Reacties
januari-maart 2007
Reageer op de adviezen of op de website via beste@beatrijs.com of door het invullen van het formulier. De reacties worden hieronder geplaatst, tenzij u er bezwaar tegen heeft.
Archief alle reacties
2003 (vanaf mei)
september/oktober/november/dec
juni/juli/augustus
mei
Januari 2000 - april
2003
Reacties 3
Reacties
2
Reacties 1
Zie voor meer reacties op de problemen die deze week in Trouw staan Beatrijs in Trouw.
Meestal lees ik je antwoorden op vragen van lezers in het dagblad Trouw.
Vanmorgen stond er een vraag in van een ongehoorzaam
peutertje en hij wilde
ook niet luisteren.
Wij hebben ook een kleinzoon die heel lief is maar ook nog al eens onuitstaanbaar.
Je wilt het geloven of niet, maar hij heeft sinds 14 maart een brilletje
gekregen en je kan het ventje niet meer terug.
Hij heeft tot verwondering van iedereen de bril meteen opgehouden of het
nooit anders geweest is en hij is op slag veranderd naar een heel lief
jochie.( kennelijk kon hij niet uitstaan dat hij sommige dingen slecht
zag en daardoor geïrriteerd was)
Het kan ook nog met een allergie te maken hebben. Je zult wel denken waar
bemoeid dat mens zich mee maar ik ben een oma van bijna 70 dus heel wat
levens ervaring.
Ik vind de rubriek in TROUW erg leuk om te lezen, alleen vind ik wel dat
sommige gestelde vragen heel dom zijn. Maar u geeft dan toch nog een zinnig
antwoord geweldig.
Ga zo door.
Groetjes van een oma.
Corry van der L.
Ik ben het fundamenteel oneens met een deel van uw advies/opinie in deze kwestie. Kinderen slaan is vaak een testimonium paupertatis maar het gaat niet helemaal zonder, dat is een ervaringsfeit. Billenkoek (max drie klappen) is dan de juiste oplossing want daar kan weinig fysieke schade uit voortvloeien: van een hoofd moet men afblijven. Zo ver zijn we het denk ik helemaal eens.
Men mag echter naar mijn diepste overtuiging een kind NOOIT slaan omdat zijn geduld op is. Ik vind dat een jammerlijke pedagogische fout en diep onrecht want dat kan het kind namelijk niet helpen. Het kind moet gecorrigeerd worden vanwege onaanvaardbaar gedrag. Als men dat eerst vijf, tien of dertig keer laat passeren, al dan niet met alleen verbale reactie en dan zijn geduld verliest (ik heb dat meerdere malen zien gebeuren) dan krijgt het kind de klap niet om wat het doet want dat deed het al een hele tijd, maar omdat het geduld van de ouder op is.
Dat heeft geen enkele pedagogische waarde omdat voor een kind niet
is te voorzien wanneer de klap komt. Ik propageer daarom altijd het "drieslagstelsel":
bij de eerste keer: waarschuwen; bij de tweede keer: straf aankondigen
en bij de derde keer de straf. Tot drie tellen kunnen kinderen al
heel erg jong. Goed opvoeden is in mijn perceptie een kwestie van
voorspelbaar en rechtvaardig zijn en ook als men dan relatief streng
is doet dat niets af aan de waardering door het kind. Duidelijkheid
is het grootste goed. Ik leerde ooit dat er in pedagogische zin geen
fundamenteel verschil is tussen de omgang met een hond en met een
kind. Geef ze vooral een (met de tijd: groeiend) stukje soevereiniteit
maar trek de grenzen heel duidelijk: dan is ieder kind gelukkig.
Later zag ik in dat het met volwassenen niet anders is.
F. van Velsen
Op uw site las ik het artikeltje 'bidden' onder 'etiquette'.
