Beste Beatrijs,
Af en toe heb ik het wat treurige gevoel: ‘ik heb niks met haar’. Haar,
dat is mijn mooie kleindochter van acht jaar. We wonen in dezelfde plaats,
ze komt vaak met haar moeder bij ons (opa en oma) en we passen ook weleens
op haar en haar grotere broer. Meestal negeert ze mij. Ze heeft blijkbaar
niets met mannen, want diezelfde houding heeft ze tegenover mijn zoon (haar
oom) die hier ook woont en tegenover andere mannen. Nadat zij baby af was,
heb ik haar nooit meer eens mogen knuffelen en ze heeft ook nooit meer bij
mij op schoot gezeten. Met mijn vrouw doet ze dat allemaal wel. Ze is mijn
kleinkind en ik houd best van haar, maar ik krijg er eigenlijk niets voor
terug en dat al jarenlang. Ik had en heb een beter contact met mijn
kleinzonen en andere kleindochter. Wat moet mijn houding zijn?
Teleurgestelde opa
Beste Teleurgesteld,
Het is spijtig voor u dat uw kleindochter niet wat aanhankelijker is, maar
ik denk niet dat er iets aan te doen valt. Sommige kinderen zijn nu eenmaal
niet van het knuffelige soort of ze zijn er erg kieskeurig in. Dan willen ze
gewoon niet dat er mensen aan hen zitten, en dat is dan dat. Deze personen
moeten dat respecteren, anders krijg je bijzonder onprettige situaties met
gehuil en losworstelpogingen.
Erover praten kan ook niet, want de reacties van het lichaam kunnen door een
kind niet of nauwelijks rationeel worden verwoord – door volwassenen
trouwens ook niet.
Accepteer het. U hebt wel een betere band met uw andere kleinkinderen,
schrijft u. Dat is mooi. Bedenk overigens dat een grootouder vaak
verschillende soorten banden heeft met verschillende kleinkinderen. Met het
ene kleinkind loopt het beter dan met het andere. Een kwestie van
persoonlijkheden die in elkaar vallen. Het komt bijna nooit voor dat een
grootouder met alle kleinkinderen even goed kan opschieten en er even veel
plezier aan beleeft. Ook dat wisselt naar gelang persoonlijkheid en
temperament van de betrokkenen.
Misschien blijft de relatie tussen u en uw kleindochter altijd wat koeltjes.
Misschien ook warmt die later nog op, als ze ouder wordt en bijvoorbeeld een
gemeenschappelijke belangstelling ontdekt. Daar valt niets over te
voorspellen.
U moet de toon en de intensiteit van deze verhouding door uw kleindochter
laten bepalen. Dring haar niets op en roep haar niet ter verantwoording.
Laat haar zelf aangeven wat ze wel en niet leuk vindt. U ziet wel wat ervan
komt of niet.
En nog een laatste adviesje: Houd op met nadenken over ‘dat u eigenlijk
niets terugkrijgt voor uw liefde voor uw kleindochter’. De
grootouder/kleinkind verhouding zou belangeloos moeten zijn. Het zou voor u
voldoende moeten zijn om u te verheugen in haar bestaan.
