Beste Beatrijs,
In de vakantie vorig jaar waren we in een bekend toeristisch oord in
Tsjechië. Veel vakantiegangers onder wie natuurlijk Nederlanders. We
slenterden over straat. Op de stoep naast ons was een gezin (zo te zien)
bezig met een discussie die nogal heftig was. Deze discussie ging in het
Nederlands. Toen ik er vlakbij was, gaf de vader een jongen in dit
gezelschap (wellicht zijn zoon) van ongeveer 14 jaar een klinkende oorvijg.
Ik schrok en was zo beduusd dat ik niet reageerde. Achteraf heb ik daar
spijt van. Ik had er wat van moeten zeggen, denk ik nu. Wat vindt u?
Getuige van een oorvijg
Beste Getuige van,
De vraag is wát u dan had moeten zeggen. Er zijn verschillende
mogelijkheden: ‘Hé, niet slaan!’ ‘Rustig aan, een beetje!’ ‘Kunt
u wel tegen een kind?’ ‘Waarom praat u de zaak niet uit in plaats van
erop los te rammen?’ ‘Kan ik soms ergens mee helpen?’ Ik probeer iets
geschikts te vinden, maar bij elk zinnetje had u keihard ‘Waar bemoei je
je mee?!’ teruggekregen. Deze man was boos. Hij gaf een kind een flinke
klap op z’n hoofd. Dat hoort helemaal niet. Dat weet die man ook wel. Als
omstanders hem hierop attent maken, wordt hij nog bozer. De jongen zal er
niet mee geholpen zijn. Misschien keert de man zich met verdubbelde inzet
tegen degene die kritiek uit, dat kan ook nog. Je weet als toeschouwer niet
of die klap een uitzondering vormt of dat Pa zijn kroost voortdurend lens
slaat. Buren of bekenden die weten dat kinderen regelmatig geslagen worden,
moeten actie ondernemen. Voorbijgangers die echt grof geweld zien gebeuren,
moeten ook ingrijpen of althans de politie bellen. Wat u zag vind ik een
twijfelgeval. Zolang die jongen niet tegen de grond geslagen werd en het bij
een klap bleef, kan men zich er beter niet mee bemoeien, omdat afkeurend
commentaar zo weinig zin heeft. De man zal er niet tot inkeer door komen. U
hoeft zich dus ook niet schuldig te voelen, want wat u wel of niet zegt,
maakt voor de routine in dit gezin helemaal niets uit.