Zelf ben ik van gereformeerden huize, en als zodanig ook gewend voor mijn eten te bidden, en - komend uit een relatief ouderwets gezin, ook binnen de gereformeerde kringen - werd de etiquette er met de paplepel in gegoten. Zo bestaat er ook een zeer simpele etiquette rondom het bidden voor het eten. Wellicht is deze etiquette inmiddels achterhaald geworden in deze geseculariseerde samenleving, maar ze luidt als volgt: in een klein gezelschap: wanneer men bekend is met het feit dat er iemand aan tafel zit die graag voor zijn eten bidt, dient de gastheer/vrouw voor deze gast om stilte te vragen. Wanneer men onbekend is met de eventuele religieuze gebruiken van zijn gasten, dient men vooraf aan de maaltijd te vragen of er gasten zijn die graag een moment van stilte believen. Om als gast zelf om stilte te moeten vragen schept een ongemakkelijke situatie voor de bidder. In een restaurant of groter gezelschap is het vrij gebruikelijk dat slechts de directe tafelgenoten van de bidder rekening met hem of haar houden, afhankelijk van de situatie door in het geheel even stil te zijn uit respect voor de tafelgenoot, of door op dat moment niet direct het woord tot hem of haar te richten of luidruchtig met de andere tafelbuur te gaan converseren - ongeveer zoals men niet bruut inbreekt op een gesprek dat een tafelgenoot met de tafelgenoot aan zijn of haar andere kant zou kunnen hebben.
De bidder uiteraard heeft in een overigens seculier gezelschap natuurlijk de verantwoordelijkheid zijn gebed niet ellenlang te maken, zoals het ook onbeleefd is slechts onderonsjes met de linker tafelgenoot te houden en degene aan de rechterkant totaal te negeren.
Goed het is een beetje lang geworden, maar ik hoop dat het een zinnige aanvulling op uw advies aan "één bidder" kon zijn.
Martha M.
Allereerst mijn complimenten voor de leuke website. Zelf heb ik een haat-liefdeverhouding met etiquette, net als mijn moeder vroeger. Ze kwam uit een gegoed-burgerlijk, deels joods milieu in Duitsland en hield van een feestelijk gedekte tafel met mooi servies erop, maar lekker eten was toch het belangrijkste. Het deed haar heel veel verdriet als de visite haar met zorg klaargemaakte maaltijd vervolgens op het bord tot moes prakte. Pannen op tafel waren uit den boze, evenals margarine op brood. Eten hoorde een feest te zijn, geen Japanse theeceremonie maar ook geen boerenbruiloft. Zelf denk ik er net zo over.
Een overdreven aandacht voor etiquette en regeltjes - zeker aan tafel - vind ik vaak iets dwangmatigs hebben. Mensen met een overdreven aandacht voor traditionele etikette komen in mijn ogen soms kil en super-formeel over. Persoonlijk doet een warme, vriendelijke glimlach me veel meer.
Met enige verbazing heb ik het verhaal zitten lezen waarin het gebruik van de uitdrukking 'smakelijk eten' besproken werd. Eerlijk gezegd vind ik het onbegrijpelijk dat mensen zich over zoiets druk maken, alsof er geen belangrijker dingen in het leven zijn. Bovendien is de uitdrukking 'smakelijk eten' vaak gewoon vriendelijk bedoeld, en een terechtwijzing kan dan schofferend overkomen.
Etiquette gaat voor mij vooral over omgangsvormen die met wederzijds respect te maken hebben: attent zijn, rekening met elkaar houden, tact, behulpzaamheid, aandacht voor de klant in winkels, enzovoort.
Daarnaast zou ik willen pleiten voor algemeen geldende fatsoensregels, of het nu om tafelmanieren, lichaamshygiëne, taalgebruik of kleding gaat. Dus: geen onsmakelijk gedoe aan tafel zoals met volle mond praten of smakken. Elke dag douchen, oppassen met schuttingtaal, goed verzorgd naar je werk gaan en nadenken over wat je aantrekt, dat is ook belangrijk. Zonder te willen generaliseren durf ik te stellen dat bedroevend veel mensen - en dan vooral mannen - dat al een onoverkomelijke opgave vinden.
