Spring naar inhoud


Oog in oog met de behoeftige medemens

In de categorie bedelaars horen treinmuzikanten bij de allerergsten. Een man, meestal met een accordeon, die wagon na wagon steeds hetzelfde afschuwelijke deuntje ten gehore brengt. Tegenwoordig kom ik ze nooit meer tegen – de NS heeft korte metten met deze terreur gemaakt -, maar van een paar jaar geleden herinner ik me, ook wel eens in de metro, de claustrofobie die mij beving, als er weer eens zo iemand de situatie auditief kwam verkrachten. Eigenlijk is dit geen bedelen meer, maar afpersen, zoals een getergde winkelier een orgeldraaier die zich voor zijn deur posteert een tientje geeft om alsjeblieft honderd meter verderop te gaan staan.

De beklemming komt voort uit het willoos overgeleverd zijn. Van violisten die in een restaurant doen alsof ze speciaal voor een dame in vurig gefiedel uitbarsten moet ik ook niks hebben. Moet je je conversatie stil leggen? Moet je gevleid glimlachen? Mag je doorgaan met eten? Word je geacht je portemonnee tevoorschijn halen als hij klaar is of bederf je dan juist het toneelstukje? Iemand die een boterham probeert te verdienen met musiceren in het openbaar zou dat alleen moeten doen op plaatsen waar toehoorders zich vrijwillig naar toe en vanaf kunnen bewegen. Al het andere is overlast en overheersing.

Bedelen is natuurlijk per definitie een opdringerige bezigheid. Een bedelaar is wel gedwongen om aandacht te trekken, anders heeft niemand in de gaten dat hij bedelt of geld inzamelt voor een goed doel, wat globaal in dezelfde sfeer zit. De overeenkomst tussen een dakloze die om een euro vraagt en een filantropische organisatie die een nationale inzamelingsactie houdt is dat onbekenden vrijwillig afstand doen van een meer of minder substantiële som gelds. In deze sector met alle sponsoring en crowd funding erbij gaat onvoorstelbaar veel geld om. Individueel geefgedrag hoort bij de menselijke geboden, zoals je ook in zekere zin moreel verplicht bent om een fooi te geven in restaurants. Het is niet verplicht op de manier waarop je verplicht bent belasting te betalen, maar als je nooit eens ergens geld aan schenkt ben je een gierig en dus onaangenaam mens.

Als ik ja zeg, word ik opgelicht, en als ik nee zeg, heb ik een basalten ziel.

Spijtig genoeg vormen regelmatige overschrijvingen naar favoriete zorgvuldig uitgekozen goede doelen geen oplossing voor het probleem van oog in oog staan met aanbellende collectanten of met bedelaars die voor zichzelf werven. De ideële verschillen tussen die twee groepen worden volkomen weggevaagd door irritatie over hun vraag naar mijn geld. Ik wil geen Joris Goedbloed zijn, maar ook geen Scrooge. Als ik het gezeur honoreer, heb ik het gevoel opgelicht te zijn, en als ik nee zeg, heb ik een basalten ziel.

Van de week liep ik in een dure winkelstraat in straf tempo twee slenterende, kletsende vrouwen voorbij, de een zwart en de ander blank. Een gezellig tafereeltje, precies waar Stephan Sanders toe opriep in zijn stuk over de hortende integratie tussen zwart en blank, zowel op het werk als in de vriendschap. ‘Ha, op den duur komt dat vanzelf goed’ dacht ik.

Vijf seconden later riep een van de twee mij achterna: ‘Mevrouw, mag ik u wat vragen? Hebt u misschien een paar euro voor me?’ Ik werd bevangen door woede, teleurstelling en schaamte over mijn roze bril. Terwijl ik wat muntgeld bij elkaar viste, sprak de vrouw door over haar zieke dochter en dat zijzelf sinds gisteren niet gegeten had. Dat ergerde me nog meer. Zag zij niet dat ik bezig was met dokken en dat verdere uitleg niet nodig was? Van bedelaars interesseert het me niet waar ze het geld voor nodig hebben, al kopen ze er heroïne van. De vrouw ging door met lamenteren. ‘Het kan me niet schelen!’ riep ik en liep door. Een bedankje kon er niet af. Er was iets helemaal mis gegaan bij deze ontmoeting.

Artikelen in Column.


Een reactie

Blijf op de hoogte, abonneer je op de RSS feed voor reacties op dit artikel.

  1. Evelien schrijft

    In zulke gevallen is de oplossing om gewoon door te lopen en te zeggen: “Sorry, helaas heb ik geen contant geld, ik pin altijd alles”. In mijn geval is dat ook de waarheid. Naar goede doelen boek ik geld over.



Sommige HTML is toegestaan