Moderne Manieren
| 1 | 2 |

Beste Beatrijs,
De laatste tijd heb ik nogal eens meegemaakt dat mensen (privé en op het werk) buiten mijn medeweten een aan hen gerichte persoonlijk e-mail van mij doorsturen naar een ander. Dat merk ik dan als die ander mij aanspreekt op de inhoud van mijn mailtje. Ik vind dat erg onplezierig. Het lijkt me logisch als de eerste ontvanger mij toestemming zou vragen voor doorzending of althans mij dit zou mededelen. Je kopieert toch ook niet een brief om die naar allerlei anderen door te sturen? Als ik wil dat anderen op de hoogte zijn van mijn overpeinzingen, kan ik er zelf wel een rondzend-e-mail van maken.
Omdat het zoveel gebeurt, vraag ik me af of ik me hier ten onrechte aan stoor. Hoe staat de etiquette tegenover het doorsturen van e-mails?

Eén ontvanger is genoeg

Beste Eén ontvanger is,
Inderdaad, mensen zouden geen mailtjes moeten doorsturen, zeker geen persoonlijke. Toch gebeurt het. In het zakelijke verkeer is daar ook weinig op tegen. De doorgestuurde e-mail kan collega’s snel en efficiënt ergens over informeren. Bij persoonlijke e-mails tussen vrienden zou u erop moeten kunnen vertrouwen dat uw vrienden de verleiding van de forward-knop weerstaan. Maar telkens weer leert de praktijk dat ze dat niet kunnen. De slotsom luidt dat e-mailprivacy een mooi concept is maar niet levensvatbaar. Daarom raad ik u aan niet te mailen als u iets vertrouwelijks hebt mede te delen. Gewoon niet doen. Want uw correspondenten sturen het net zo makkelijk door en spelen dan de verbaasde onschuld als u protesteert (‘O, ik wist niet dat je daar moeilijk over zou doen, sorry, hoor!’)
Grijp de telefoon, vraag belet, spreek onder vier ogen. Men zal de dingen blijven doorvertellen, maar het herhalen van gesproken woorden kan minder kwaad dan het repeteergeweer van de forward-knop, al was het maar omdat gesproken woorden altijd kunnen worden ontkend.


Beste Beatrijs,
Van de week was het weer raak. Ik kreeg een e-mail van een kennis, die bij opening een kettingbrief bleek te zijn. Deze keer ging het om een Braziliaans jongetje dat een harttransplantatie nodig had, en of ik de e-mail maar door wilde sturen naar iedereen in mijn adressenbestand. Of het nu om virus-waarschuwingen gaat, of moppen, of het verzamelen van ‘handtekeningen’ voor het een of andere goede doel, ik ben elke keer weer hevig teleurgesteld als iets wat eruit ziet als een persoonlijk mailtje irritante onzin bevat. Die ik tot overmaat van ramp geacht word door te sturen. Hoe kan ik verschoond blijven van deze ongewenste e-mails?

Gesteld op netiquette

Mensen die er niet over zouden piekeren om per ouderwetse post aangekomen kettingbrieven door te sturen naar vijf van hun kennissen, gaan vaak wel degelijk in op soortgelijke verzoeken die hen per e-mail bereiken. Waarom ze dat doen is mij een raadsel. Misschien zijn ze blij dat ze eindelijk eens de functie ‘send to all’ kunnen gebruiken. Misschien voelen ze zich belangrijk of rechtschapen, wanneer ze kunnen laten zien dat ze de goede mentaliteit bezitten (tegen onrecht in de wereld). Misschien denken ze een ander echt een plezier te doen met een mop of een geestige anecdote. Al moet hierbij worden aangetekend dat ze het niet in hun hoofd zouden halen om dezelfde geadresseerde op te bellen met de mededeling: ‘Ik weet een leuke mop, zal ik hem vertellen?’
Ik vrees dat de enige reden voor het sturen van rondzend-e-mails gelegen is in het feit dat het zo makkelijk is. Een, twee klikken met de muis en je hele adressenbestand weet weer dat je niet ligt te vegeteren in je schulp, maar wel degelijk een partijtje meeblaast op het internet. Jammer alleen dat de inhoud van de rondzendberichten zo niksig is. De goedbedoelde viruswaarschuwingen slaan nergens op. Erger nog ze vertonen alle kenmerken van hetgeen ze proberen te bestrijden: de waarschuwing is zelf het virus – als iedereen zich aan de instructies houdt en met exponentiële ijver het non-bericht gaat zitten doorsturen, slaat het internet pas goed op tilt.
Achter ketting-smeekbedes om geld voor goede doelen of achter fantastische aanbiedingen om zelf rijk te worden verschuilen zich oplichters of tenminste mensen die uw tijd stelen met onbenulligheden. Een als persoonlijk bericht vermomde rondzend-e-mail is bedoeld voor honderden ogen. Van vrienden, kennissen of zakenrelaties verwacht men iets toegespitsts - geen reclamefolders, geen dubieuze geldinzamelingsacties, geen flauwe kantoorhumor, geen diffuze circulaires. Het enige bericht dat een rondzend-e-mail rechtvaardigt is een adreswijziging.
Wie zich erg kwaad maakt, kan ‘Return to Sender’ boven de kettingbrieven tikken en het geheel met alle 984 eerder aangeschreven e-mailadressen per kerende mail terugsturen. Dit is wat je noemt een Gebaar. Niet dat u zich geliefd zal maken met deze actie. Waarom die lichtgeraaktheid? zal de gepikeerde zender die zich van geen kwaad bewust was naar u terugmailen. U kunt een bericht toch gewoon deleten, als het u niet bevalt? En dat is ontegenzeggelijk waar, maar soms verdient een irritante speldenprik een irritante speldenprik terug. Laten ze hun junkmail bij zich houden.

(Zie ook de bijlage Netiquette.)