Aan de andere kant interesseert het me niet echt hoe je mosselen eet en of je brood met een mes mag snijden. Dat moet iedereen wat mij betreft zelf weten. De vraag of je 'gebakje' of 'taartje' moet zeggen lijkt me echt een absurd luxe-probleem geworden - laten we liever zorgen dat scholieren weer goed Nederlands leren op school. 'Gebakjes' heb ik thuis overigens leren associëren met de banketbakker, 'taart' maakte mijn moeder zelf.
Edith
Ik was erg teleurgesteld door uw antwoord op de
brief van 10 februari 2007, 'Hoe heet' over het gebruik
van de naam van de echtgenoot door een gehuwde
vrouw. U weet misschien niet, dat dat niet- zoals
u zegt- 'haar naam' is. Het is haar naam helemaal
niet, ze mag deze naam gebruiken als ze dat wil.
En dan begint het gedonder, zoals wordt geschetst
in de brief van 10-2. Een vrouw trouwt, neemt
naam aan van echtgenoot, die overlijdt, een ander
volgt, evenals de andere naam. Op het laatst weet
de arme vrouw zelf niet meer hoe ze heet, terwijl
dat voor de burgerlijke stand toch heel duidelijk
is en blijft: ze heeft maar één naam: die van
haarzelf, zoals ze die tot voor- kort van haar
vader kreeg. Een voorbeeld: bij officiële
gelegenheden moet een vrouw altijd haar
(meisjes)naam opgeven. Belachelijke term, in deze
tijd. Een naam hou je altijd, ook al ben je dood,
meisje of stokoude vrouw. Ik had even gedacht een
geëmancipeerder geluid van u te kunnen verwachten. Misschien kunt u er nog eens op terugkomen.
Margreet B.
Het
moet me toch even van het hart dat een
getrouwde vrouw in Nederland het recht
heeft de naam van haar man te gebruiken,
niet de plicht. Maar wat belangrijker
is: de naam van haar man is niet haar
naam, al wordt dat vaak wel gedacht (en
zoals u vandaag in de krant suggereert
met het zinnetje "dat is gewoon haar naam").
Getrouwde vrouwen die studeren moeten er
vaak aan wennen dat ze op universiteit
en hogeschool door het leven gaan onder
hun eigen naam - en niet die van hun man
(ze vinden dat soms zelfs vervelend!
Alsof er iets mis is met hun eigen naam!
). Een diploma is echter ongeldig als
daar niet haar eigen naam op staat. Ook
andere officiële documenten worden
altijd op de eigen naam van de vrouw
gezet - als ze daar prijs op stelt wordt
er achter genoteerd: e.v.
....(echtgenoot van...) en dan de mans
naam. Kijk maar op rijbewijzen en
paspoorten.
Bij een scheiding gaan vrouwen meestal
hun eigen naam weer gebruiken, met als
gevolg dat je iedereen op het werk uit
moet leggen dat je in een scheiding
ligt. Mannen hebben daar dan geen last
van - het e-mailadres en alles blijft
gewoon gelijk. Zij heten hun leven lang
zoals ze heten en zo noemen zij zich
ook, zonder achtervoegsels om aan te
geven dat ze getrouwd zijn.
Stel je diploma staat op je mans naam,
maar je gaat scheiden, dan klopt het
niet meer. Stel je trouwt opnieuw en
besluit wederom de naam van je tweede
man te gaan gebruiken, dan zou er op een
volgende diploma een andere naam staan.
Maar wie ben je dan? Hoe heet je dan?
Antwoord: je hebt maar één naam en dat
is je eigen naam (en niet je
meisjesnaam, want je bent een volwassen
vrouw...). Deze eigen naam verlies je in
Nederland niet (zoals in andere landen
soms wel), gelukkig niet!
Vrijwel niemand weet dat ook mannen het
recht hebben de naam van hun vrouw te
gebruiken - en in hun paspoort ook de
toevoeging e.v. kunnen krijgen. Maar ja,
mannen voelen daar niet voor, zouden
vrouwen trotser zijn dan mannen op hun
huwelijkse staat?
