Beste Beatrijs,
Onlangs vierden mijn man en ik samen onze verjaardagen met onze familie.
’s Middags zijn onze eigen kinderen ook van de partij, in de avonduren
is het een familiefeestje voor de ouderen. Deze keer brachten mijn oudere
zuster en haar man hun zoon van 18 mee. We keken even verbaasd op dat hij
óók voor de deur stond, maar lieten het drietal natuurlijk binnen. Het
bezoek bleef tot in de kleine uurtjes en allerlei familiezaken passeerden
de revue. Niemand leek zich eraan te storen dat deze neef van 18 erbij zat
en alles mee aanhoorde, zelfs wijsneuzig commentaar gaf. Ik voelde me er
erg ongemakkelijk onder, vind de financiële en huwelijkse zorgen van
niet-aanwezige familieleden, of de eigenaardigheden van de evenmin
aanwezige opa niet voor de oren van zo’n neef of kleinzoon bestemd. Hoe
ga je hiermee om?
Neef luistert mee
Beste Neef luistert,
Ik kan me wel iets voorstellen bij uw reserve. Bepaalde onderwerpen lenen
zich minder voor de oren van kinderen. Anderzijds denk ik dat het
generatieverschil op een gegeven moment wegvalt. Een neef (kleinzoon) van
18 is volwassen. Als er iets aan de hand is met opa of met een broer of
zuster, zingt die informatie rond in de familie en komt ook bij de
jongeren terecht.
U voelt u ongemakkelijk, als er over niet-aanwezige familieleden wordt
gepraat, terwijl uw neef van 18 erbij is. Waarom? Omdat het teveel op
roddelen lijkt? Maar het ís roddelen. Vraag uzelf af: zouden de
niet-aanwezige familieleden het vervelend vinden als ze wisten dat er zo
over hen werd gepraat? Als dat het geval is, dan moet dat überhaupt niet
gebeuren, los van het feit of die 18-jarige er wel of niet bij zit. Als ze
het niet erg vinden (omdat ze weten dat er altijd over niet-aanwezigen
wordt gepraat - dat doen ze zelf namelijk ook), dan maakt het ook niet uit
of jongeren van een generatie later daar bijzitten. Familie is familie en
iemand van 18 wordt geacht niet meer te schrikken van de zaken des levens.
Ik zie weinig bezwaarlijks in deze gang van zaken, sterker nog: dit is de
manier waarop het nu eenmaal toegaat in families die een hechte onderlinge
band hebben en gewend zijn elkaars wel en wee door te nemen. Zolang er
niet kwaadaardig over niet-aanwezigen wordt gesproken, is er niets aan de
hand.
