Beste Beatrijs,
Onze zoon is getrouwd met een meisje dat hij kent sinds de middelbare school. Tegenwoordig wonen zij met hun twee kinderen van zes en acht in een ander deel van het land. De ouders van onze schoondochter, aardige mensen, wonen hier in de buurt. Wij gaan vriendschappelijk met elkaar om, komen op elkaars verjaardagen en de andere oma en ik praten vaak over ons favoriete onderwerp: de kleindochters. Ik constateer dat zij de favoriete grootouders zijn, ook al zijn onze kleindochters even spontaan in hun omhelzingen als zij ons begroeten. Op de een of andere manier logeert het gezin altijd bij de andere grootouders en komen ze bij ons alleen maar op bezoek. De andere oma vertelt mij soms enthousiast over de dingen die zij met de kleindochters heeft gedaan, en dan weet ik niet eens dat zij langs zijn geweest! Het maakt op mij de indruk van opscheppen. Ik voel me dan verdrietig en denk: ik wou maar dat ze me dat niet verteld had. Ik neem het haar bijna kwalijk en dat vind ik dan weer kinderachtig van mezelf. Ik ben niet snel jaloers, maar ik heb het idee dat ik jaloers gemaakt wórd. Hoe kan ik hiermee omgaan?
Rivaliserende oma
Beste Rivaliserend,
U worstelt met jaloezie. Dat is niet kinderachtig of overgevoelig, maar menselijk. Iedereen heeft daar wel eens mee te maken, of je nu drie jaar oud bent of 88. Het zit in de mens om zichzelf met anderen te vergelijken en zich daarbij doorgaans tekortgedaan te voelen. Het is overigens niet de schuld van de andere oma dat u zich rot voelt. Zij leeft haar eigen leven en u genereeert zelf uw gevoelens van afgunst. U zou ook willen hebben wat zij heeft en misschien misgunt u haar zelfs wel wat zij heeft. De belangrijkste omschakeling die u moet maken is het loslaten van de vergelijking tussen haar en uzelf. Oké, u denkt dat u een minder hechte verhouding met de kleinkinderen hebt dan de andere oma. Ook als dat zou kloppen, is dat een ramp? Het is geen wedstrijd! Beperk uw probleem tot uzelf: vraag uzelf af of u in het algemeen tevreden bent over de verhouding met de kleinkinderen. Stel dat die andere oma níet in de gelegenheid verkeerde om u regelmatig de ogen uit te steken, omdat ze heel ergens anders woonde, zou u dan minder gekweld worden door afgunst? Of zou u überhaupt meer omgang met de kleinkinderen willen? Meer contact, meer logeerpartijtjes of meer wat dan ook? Als u dat zou willen, doe het dan gewoon. Nodig de kinderen een weekendje uit. Maak plannen voor een dagje uit in de vakantie, stuur hen kaartjes of e-mailtjes. Onderneem dingen. Niet bij wijze van competitie, maar omdat u er plezier in schept. Wanneer u ophoudt met vergelijken en probeert de omgang zo in te richten dat u en de kleinkinderen het leuk hebben samen, verdwijnt de afgunst vanzelf.
Beste Beatrijs,
Ik ben eerder dit jaar oma geworden van mijn eerste kleinkind (jongetje van
nu vijf maanden) en ben uiteraard vervuld van trots en nieuwe omagevoelens.
Mijn zoon en zijn gezin wonen tegenover zijn schoonouders en dit lijkt tot
nu toe voldoende opa en oma te zijn. Altijd als ik bij mijn
zoon/schoondochter ben, is de andere oma er ook. Laatst op een verjaardag
had ik mijn kleinzoon ook eindelijk even op schoot. Binnen vijf minuten
werd de baby echter van mijn schoot gegrist door andere oma met de
mededeling ‘Hij moet eten.’ Hierop togen andere oma en dochter naar de
keuken om hem de fles te geven en vervolgens naar bed te brengen. Ik had ook
zo graag een keer die fles willen geven en voelde me zo verdrietig en over
het hoofd gezien. Later heb ik met mijn zoon gebeld en gezegd dat ik het zo
jammer vind dat ik nooit wat mag met mijn kleinzoon. Mijn zoon reageerde
zeer geïrriteerd met: ‘Het is ons kind en als jullie daarover gaan
touwtrekken dan kom je maar helemaal niet meer.’ Ik schrok erg van deze
uitval. Wat moet ik doen om ook met mijn kleinzoon om te kunnen gaan?
Gepasseerde oma
Beste Gepasseerd,
Ik denk dat uw zoon en zijn vrouw behoorlijk last hebben van (schoon)moeder,
die tegenover hen woont en er met haar neus bovenop zit. Ik kan me zo
voorstellen dat ze af en toe genoeg hebben van de bemoeienissen van oma die
bij het jonge gezin de deur platloopt. Vandaar waarschijnlijk die
korzeligheid van uw zoon tegenover u, de perifere oma.
U moet duidelijker zijn in wat u wil en niet zitten afwachten. U kunt beter
uw schoondochter aanspreken dan uw zoon, want mannen gaan meestal niet over
baby’s. Als u op bezoek bent bij uw kleinkind, moet u uw schoondochter op de
vrouw af vragen: ‘Mag ik hem een flesje geven?’ ‘Mag ik hem in bed leggen?’
‘Mag ik hem nu even op schoot?’ Meteen rechtstreeks en niet achteraf gaan
bellen om u te beklagen, want daar worden mensen zenuwachtig van.
Verder kunt u natuurlijk ook het jonge gezin bij u thuis uitnodigen. Zo ver
reikt de invloed van rivaliserende oma niet, en dan kunt u zich ongestoord
uitleven met de baby. Of bied uw schoondochter aan dat u graag eens wilt
oppassen.