U zult het vast niet in uw rubriek terug
laten komen, maar zoals hierboven staat:
het moet me toch even van het hart.
Vooral omdat we dit op de hogeschool te
vaak uit moeten leggen aan studenten die
denken dat ze hun eigen naam kwijt zijn
en een diploma willen op de naam van hun
man.
Japke M.
In Trouw van 3 febr. 2007 worden twee voorgelegd hoe om te gaan met erfenis-toestanden. Toevallig hoorde ik dat weekend hoe mijn vader een keer zoiets in de familie heeft aangepakt. Het betrof de verdeling van wat gouden sieraden.
Jeanette M.
Ik was geschokt
door uw antwoord op de 'stinkende
buurjongen'-brief. Allereerst de
suggestie dat wie stinkt, zich wel niet
zal wassen. Dat hoeft namelijk niet zo
te zijn. Ook kinderen die zich dagelijks
wassen, maar synthetische kleding dragen
en zich flink inspannen, kunnen een
behoorlijke zweetgeur verspreiden (een
extra tip dus aan de moeder: het kind
alleen wol of katoen laten dragen).
Nog erger vind ik het advies om het kind
dan maar zelf onder de douche te zetten:
hiermee ga je ver over de grens van het
kind en de ouders heen! Ook een kind van
6 kan zich bewust zijn van de
vernedering (handen en gezicht wassen
ziet hij het zoontje waarschijnlijk ook
nog wel doen). Hoe gaat die moeder dat
uitleggen: 'Alle vriendjes van Joris
gaan eerst onder de douche' ? En dan het
omkleden: uit ervaring
(verjaardagsfeestjes waarbij limonade
e.d. omging) weet ik dat sommige jonge
kinderen niet graag kleren van anderen
dragen (mogelijk omdat ze dan het gevoel
hebben een andere identiteit te
krijgen).
En niet in de laatste plaats, als jij
het kind van een ander uitkleedt in jouw
huis zonder dat die ouder het goed
vindt, plaats je jezelf in een wel heel
kwetsbare situatie. Niet doen dus!
Wat wel kan is met je kind afspreken dat
hij met dit vriendje alleen buiten mag
spelen of, wanneer je het jongetje toch
binnen laat spelen, na vertrek veel
wierook branden of een spuitbus (Oust
oid) hanteren. Voor het overige veel lof
voor uw vaak tactische oplossingen bij
botsingen in het intermenselijk verkeer.
Annelies R.
Iedere zaterdag lees ik met veel plezier
uw rubriek in Trouw. Vandaag stond er
een vraag in van een
zorgassistente
die in een verzorgingstehuis wordt
lastig gevallen door een oudere man.
Waarschijnlijk is uw antwoord afdoende,
Er is echter een kans dat de betrokken
patient aan een of andere vorm van
dementie lijdt. Dementie kan gepaard
gaan met ongeremd en/of ongemanierd
gedrag. In dat geval heeft het weinig
zin om iemand vermanend terecht te
wijzen, omdat deze persoon niet begrijpt
wat hij fout doet. Over dit onderwerp is
wel het een en ander bekend bij de
Stichting Alzheimer Nederland, waar ik
tot voor kort werkzaam was. Zie
www.alzheimer-nederland.nl
of 030 - 6596 900 (mevrouw Appels of
mevr. Van der Poel). Wellicht is uw
brievenschrijfster hiermee geholpen.
Marc W.
In Trouw van
vanmorgen zag ik het stukje over
de
oude man die jonge meisjes lastigviel.
Ik wil er graag op reageren.
Allereerst lijkt me van belang hoe het
hoofd van deze man is? Hij kan
bijvoorbeeld dement zijn of iets
dergelijks. en er misschien niets aan
doen dat hij zo reageert. Wel zou je
zo'n man moeten proberen bij te sturen.
Maar ik ken een vrouw, haar man - een
oud-politieagent - was dement geworden.
