en jij tegen zowel jongeren als ouderen. Het
gebruik van 'u' ervaar ik als te afstandelijk en een beetje onvriendelijk.
Ik voel ook een beetje schaamte als men mij met 'u' aanspreekt.
Professioneel u-zegger
Beste U-zegger,
In vroeger tijden gebruikten mensen in dit soort situaties 'mejuffrouw
Smit' of 'jongeheer Jansen'. Deze aanspreektitels zijn in onbruik geraakt.
Alle juffrouwen zijn mevrouw en alle jongeheren zijn meneer geworden. In
uw geval lijkt me het een oplossing om zowel voor- als achternaam te
noemen, als u een (tiener)patiënt binnenroept. Geen enkele tiener zal er
bezwaar tegen hebben om als 'Carla Smit' of 'Theo Jansen' te worden
opgeroepen. Ook voor kleinere kinderen raad ik u trouwens aan om zowel
voor- als achternaam te gebruiken, omdat de kleintjes een vader of moeder
bij zich hebben en volwassenen geconditioneerd zijn op achternamen. Als er
geen voornaam op het patiëntenplaatje staat, dan ontkomt u niet aan 'de
heer Jansen' of 'mevrouw Smit'.
Het alternatief zou zijn om alleen de achternaam te gebruiken en
dat klinkt bruusk en onprettig.
Wat het tutoyeren in het algemeen betreft: u schrijft dat u meestal zowel
jongeren als ouderen tutoyeert, omdat u 'u' een beetje onvriendelijk
vindt. Ook voelt u schaamte wanneer anderen 'u' zeggen. Mensen van
ongeveer dezelfde leeftijd of jonger kunt u wel tutoyeren. Heel veel
mensen doen dat. Toch zou ik u afraden om ouderen vanzelfsprekend te
tutoyeren. Veel ouderen vinden dat te intiem of te opdringerig. Het
verschil tussen 'u' en 'jij' was vroeger gebaseerd op verschillen in
status en macht. Tegenwoordig duidt het op een verschil in intimiteit.
Dichtbije mensen hebben een voornaam en zijn 'jij'. Onbekenden hebben
hoogstens een achternaam en zijn 'u'.
Als mensen 'u' tegen u zeggen, zoals ik nu doe, hoeft u zich daarvoor niet
te schamen. Het geeft inderdaad een zekere afstandelijkheid aan, maar de
meeste korte contacten tussen onbekenden (in winkels, in het openbaar
vervoer, aan de telefoon, voor een loket) zijn nu eenmaal zakelijk en
formeel. U ervaart afstandelijkheid bij het ‘u’ zeggen en dat is ook
precies de bedoeling. Die afstand hoeft trouwens in het geheel niet
onvriendelijk te zijn. Korte contacten tussen mensen die elkaar met ‘u’
aanspreken kunnen bijzonder prettig verlopen.
Beste Beatrijs,
Ik woon in Amerika. Onlangs moest ik met iemand in
Nederland bellen, die ik niet kende. Ik schatte hem van mijn generatie. Omdat het gesprek
over een ernstige zaak ging (een sterfgeval) dacht ik: ik zal ernstig en formeel doen. Dus
ik begon met 'u' en 'meneer', maar hij zei meteen 'je', terwijl hij verder helemaal geen
informele indruk maakte, integendeel. In Amerika komt dit soort onhandige situaties niet
voor. Is het niet veel eenvoudiger om 'u' maar helemaal af te schaffen en net als de
Engelsen en Amerikanen tegen iedereen 'je' te zeggen?
G. van der Kolk, Bethesda (USA)
Het gebruik van 'u' is op z'n retour, maar kan niet op commando verdwijnen. De
breuklijn tussen u-zeggers en jij-zeggers schuift samen met de geboortegolfgeneratie op in
de tijd. Mensen van middelbare leeftijd gaan nu veel informeler met elkaar om dan hun
ouders destijds. De babyboomers hadden het niet zo op volwassenen. Die vonden ze stijf en
niet sexy. Een van de makkelijkste methodes voor oudere jongeren om zichzelf blijvend van
die categorie te distantiëren is het tutoyeren. De veertig-plus vrouw met haar kokette
bezwaren tegen 'u' en 'mevrouw' ('nee, gekkie, dan voel ik me net mijn moeder') is hiervan
het duidelijkste voorbeeld.
Maar voorlopig zijn we nog niet af van 'u' zeggen. Veel vlotte veertigers
moeten toch iets wegslikken, als ze door een blaag van zestien achter de kassa met 'je' en
'jou' worden toegesproken. De protesten (van de protestgeneratie) tegen de gemeenzame toon
die Ikea in zijn folders aanslaat waren niet van de lucht. Het u-gebruik is minder
frequent, maar des te scherper aan impliciete regels gebonden. Het vousvoyeren werd
ingegeven door afwezigheid van intimiteit, dan wel door ongelijkheid in status of
leeftijd. Dezelfde afwegingen worden nog steeds gemaakt, zij het dat er een verplichting
tot symmetrie is ingeslopen. Het hiërarchische jij/u zeggen, zoals vroeger gebeurde
tussen ouders en kinderen en in de meester/knecht verhouding, komt nauwelijks nog voor,
behalve tussen kinderen en volwassenen die niet op vertrouwde voet staan. Opmerkelijk is
dat patiënten, althans de hoogopgeleiden onder hen, vaak 'je' zeggen tegen hun huisarts
en 'u' tegen de doktersassistente. Mensen met hoge status houden mensen met lage status op
afstand door 'u' tegen hen te zeggen. Frequentie van contact kan deze situatie doorbreken.
De werkster is en zegt 'je'; de glazenwasser, de loodgieter en de postbode blijven 'u'.
Zoals gebruikelijk geeft degene met de meeste status de doorslag. Personen die om wat voor
reden dan ook op hun tellen moeten passen (kinderen, jongeren, sociaal lager geplaatsten)
nemen veiligheidshalve niet zelf het initiatief tot 'je' zeggen.
In de Engels-sprekende landen lijkt dit allemaal soepeler te gaan, maar
dezelfde discussie speelt zich daar af over het gebruik van voornamen. Veel Amerikanen
hebben er een gloeiende hekel aan om door autoverkopers, baliepersoneel of telemarketeurs
met hun voornaam te worden aangesproken in plaats van met Mr. Smith of Mrs. Jones. Ze
hebben geen behoefte aan dikke mik met zomaar iedereen. Ook in het informele Amerika zal
het nog lang duren voordat er geen behoefte meer bestaat aan het uitdrukken van sociale
afstand.