Zij las in het dossier van haar man dat
hij "jonge meisjes lastig viel". Zij
kreeg op een dag een meisje van de
verpleging op bezoek. Gekleed in zwarte
netkousen, mini rok en laag uitgesneden
bloesje. Haar man reageerde daar op.
(Lijkt me wel logisch bij een hetero
man.) Echter, een demente man reageert
natuurlijk anders op dergelijke prikkels
dan een "normale" man. Helaas voor de
demente man wist hij dit niet in te
houden. De vrouw van deze man heeft het
meisje verteld dat ze erg verdrietig was
door te moeten lezen in de dagrapporten
dat haar man jonge meisjes lastigviel,
maar waarom zij er zó gekleed bij liep
bij deze kwetsbare mannen? Dat zij
misschien ook beter moest letten op haar
kledinggedrag bij deze mannen. Dat zulke
mannen er misschien niets aan konden
doen dat ze zo deden?
Dit moest mij toch even van het hart.
Want het dreigen met de "hoofdzuster" is
mij wat te kort door de bocht bij mannen
die -misschien- er niets aan kunnen
doen? Wat niet wil zeggen dat zulke
meisjes alles moeten tolereren, maar op
hun eigen gedrag letten kan misschien
preventief werken?
Joke R.
Geachte mevrouw Ritsema,
Graag wil ik reageren op het stukje van
de 'verlegen'
jongen van 11 jaar. Daarin vragen ouders
hulp voor hun zoon. De hulpvraag was al
gesteld aan de juf van deze jongen. Juf
denkt dat er geen sprake is van
faalangst. Ik denk dat dit niet zo' n
belangrijke veronderstelling is.
Belangrijker is: hoe komt deze jongen
van zijn extreme verlegenheid af. Uw
advies is een aantal leidende gedachten,
oa.: 'wat moet dat moet' (afleren van
verlegenheid kun je niet afdwingen).
Ik kan van mijzelf zeggen dat ik enige
ervaring heb met kinderen die niet
'goed' functioneren in groepen.
Ik werk als kernteamleider op een
scholengemeenschap binnen de richting
lwoo. Wij hebben veel te maken met
leerlingen die niet weten hoe zij zich
moeten gedragen.
Wij hebben voor deze leerlingen een hele
goede training gevonden en misschien
heeft u er wel van gehoord: De
Kanjertraining.
In deze training leren kinderen hoe ze
zorgvuldig met elkaar om gaan. En het is
de enige training die helpt!!! (hij gaat
nl. rechtstreeks naar het probleem toe).
Wij zien hele groepen leerlingen
veranderen (blijvend).
De leidende gedachten bij de
Kanjertraining zijn:
• We vertrouwen elkaar
• We helpen elkaar
• Niemand speelt de baas
• Niemand lacht uit
• Niemand doet zielig
Ik ben zelf Kanjertrainer en heb de
opleiding gevolgd bij de bedenker van de
Kanjertraining drs. G. Weide.
Ik kan er veel over vertellen maar het
is voor de ouders raadzaam om eens te
kijken op de site van de Kanjertraining,
www.kanjertraining.nl
Het verlegen kind zal na een half jaar
niet meer verlegen zijn en weten hoe hij
met anderen moet omgaan.
Rest mij nog te zeggen dat u
verhelderende adviezen geeft.
Richard S.
Met veel
interesse lees ik elke week uw rubriek
in Trouw. Meestal ben ik het wel eens
met uw adviezen en bovendien is het niet
mijn gewoonte om als derde te reageren.
Op een punt echter denk ik dat u niet
bekend bent met gewoonten in een bepaald
deel van het land.
Het betreft het zinnetje op
uitnodigingen voor
een feest: cadeau suggestie
en vervolgens een envelopje. U keurt dat
telkens af en u laat zich er nogal
laatdunkend over uit. Wij wonen als
westerlingen nu 18 jaar in Twente waar
dat beruchte envelopje heel gebruikelijk
is
Het is heel gebruikelijk dat je 300 of
400 mensen voor een huwelijksfeest of 25
jarig huwelijksfeest uitnodigt. Dat niet
alleen op het platteland maar ook in de
steden Enschede, Hengelo en Almelo is
dat het geval evenals in Salland en de
achterhoek. Voor zo'n feest moet je soms
meer dan een jaar tevoren een zaal
bespreken. Het kwam ons ook nogal
bijzonder over om van jonge mensen
onlangs te horen dat ze in mei 2008 gaan
trouwen. Dat is vooral toe te schrijven
aan het huren van een zaal,die niet
eerder beschikbaar is.
Zo,n feest heeft altijd hetzelfde
stramien. Bijvoorbeeld bij een 25 jarig
huwelijksfeest kom je om 20 uur. Er
staan lange tafels met bordjes erop "de
buurt","de tennisclub",de collega's"daar
ga je zitten,krijgt koffie met gebak en
vervolgens vraagt de ober wat je wilt
drinken. De ober schenkt de hele avond
hetzelfde door en alleen op
uitdrukkelijk verzoek kan je overstappen
op een ander drankje. Er speelt een band
- vaak zo hard dat je je buren
nauwelijks kunt verstaan. Op een bepaald
moment moet het bruidspaar op twee
stoelen gaan zitten,worden in de
serpentines gewikkeld en met stoel en al
onder luid gezang opgetild.
Je zit de hele avond op dezelfde plaats
en na een dansje of zo keer je weer
terug naar je oude plek.
De obers schenken zo frequent mogelijk
in. Die bruiloften kosten een
vermogen,soms steken jongelui zich
daardoor voor jaren in de schulden. Om
24 uur of 0.30 is de laatste dans, je
krijgt koffie en krentenwegge en wordt
geacht dan naar huis te gaan.
In dat licht moet u die envelopjes op de
uitnodiging zien. Ten eerste wat moet je
met 300 tot 400 cadeautje en ten tweede
wordt het ontvangen geld dikwijls
gebruikt om daarmee althans een deel van
het feest te kunnen betalen. Voor de
hoogte van de bijdrage bestaan zelfs
tarieven. Ben je een tijdje niet op zo'n
feest geweest dan moet je bij kennissen
vragen hoe hoog het tarief nu is. Bij
een trouwerij wordt je geacht zo"n € 50
te geven en voor een feest waar je
alleen voor de avond bent uitgenodigd
tussen de € 17.50 en € 20.Het is
gebruikelijk dat at het bruidspaar staat
opgesteld bij binnenkomst om hen te
feliciteren met een bus of melkbus
ernaast,waarin je dan je enveloppe kunt
deponeren.
Ik schrijf u over deze gebruiken opdat u
wat genuanceerder over de
cadeausuggestie met een envelopje
erachter zult
kunnen oordelen.
H. Pijlman
Als
trouwe lezer van jouw vragenrubriek ben
ik het vaak het helemaal met jouw
adviezen eens maar deze keer niet. Het
betreft het aantal malen per week dat er
gedoucht
zou moeten worden.
Jij adviseert met klem elke dag te
douchen / even af te spoelen.
Voor niet transpirerende, niet sportende
mensen is het mijns inziens niet
noodzakelijk om elke dag te douchen / af
te spoelen.
Ik ben arts voor natuurgeneeskunde en
gebruik mijn neus heel goed. Ik kom
zelden een irriterende zweetlucht tegen,
wel een veel te sterke deodorant- of
aftershavelucht, die mij soms hoofdpijn
bezorgt. Ik douche zelf twee maal per
week grondig en was elke ochtend mijn
oksels. Ik zie regelmatig mensen met een
droge huid en eczeem waarbij zelfs
afspoelen al ontvettend werkt. Ik
adviseer daarom 2x per week te douchen.
Ik kom ook wel eens mensen tegen waarvan
de kleding onfris ruikt doordat zij hun
kleding niet luchten.
Ik wens jou een gezond en wel 2007 met
veel frisse mensen om je heen en leuke
vragen.
Leo H., arts voor natuurgeneeskunde
